Provincies zijn ten onrechte een boksbal 2

In de twee artikelen over de Provinciale Staten (Opinie & Debat, 3 maart en het commentaar van 6 maart) dient de ondersteuning van kleinschalige ontwikkelingsprojecten door de provincie Noord-Holland als voorbeeld om de provinciale bestuurslaag ter discussie te stellen. Hobbyisme en taakonzekerheid zijn termen die daarbij vallen.

Discussies over effectiviteit van de provinciale bestuurslaag en over beleidskeuzes moeten natuurlijk worden gevoerd. Over de inhoud van die beleidskeuzes kun je twisten, maar dat stelt de legitimiteit van de provinciale bestuurslaag nog niet ter discussie. Ook gemeenten geven projectsteun zonder dat daarmee de legitimiteit van de lokale bestuurslaag in twijfel wordt getrokken.

Gelukkig bestaat in de samenleving een breed politiek en maatschappelijk draagvlak voor betrokkenheid van decentrale overheden, gevoed door internationale afspraken (Rio 1992, Johannesburg 2002) die Nederland mede heeft ondertekend. Niet uit hobbyisme of zelfgenoegzaamheid, maar vanuit een diep gevoelde noodzaak een duurzamere en rechtvaardigere wereld te creëren waarop op alle (ook provinciaal) niveaus in de samenleving moet worden ingezet.