Drogende vissen in het westen van India

In het uiterste westen van India, grenzend aan de Arabische Zee, ligt het vissersdorp Vanakbara. De dagen hebben er een vast ritme. ’s Ochtends komen de vissersboten binnen, waarna de vissers hun vangst gaan sorteren, hun boten schoonmaken en hun netten uit de knoop halen en repareren. De kleinere vissen worden op de grond of aan lijnen, zoals hierboven te zien, te drogen gehangen.

De vissersvloot van Vanakbara bestaat uit 225 grotere en kleine schepen. De grote schepen komen elke week terug met gemiddeld 600 kilo vis.

Van de vangst is zo’n 90 procent bestemd voor export. De goedkopere vissoorten, zoals haai, gaan naar Pakistan en Sri Lanka. De duurdere vissoorten, zoals tonijn en garnalen, worden geëxporteerd naar China en de Europese Unie, waaronder Nederland. De deelstaat is goed voor een kwart van de totale visvangst van India, met ruim 600.000 ton zeevis per jaar.

Vooral bij toeristen is deze regio erg geliefd, vanwege de kleurige vissersboten die er rondvaren, vaak versierd met hindoeïstische symbolen van goden als Shiva. Hier verdienen de mensen al generaties lang hun geld met visserij.

Vanakbara ligt in het district Junaghad, in de provincie Gurajat. Dit is de provincie waarin ook Mahatma Gandhi is geboren.