Hofdame en kattenkop

Na ‘Hufters en hofdames’ en ‘Simon’ speelt Nadja Hüpscher (34) een hoofdrol in ‘Dennis P.’

Ze doet dat met een verbluffende mengeling van naïviteit en agressie.

Als er nog iets is dat de komische speelfilm Dennis P. redt van de oppervlakkigheid, dan is het de aanwezigheid van Nadja Hüpscher in de hoofdrol. Zij is Tiffany (Tiff), een lapdancer die het hart steelt van de dikke, zweterige Dennis, sorteerder bij een diamantbedrijf en druk bezig zijn werkgever te beroven.

Vrijwel alles en iedereen in deze film speelt zijn rol een-op-een. Dennis (Edo Brunner) is onvolwassen en verongelijkt, zijn vader (John Leddy) geeft hem voortdurend stompen en goede raad en Dennis’ werkgever (Edwin de Vries) klaagt op huilerige toon over onopgehelderde diefstallen. Allemaal kluchtig – behalve het spel van Nadja Hüpscher. Die speelt Tiff met een verbluffende mengeling van naïviteit en agressie.

Het mengsel lijkt voort te vloeien uit de fysiek van Hüpscher. Ze heeft het voorkomen van een eeuwig meisje, maar een paar ogen dat gaten in het filmdoek brandt. Ze kunnen liefde aanwakkeren, maar ook steenkoud kijken – zoals op het moment dat ze Dennis aan hun ‘zakelijke afspraak’ herinnert. Dan zie je geen zacht poezengezicht meer, maar een kattenkop.

In haar nog niet eens zo heel lange, maar wel al veelzijdige acteercarrière (films, toneel, soaps) heeft Hüpscher, naar eigen zeggen meer instinctief dan beredeneerd, gebruikgemaakt van die ambivalentie in haar uitstraling. Ze was het leukste meisje van Hufters en hofdames (1997), dat een kussen op haar gezicht drukt terwijl een hufter haar oraal bevredigt én dat zich uiteindelijk ontfermt over de ‘hofdame’, het watje dat liever over simultaanschaken praat dan meisjes afblaft.

In Hufters en hofdames (Hüpschers debuut) liet Terstall ineens allemaal getalenteerde jonge actrices schitteren die zich sindsdien het etiket ‘Terstall-meisjes’ moesten laten welgevallen: naast Hüpscher nog Rifka Lodeizen, Natasja Loturco en Femke Lakerveld.

Voor Terstall haar castte, stond Hüpscher (1972, Nijmegen) achter de bar in café Thijssen in de Amsterdamse Jordaan, de biotoop van Terstall en decor van de meeste van zijn films. Een acteeropleiding had ze niet gevolgd, ondanks het feit dat ze van jongs af dol was op optreden. In een interview met NRC Handelsblad in 2004 zei ze: „Als ik bij een balletuitvoering zat, kreeg ik hysterische buikpijn van het gevoel dat ík op dat podium wilde staan.”

Meer dan amateurtoneel, dans, viool en piano had ze niet in haar bagage (of het moest haar studie culturele bedrijfsvoering zijn) toen ze begon aan Hufters en hofdames. En toen nóg leek het niet al te serieus. „We waren gewoon een groepje jonge mensen met een bakfiets die een filmpje maakten.” Een salaris zat er niet in bij de low-budget productie.

Maar serieus werd het toch. Hufters en hofdames was een succes en in de volgende drie jaar maakte Terstall drie films – Babylon, De boekverfilming, Rent-a-Friend – waarin Hüpscher steeds een hoofdrol vertolkte. De verschillen tussen haar personages in die laatste twee films laten de reikwijdte van Hüpschers talent zien. In De boekverfilming, waarvoor ze een Gouden Kalf kreeg, is ze een bijna irritant verlegen meisje dat door haar ex gestalkt wordt en door haar psycholoog misbruikt. In Rent-a-Friend is ze de keiharde bedrijfsleidster – met overtuigend Rotterdams accent – van het vriendenverhuurbureau van Marc van Uchelen. Ze had een kort maar ontwapenend optreden in Terstalls Simon. Ze dook op in de kinderfilm Ernst, Bobbie en de geslepen Onix en vanaf vandaag is ze te zien in Dennis P. „Ik ben zo’n kind dat telkens maar weer de vijver in springt, dat het gewoon niet laten kan”, zei ze in een interview. Dat lijkt verdacht veel op valse bescheidenheid.