Musharraf schuift lastige opperrechter terzijde

President Musharraf van Pakistan heeft de hoogste rechter van het land geschorst. Waarom? Heeft de generaal weer een pion geofferd om zijn uniform aan te kunnen houden?

Al jaren was duidelijk dat 2007 het jaar van de waarheid zou worden voor de Pakistaanse president Pervez Musharraf. De legerleider die in 1999 met een staatsgreep aan de macht kwam, had beloofd in 2004 zijn uniform uit te trekken, achtte dat toen „wegens het landsbelang” onmogelijk, en verzekerde dat het na de verkiezingen eind 2007 echt zou gebeuren. Maar de schorsing vrijdag van opperrechter Iftikhar Chaudhry voedt het vermoeden dat Musharraf ook nu pogingen onderneemt dat te voorkomen.

Chaudhry had als voorzitter van het Hooggerechtshof de wettigheid kunnen betwisten van een eventueel voorstel van het parlement (waarin Musharrafs PML-Q de grootste partij is) de gecombineerde functie van president en legerleider nog een termijn te verlengen. Musharraf heeft nog geen openlijke signalen gegeven dat hij dit nastreeft, maar hij zou nu ongeveer dezelfde argumenten kunnen gebruiken als hij drie jaar geleden deed. Over zijn beweegredenen toen schreef hij eind vorig jaar in zijn autobiografie In the line of fire dat binnen- en buitenlandse dreigingen hem dwongen zijn belofte te breken. Het leger had zijn handen vol aan de bestrijding van terroristen in Noord- en Zuid-Waziristan, twee tribale gebieden aan de Afghaanse grens, waar onder andere Al-Qaeda en de Talibaan anders vrij spel zouden hebben. Internationaal was de crisis rond atoomgeleerde A.Q. Khan losgebarsten, die gestolen atoomgeheimen aan andere landen verkocht zou hebben. En er was net enige dooi ontstaan in de relatie met India, waarmee Pakistan in 2002 op de rand van oorlog had gestaan wegens het conflict om Kashmir. „Geheel tegen mijn gewoonten en karakter in, besloot ik mijn woord te breken”, aldus Musharraf.

Het vredesproces met India staat nog altijd in de kinderschoenen, en aanslagen als die op de Vriendschapexpres een maand geleden bevorderen het proces niet. In Waziristan werd vorig jaar een verdrag gesloten met stamleiders, maar sindsdien hebben terroristen die van daaruit aanvallen uitvoeren in Afghanistan alleen maar meer bewegingsvrijheid gekregen. In de provincie Baluchistan woedt nog altijd een opstand.

Hoewel opperrechter Chaudhry in 2005 door Musharraf zelf is aangesteld, kan de president niet op zijn onvoorwaardelijke trouw rekenen. Chaudhry drong aan op onderzoek naar honderden verdwenen terreurverdachten die volgens hun familie worden vastgehouden door de geheime dienst ISI. En vorig jaar hield hij de verkoop van staatsbedrijf Mill Steel tegen.

Chaudhry moest gisteren achter gesloten deuren voorkomen bij de Hoge Juridische Raad, een adviserend orgaan dat hij normaliter zelf zou voorzitten. Honderden vakbroeders begeleidden hem naar het gebouw van het Hooggerechtshof in Islamabad, daarbij bloemblaadjes over hem uitstrooiend. Voor één keer waren het niet de mullahs die leuzen tegen Musharraf scandeerden, maar de intellectuele elite van het land.

Er is niet meer duidelijk geworden over het machtsmisbruik waarvan hij beschuldigd wordt. Wel werd duidelijk dat Chaudhry heeft besloten terug te vechten. „De beschuldigingen zijn volledig ongegrond”, zei hij op de stoep van het gerechtsgebouw. Hij weigert ontslag te nemen. Ook heeft hij om een herziening van de samenstelling van de raad gevraagd, omdat hij tegen drie van de vijf leden aanklachten wegens corruptie in voorbereiding zegt te hebben. De regering heeft aangekondigd het advies van de raad ongeacht de uitkomst te zullen uitvoeren.

Niet alleen de belangrijkste oppositiepartijen, maar ook internationale organisaties als Human Rights Watch en de International Crisis Group zien door Musharrafs poging Chaudhry kwijt te raken helemaal niets meer terechtkomen van de beloofde ‘vrije en eerlijke’ verkiezingen. Onafhankelijke rechtspraak is daarvoor immers het eerste vereiste.

Ook de VS zullen om die reden moeite hebben met de huidige situatie. In 2004 beschouwden zij Musharrafs gebroken belofte nog als een binnenlandse aangelegenheid. De relatie tussen de landen, die zich tot elkaar veroordeeld hebben in de strijd tegen terreur, dreigt toch al een gevoelige deuk op te lopen. Het Congres overweegt een wetsvoorstel waarin de miljarden aan economische en militaire steun voorwaardelijk worden verbonden aan Pakistaanse resultaten in die strijd. Zonder die hulp zal de steun voor Musharraf in eigen land verder afbrokkelen.