Israëlische nationaliteit bestaat wel degelijk 1

Politicoloog Paul Aarts zet samen met Hilla Dayan de lezers van hun ingezonden brief op het verkeerde been (Opiniepagina, 13 maart). Aarts en Dayan menen mijn betoog (1 maart) onderuit te kunnen halen door te stellen dat er geen Israëlische nationaliteit bestaat. Dat laatste is echter aantoonbaar onjuist. Het Israëlische paspoort, dat tweetalig is – Engels en Hebreeuws – bevat een kopje ‘nationality/esrahut’. Daar staat achter: Israëli. In tegenstelling tot wat Aarts en Dayan beweren wordt op geen enkele wijze melding gemaakt van de etnische afkomst of levensbeschouwelijke oriëntatie van de drager. Wellicht refereren zij aan de Israëlische identiteitskaart (teudat zehut), die elke ingezetene van Israël verplicht is bij zich te dragen, en die slechts voor binnenlands gebruik bestemd is. Tot voor 2005 werd op die identiteitskaart de nationaliteit van joodse Israëliërs aangeduid met ‘jood’. Sinds 2005 wordt de nationaliteit van de houder van de identiteitskaart echter niet meer vermeld, maar slechts aangeduid met acht sterretjes. Dat geldt voor alle identiteitskaarten, dus ook die aan Israëlische Arabieren of bijvoorbeeld Roemenen verstrekt zijn. Een persoon die bij het Hooggerechtshof een verzoek had ingediend om op de identiteitskaart weer ‘joods’ op te nemen als nationaliteit, kreeg nul op het rekest. Als, zoals ik eerder betoogde, in de Israëlische wet staat dat je de Israëlische nationaliteit moet hebben om lid van het parlement of de regering te worden, dan geldt dat voor – zoals de praktijk ook uitwijst – alle Israëliërs. Ongeacht of ze joods, Arabisch, christen of Druus zijn.

Priscilla Andoetoe Centrum Informatie en Documentatie Israel (CIDI), Den Haag