‘D66 lijkt niet meer op dat clubje nette mensen’

Binnen voormalig regeringspartij D66 is de afgelopen jaren te veel op de persoon en te weinig op de bal gespeeld. Dat heeft het beeld dat kiezers van de partij hebben in negatieve zin aangetast.

Dat concludeert waarnemend partijvoorzitter van D66 Gerard Schouw in een gisteren gepubliceerde notitie over de partij, ‘Klaar voor de klim’. Schouw refereert aan de afgelopen vier jaar, waarin binnen D66 met regelmaat discussie ontstond over de koers en het leiderschap. In korte tijd verloor de partij drie kopstukken (Thom de Graaf, Boris Dittrich en Lousewies van der Laan).

Met name de strijd om het leiderschap tussen Van der Laan en de huidige politiek leider Alexander Pechtold heeft volgens Schouw „een cultuur aangewakkerd waarin discussies over persoon, de échte discussie over de zaak ernstig in de weg zaten”. Dat heeft zijn sporen nagelaten op het aanzien van D66, meent Schouw. De partij wordt niet meer gezien als „een clubje nette mensen”. „Dit alles leidt niet alleen binnen D66 tot een verbeten en krampachtige sfeer, maar het heeft ook zijn weerslag op het imago van D66 naar de kiezer toe, zeker als het via de media wordt gespeeld.”

Oorzaak van de interne onrust is volgens Schouw deels gelegen in de deelname aan het tweede kabinet Balkenende. „Als je deelneemt aan een kabinet, moet je niet op twee gedachten hinken. We straalden teveel uit: we zitten wel in het kabinet, maar voelen ons niet echt thuis.”

Nu D66 geen deel meer uitmaakt van de regering, biedt dat kansen om het politieke profiel van de partij te versterken, meent Schouw. Hij gelooft dat D66, dat sinds 1994 alleen maar verloor bij de verkiezingen, weer „een bruisende ideeënpartij” kan worden. In 1994 had D66 24 Kamerzetels, nu nog drie. Met Pechtold heeft D66 volgens Schouw bovendien weer een „een herkenbare leider”.

Schouw doet verder een aantal voorstellen om D66 er weer helemaal bovenop te helpen. Het D66-congres bespreekt de notitie op 12 mei in Rotterdam, de leden mogen tot 2 april inhoudelijk op het stuk reageren.