Culturele aanslag van de Hofstad Troupe

Een meisje rent naar een trein die op het punt staat te vertrekken. Tevergeefs. Het is donderdagavond half zes. Drukte maakt zich meester van Den Haag CS. Plotseling rinkelen in de verte bellen. Het meisje kijkt op. In de verte ziet ze een vijftal vrouwen in bontgekleurde hoepelrokken en bijpassende hoofddeksels naderen.

Reizigers kijken verbaasd om zich heen. „Wat een mooie dames”, roept iemand. De vrouwen schrijden voort. Hun rokken ruisen over de stationsvloer. Witte tulpen worden uitgedeeld. In het midden van de hal blijven ze staan. Eén van de vrouwen haalt een vel papier uit één van de vele zakken van haar gewaad. Plechtstatige draagt ze het verhaal van een vluchtelinge voor. Zodra ze klaar is, geeft ze het papier aan een voorbijganger.

De Hofstad Troupe, een gezelschap Haagse artiesten, pleegde vorige week de eerste culturele aanslag in Den Haag. De ‘leden’ werken kennen elkaar via Culturalis, een organisatie die de amateur- en semi-professionele podiumkunsten in Den Haag wil stimuleren. Het doel van de aanslag is de stad vreedzaam te doen opschrikken. „Er is te veel negativisme in de maatschappij. Met deze positieve aanslag willen we mensen oproepen meer open te staan voor elkaar”, zegt regisseuse Elles. Haar achternaam wil ze niet in de krant.

De rokken zijn gemaakt door beeldend kunstenaar Simone ten Bosch. Het idee om verhalen van vrouwen te verweven in de rokken ontstond na de moord op Theo van Gogh. „Ik merkte dat ook de sfeer in de Haagse Schilderswijk waar ik woon, grimmiger werd. Vrouwen – voornamelijk vluchtelingen – konden nergens met hun verhaal terecht. Ik had al eerder een grote rok met veel zakken ontworpen voor een basisschool. Met de tweede rok ben ik gaan rondlopen door Den Haag. De vrouwen die ik tegenkwam vroeg ik briefjes met hun verhalen in mijn rokzakken te stoppen. Later heb ik pakketjes uitgedeeld met lapjes stof, waar ze hun verhaal op konden borduren.”

Dat resulteerde in de Wereldvertelrok. In totaal zijn er zo’n 160 lapjes op de rok genaaid. „Het is een vrolijk kledingstuk, waarmee je mensen uit hun tent kunt lokken. Maar eigenlijk gaat het me niet zozeer om de esthetiek”, zegt Ten Bosch. „Ik wil mensen raken en ze dichter tot elkaar brengen.”

Op het station tonen de rokken hun ontwapenende werking. Eén van de rokkendraagsters staat tegenover een man. Uit een willekeurige zak van haar rok pakt ze het verhaal van Samira uit Irak. Ze leest voor: „In Holland staat een huis. Dat huis wilden wij wel. In Holland staat een huis ja, ja. Maar niet voor ons. Voor ons jarenlang een slaapzaal en slagbomen. Zo leek het of je iedere dag weer opnieuw de grens over moest.” Als ze klaar is krijgt de man het papier in zijn handen gedrukt. Voorbijgangers zijn overwegend positief.

Nederland hoeft zich voorlopig niet veilig te wanen. De Hofstad Troupe beraamt nieuwe aanslagen en Ten Bosch is druk bezig met nieuwe rokken. Zo moet er een tweede rok komen met vrouwenverhalen, een rok met verhalen over borstkanker en een ceremoniële rok voor begrafenissen en crematies. „Ik hoop dat in de toekomst ook mannen willen meewerken.”