De cirkelgang van de mens in bed

Graham Swift: Morgen. Vertaald door Else Hoog, De Bezige Bij, 269 blz. €18,50. De Engelstalige versie, Tomorrow verschijnt in mei bij Picador, 248 blz. 22,99.

De uren dat een mens nog maar net is, zijn zeer kostbaar en zeer privé. Alles is stil, niemand stoort je, het alledaagse malen van gedachten is nog niet begonnen. Je zweeft in half bewustzijn, deels droom, deels denken.

Een lumineus idee dus van de Britse schrijver Graham Swift (1949) om in zijn achtste roman Tomorrow, de komende twee maanden alleen in vertaling beschikbaar, zijn hoofdpersoon wakker te laten liggen en niets anders dan dat. De 49-jarige Paula Hook ligt in bed, haar man Mike ligt naast haar te slapen, en elders in huis slaapt hun 16-jarige tweeling. Morgen is de dag dat de ouders de kinderen een groot geheim zullen vertellen, waarna hun aller leven voorgoed zal veranderen. Paula maakt de balans op, in de kalme cirkelgang die de gedachten van een mens-in-bed vaak aannemen, en die door Swift feilloos is getroffen.

Ook in andere boeken van Graham Swift, zoals het Booker-prijswinnende Last Orders of het recente The Light of Day, kijken de hoofdpersonen in lange, interne monologen terug op hun leven. Het statische van deze vertelvorm – alles is voltooid, het personage beschouwt achteraf – compenseert Swift dan bij voorbeeld door zijn verschillende vertellers een eigen milieu, taal en gedachtenwereld mee te geven. Paula Hook is kunsthandelaar, een gevoelige, gearticuleerde vrouw, die denkt in mooie, wat weemoedige zinnen. Een vrouw met een geheim, dat wel, maar geen opmerkelijk literair personage.

Tomorrow is het verhaal van bestendig huwelijks- en moedergeluk, dat nauwelijks spectaculair is. De ouders van Paula en Mike hebben de oorlog nog meegemaakt, zijzelf kwamen elkaar tegen in de jaren zestig, en er volgden jaren van geluk met, uiteindelijk, een tweeling.

Het lijkt wat weinig, voor een hele roman, en dat is het ook. Zo achteraf verteld, heen draaiend om kleine gebeurtenissen (een weggelopen kat, een picknick met champagne), komt dat nog duidelijker naar voren. Vandaar dat Swift erg zijn best doet om dit kleine verhaal grote betekenissen te geven. Via de verhalen over de ouders van Paula en Mike probeert hij het kantelen van de generaties te tonen en tegelijk het totale onbegrip tussen ouders en kinderen.

Via het beroep van Mike, bioloog, probeert hij duidelijk te maken dat het hem gaat om de grilligheid van genen en de oerkracht van de natuur. Zet de mens de natuur naar zijn hand of omgekeerd? Dat laatste, lijkt Swift te zeggen als hij schrijft over de seksuele vonk tussen twee mensen, over tweelingen die met een touwtje aan elkaar lijken vast te zitten, over vaders die de frons van hun zonen overnemen.

Dat alles wil Swift samenbrengen, en omdat hij in een mooi, kalm ritme schrijft lukt dat het hem ook. Maar paradoxaal genoeg haalt juist dit schrijversvertoon ieder spoortje van leven uit zijn boek. In de laatste nacht van haar leven-zoals-het-was keren Paula’s gedachten uitputtend terug naar haar verloving, haar schoonouders en naar haar seksleven. Maar haar huwelijk en de kinderen blijven abstract. Uren denkt Paula na over de conceptie van haar tweeling, maar zij heeft kennelijk nauwelijks herinneringen aan haar zwangerschap, of aan de eerste keer dat zij haar kinderen voelde bewegen. De voorvallen die zij zich wél herinnert, zijn zo zwanger van metaforiek dat die het verhaal nog verder vertragen en verzwaren. Er was bijvoorbeeld die vakantie in Cornwall, waar Kate en Nick bijna in zee verdronken en als het ware opnieuw geboren werden toen hun vader ze uit de kolkende golven viste.

Om zijn heel dun uitgesmeerde plot wat volume te geven, maakt Swift ook rare sprongen, zoals het verhaal over de kat Otis die in het jonge huwelijk het seksleven regelt. Tenslotte wil hij per se nog één spiegeling aanbrengen door ook een generatie eerder een ouder een kind te laten verraden. De mooie stijl en het thema vol mogelijkheden kunnen niet verhullen dat het hier gaat om een krampachtig opgeblazen kort verhaal.