Memoires Pitlo achter slot en grendel na boek

De memoires van Adriaan Pitlo (1901-1987), de befaamde jurist van de Universiteit van Amsterdam, gaan achter slot en grendel. Dit hebben de erven Pitlo, verenigd in twee stichtingen, besloten.

Aanleiding is het vandaag verschenen boek Sans égards van Joggli Meihuizen. De auteur, werkzaam voor het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD), concludeert op basis van door hem geraadpleegde memoires van Pitlo dat de jurist zich „stelselmatig antisemitisch uitliet”. Meihuizen noteerde onder meer Pitlo’s uitspraak dat antisemitisme niet de schuld was van Hitler, maar van de joden zelf.

Volgens J. de Groot, voorzitter van de door Pitlo opgerichte Stichting tot Bevordering der Notariële Wetenschap, heeft Meihuizen „selectief” gelezen. „Pitlo was een ijdele man die zich verveelde. Op hoge leeftijd heeft hij zijn memoires ingesproken, maar die zijn niet voor publicatie geschikt.” De twee stichtingen – de andere is de Stichting Pitlo-fonds – zijn volgens De Groot „niet van plan” de memoires ooit nog te publiceren.

Pitlo, bekend om zijn meerdelige commentaar op het Burgerlijk Wetboek, kwam in de oorlog in conflict met Carel Polak, later minister van Justitie in het kabinet-De Jong (1967-1971). Pitlo had het commentaar op het Burgerlijk Wetboek in bezettingstijd overgenomen van Polak, die wegens zijn joodse afkomst niet mocht publiceren. Over het conflict tussen Pitlo en Polak woedt al langer een debat. De Amsterdamse universiteit, die het copyright heeft op het boek van Meihuizen, staat achter de publicatie.