‘Een wet tegen reltoerisme is lastig’

De onrust in Utrecht lijkt op eerder oproer in Den Bosch. Bossche agenten kwamen nu naar Utrecht om advies te geven. „Veel politie kan averechts werken.”

Utrecht, 15 maart. - Reltoeristen zijn nauwelijks tegen te houden, zegt Otto Adang, lector openbare orde en gevaarbeheersing aan de Politieacademie. Het scheiden van buurtbewoners en buitenstaanders, zoals deze week na de eerste rellen in de Utrechtse wijk Ondiep is gebeurd, is het enige dat werkt. „In de situatie van Ondiep zit er geen grote organisatie achter het reltoerisme. Er is geen criterium waarop je deze mensen kunt verbieden naar Utrecht te komen.”

De politie in Utrecht heeft bij de beheersing van de onlusten lering getrokken uit de rellen van 2000 en 2005 in de Graafsewijk in Den Bosch. In 2000 werd ook daar, net als zondag in Ondiep, een man doodgeschoten door een politieagent. Bossche agenten zijn op bezoek geweest in Utrecht om advies te geven. „Soms moet je op het oog draconische maatregelen nemen om de crisis te beheersen”, zei de chef van het district Utrecht, Stoffel Heijsman, gisteren. De wijk was toen al twee avonden op rij afgesloten. Na de relatief rustige avond van gisteren concludeert de Utrechtse politie dat de maatregelen effectief zijn geweest. Vanavond gaat de wijk even open voor de stille tocht.

Volgens Adang is er destijds in Den Bosch te lang gewacht met ingrijpen, waardoor de politie achter de feiten aanliep. Ook in Utrecht had de politie maandag aanvankelijk geen informatie dat er relschoppers naar de stad kwamen, waardoor er te laat meer politie ingezet werd. Toch is het volgens Adang niet verstandig in dit soort situaties direct van het slechtste scenario uit te gaan. „Als je metteen veel politie inzet, kan dat averechts werken in de buurt. Maar als er relschoppers komen, is het belangrijkste dat je buurtbewoners direct scheidt van buitenstaanders, dat je strakke en duidelijke grenzen stelt. Of dat met een fysieke scheiding moet zoals de hekken in Utrecht moet je per situatie beslissen.”

„Een wijk als Ondiep heeft al een slechte relatie met het gezag en de aanleiding voor de rellen, een dodelijk schietincident van de politie, maakt het nog lastiger”, zegt Adang. „Je wilt de spanning niet nog verder opdrijven. Politie en gemeente moeten daarom de aandacht voor Ondiep niet laten verslappen zodra de orde hersteld lijkt. Dat de stille tocht van vanavond waardig verloopt is erg belangrijk, maar ook daarna moet het gezag als legitiem worden ervaren. De klachten van bewoners moeten erg serieus genomen worden.”

De voornaamste klacht van de bewoners van Ondiep is de overlast die zij ervaren van hangjongeren. Dat vormt ook de indirecte aanleiding voor de rellen. Het dodelijke schietincident werd voorafgegaan door een ruzie tussen het slachtoffer en hangjongeren. Ondiepers klagen al veel langer over de scooterjeugd, maar zeggen geen gehoor te vinden bij de politie.

„In dit soort gevallen zie je dat de aandacht van de media er toe leidt dat er eerst vanuit de directe omgeving, maar later ook van elders in het land mensen toestromen die geïnteresseerd zijn in relletjes”, zegt Adang. „Dat zijn niet per se mensen die nog een rekening te vereffenen hebben met de politie. Ze zoeken vooral sensatie. Het zijn ook niet uitsluitend voetbalsupporters.” Omdat het niet om een eenduidige groep gaat, is het volgens Adang lastig om wetten op te stellen die reltoerisme moeten beteugelen. De Tweede Kamer wil volgende week een debat over de rellen waarin deze vraag waarschijnlijk ook aan de orde komt.

„Het is de vraag hoe zinnig een wet om reltoerisme aan te pakken is. Als je een groep potentiële daders wilt aanpakken moet je een criterium hebben waarop ze selecteert. Maar wat kan dat zijn? Mogen mensen die ooit veroordeeld zijn voor openlijke geweldpleging in zo’n geval niet naar Utrecht reizen? Dat zijn er al duizenden, dat werkt niet.”