‘Thuiswerker werkt zo hard dat burnout dreigt’

VNO-NCW wil thuiswerken stimuleren en zo het fileprobleem oplossen. Maar is thuiswerken voor de meeste werknemers wel zo ideaal?

Werknemers moeten volgens werkgeverscentrale VNO-NCW ten minste één of twee dagen per week gaan thuiswerken. Maar veel werkgevers zijn bang dat hun mensen thuis minder productief zijn. En hoe gemakkelijk is het voor werknemers om met een kind op schoot en aan de keukentafel dezelfde prestaties te leveren als op kantoor?

Volgens onderzoek van Albert Benschop, socioloog aan de Universiteit van Amsterdam, is thuiswerken niet altijd even efficiënt als op kantoor. „Als het kind huilt, weten ouders waar hun prioriteiten liggen”, aldus Benschop. Uit onderzoek dat hij in 2005 deed, bleek dat slechts één op de vijf thuiswerkers die baby’s of peuters thuis hebben, ongestoord kan werken.

Een breder probleem is echter dat werknemers moeite hebben een balans te vinden tussen werk en privé. „Alles wordt door thuiswerken geconcentreerd in één of enkele ruimten: eten, met je kinderen spelen en werken komen samen.” Van de ondervraagde werknemers vindt 84 procent de vervaging tussen zakelijk en privé het grootste risico van thuiswerken.

Ondanks deze problemen werkten in 2005 al meer dan een miljoen Nederlanders minstens een dag per week thuis. Dat aantal zal de komende drie jaar volgens Benschop verdubbelen omdat bedrijven steeds enthousiaster worden over thuiswerken.

Mickey Spier is zo’n enthousiaste werkgever. Zij is voor IBM in de Benelux verantwoordelijk voor telewerken, en vindt de problemen goed te ondervangen. „Ik kan me voorstellen dat thuiswerken onrust geeft. Maar bij ons hebben managers de taak om die problemen te signaleren. Als iemand moeite heeft werk en privé te scheiden, spreken wij daarover.”

Spier ervaart binnen IBM de voordelen van thuiswerken. Werknemers worden creatiever en innovatiever. „Iemand die liever in de avonduren werkt, komt met thuiswerken veel beter tot zijn recht dan wanneer we hem zouden dwingen iedere dag op kantoor te zitten”, aldus Spier. „Mensen zijn ook productiever.”

Onderzoeker Benschop bevestigt dat de angst van werkgevers dat thuiswerkers de kantjes ervan af lopen, ongegrond is. „Gebleken is dat de tijd die werknemers niet in de file staan, wordt omgezet in productiviteit.” Het nettoresultaat van thuiswerkers is dus hoger. „Is het doordeweeks mooi weer en gaan mensen een dagje naar het strand, dan halen ze die tijd in het weekend dubbel in. Het is eerder nodig om die werknemers in te tomen, anders hebben ze binnen de kortste keren een burn-out.”

Bij de Rabobank is men zich bewust van dat risico. De bank voert de komende maanden een project in, waarbij thuiswerken gestimuleerd wordt. Projectmanager Naomi Bisschop zorgt voor begeleiding van thuiswerkers. „Maar mensen dragen daarin ook een eigen verantwoordelijkheid.”

De technische faciliteiten vormen in ieder geval geen belemmering meer. Zij het dat nog niet alle medewerkers met de nieuwe mogelijkheden kunnen werken. „In ons nieuwe systeem kunnen beleidsmedewerkers hun document gezamenlijk opslaan in plaats van apart. Dat werkt voor beleidsmedewerkers veel gemakkelijker. We organiseren trainingen om te zorgen dat onze medewerkers dat systeem ook echt gaan gebruiken.”