Onrust in Indiase deelstaat

In de Indiase deelstaat West-Bengalen zijn betogingen tegen het doodschieten van 14 boeren door de politie, woensdag, vandaag uitgelopen op gewelddadige confrontaties met de politie. De politie arresteerde in totaal tweehonderd betogers.

In verscheidene steden in de oostelijke deelstaat protesteerde een bonte verzameling van oppositieleden, van extreem-linkse activisten tot hindoenationalisten. In de hoofdstad Kolkata vochten activisten met de politie, wierpen ze wegblokkades op en staken ze stadsbussen in brand. In Malda, een stad op 320 kilometer van Kolkata, werd een staatsbank vernield.

Uit protest tegen het politiegeweld sloten scholen en middenstanders in de deelstaat voor een dag hun deuren. Ook een deel van het openbaar vervoer staakte. Treinen die toch reden, werden door de betogers stilgezet door bananenbladeren over de bovenleidingen te gooien.

Woensdag schoot de politie in op een boerenprotest dat zich richtte tegen een landonteigening voor de aanleg van een industrieterrein bij Nandigram, ten zuiden van de stad Kolkata. Veertien boeren werden gedood. Volgens de politie opende ze het vuur toen de demonstranten met sikkels en zelfgemaakte vuurwapens het terrein probeerden op te komen en de agenten aanvielen. Leiders van de oppositie zeggen uit tv-beelden van het incident op te maken dat de politie niet werd aangevallen.

De aanleg van het industrieterrein bij Nandigram zorgt sinds begin januari voor onrust. Het conflict past in een trend van verzet tegen zogeheten Speciale Economische Zones. In zulke industriële enclaves hanteert de federale regering lagere belastingtarieven om buitenlandse ondernemingen aan te trekken. De aanleg van zulke gebieden gaat echter ten koste van landbouwgrond. „We willen best industrialiseren, maar niet te koste van het bloed van boeren”, aldus een oppositieleider vandaag. (AP, Reuters)