Racen met de last van een te warme aardbol

Formule 1 en aandacht vragen voor het milieu lijken twee verschillende werelden. De racewagens van Honda doen het. „Wij zijn door Postbus 51 verkeerd opgevoed. Zuinig en duurzaam is niet hetzelfde.”

Erik van der Walle

Rustig optrekken, ramen dicht en zoveel mogelijk de cruise control gebruiken. Zomaar wat tips om zuinig te rijden waar de ‘milieuwagen’ van Honda zich zondag absoluut niet aan gaat houden. Met de bedreigde aardbol afgebeeld op het chassis scheuren Jenson Button en Rubens Barrichello gewoon door de straten van Melbourne. Met een benzineverbruik van hoogstens 1 op 2.

„Ik heb er een dubbel gevoel over”, zegt voormalig Formule 1-coureur Jan Lammers. „Die lobby voor een beter milieu kan op een raceauto hypocriet overkomen. Anderzijds is het een opmerkelijke actie die mensen tot nadenken zet.”

Eind vorige maand verraste Honda de racewereld met een reclameloze bolide, waar de wereldbol groot is afgebeeld. Via de website myearthdream.com kan iedereen de milieuwagen van Honda sponsoren. Maximaal twee miljoen namen van donateurs kunnen als piepkleine pixels op het chassis terechtkomen.

Lammers blijkt uiteindelijk wel positief te zijn over de actie van Honda. „Samen met Toyota is Honda het meest actief op het vlak van milieu. Bijvoorbeeld rond de ontwikkeling van hybride motoren. Als het een ander merk was geweest, had ik anders geoordeeld.”

Het project van Honda gaat verder dan alleen een originele opdruk. Voordat Button en Barrichello dit weekeinde de gebruikelijke CO2, rubber en stofdeeltjes in de atmosfeer jagen, gingen zij eerst langs de Albert Park Primary School om de kinderen te vertellen over het milieu. En om gloeilampen te vervangen door milieuvriendelijke tl-buizen.

Hypocriet? Of is eigenlijk het hele Formule 1-circus goed voor het milieu? Door uiteindelijk met betere motoren, lichte materialen en efficiëntere benzine te komen die op termijn ook in de spreekwoordelijke Opel Corsa terechtkomen?

„Wat er tijdens een race en trainingen de lucht in wordt gespoten is natuurlijk niet goed voor het milieu. Daar kunnen we kort over zijn. Maar dat geldt ook voor de vliegvakanties die we bijna allemaal maken. Voor mij lijdt het geen twijfel dat de racewereld uiteindelijk een positieve invloed heeft op het milieu”, zegt Tom Meijlink. Als ontwerper van Formule 1-auto’s bij Cooper in de jaren zestig, oud-coureur in de Alpine-klasse, voormalig onderzoeker bij Goodyear en wetenschappelijk medewerker bij de TU van Eindhoven (automobieltechniek) heeft de 71-jarige recht van spreken.

Gewichtsvermindering is volgens Meijlink het belangrijkste middel om de uitstoot van CO2 terug te dringen. „De afgelopen decennia is het gewicht van auto’s enorm toegenomen. Neem bijvoorbeeld de Volkswagen Golf: de nieuwste versie weegt rond de 1.400 kilo, terwijl het eerste exemplaar minder dan 800 woog. Dat is vooral het gevolg van veiligheidseisen”, zegt Meijlink. Door de massa terug te brengen moeten sterke kunststoffen beschikbaar komen die met name in de racewereld worden gebruikt.

„Daar moet de winst voor het milieu uitkomen, want we gaan met zijn allen toch niet minder rijden. De ontwikkeling van de motoren bij de Formule 1 staat volgens mij erg ver af van de gewone auto. Bij het racen gaat het vaak om extreme belasting, bij de gewone auto niet.” Met 18.000 toeren de file inschuiven ligt nu eenmaal niet voor de hand.

Volgens hoogleraar verbrandingsmotoren Rik Baert aan de Technische Universiteit Eindhoven heeft de racewereld ook kennis op het vlak van motoren overgedragen. Neem bijvoorbeeld de turbo of de compacte verbrandingskamer. „Natuurlijk is er overdracht van kennis en zullen ontwikkelaars bij Fiat wel eens bij de neefjes van Ferrari langsgaan.”

Toch gelooft Baert dat de rol van de Formule 1-wereld betrekkelijk is. Het is volgens de Eindhovense hoogleraar niet voor niets dat veel merken prima auto’s maken zonder een rol in de racewereld te spelen. „Uw Opel Corsa moet stil, zuinig en schoon zijn. In de racewereld kan een lager verbruik nuttig zijn, maar de andere factoren spelen geen rol. Daar komt bij dat in de Formule 1 kosten nauwelijks een rol spelen. Bij de Corsa gaat het bij wijze van spreken om dubbeltjes.”

Jan Lammers gelooft dat in het remmen veel winst is te boeken, zowel op het circuit als in de stad. „Het stelt mij teleur dat de auto-industrie daar nog geen oplossing voor heeft. Nu is remmen alleen maar verlies. Het leidt tot warmtevorming en slijtage. Eigenlijk zou de rem een soort trafo moeten zijn die in staat is om de afgenomen snelheid als energie in accu’s op te slaan.”

Zover is het niet. Ook in het zondag te beginnen Formule 1-seizoen zullen de roodgloeiende remschijven weer te bewonderen zijn. Ook bij de nieuwe Honda RA 107 die net zo schadelijk voor het milieu is als de twintig andere bolides. „Die paar raceauto’s hebben vanzelfsprekend geen substantieel effect op het milieu als je aan de andere kant 40 miljoen nieuwe auto’s [de jaarlijkse productie wereldwijd] zuiniger kan maken”, zegt universitair docent Joris Melkert (luchtvaart- en ruimtevaarttechniek) van de Delftse TU. Alleen al de aerodynamica heeft positieve gevolgen voor de gewone auto. „Windtunnels waren aanvankelijk alleen nuttig voor de luchtvaart, maar in de racerij ging het zo hard dat ook daar tunnels werden ingezet. Nu worden die bij elk ontwerp van een auto gebruikt.”

Melkert vindt de actie van Honda allerminst hypocriet. „In Nederland zijn we met zijn allen verkeerd opgevoed door Postbus 51. Je kan het licht de hele nacht laten branden, als de energie maar van de zon of de wind komt. Ik vind het prima dat zo aandacht wordt gevraagd, ook al zijn die wagens niet zuinig. Het gaat om duurzaamheid in deze discussie. En zuinig en duurzaam is niet hetzelfde. Zuinigheid voorkomt alleen erger, maar het vormt zelf de oplossing niet.”