Omgekat is het doek onherkenbaar

Dieven zetten een stuk van het ene schilderij in een ander om herkenning te voorkomen en het doek te kunnen verkopen. Kunstdiefstal blijft een groot probleem.

Bij de metalen toegangspoortjes van de Tefaf in Maastricht wordt de blik van de bezoeker onmiddellijk getrokken door een barok schilderij. Het toont enkele religieuze figuren in aanbidding voor een engeltje. Alleen hoort daar geen engel te zitten, maar een Madonna met kind. Hoe zit dat?

Sint Romualdo en andere heiligen, een zeventiende-eeuws werk van een anonieme kunstenaar van de Florentijnse school, werd in 2000 gestolen uit een kerk in Volterra, Toscane, samen met negen andere werken. De Italiaanse kunstpolitie kwam de schilderijen in 2002 op het spoor door een pseudokoop. Een vergelijking met de afbeeldingen in de database bracht tal van verschillen aan het licht.

Uit het Sint Romualdo-doek bleek een T-vorm te zijn gesneden – met de Madonna – waarin vervolgens een stuk doek met engel uit een ander schilderij was gezet. De dieven hadden meer doeken in stukken gesneden en overgeschilderd om herkenning te voorkomen. Een unieke vorm van omkatten die bij gestolen klokken vaak voorkomt, maar die bij schilderijen niet vaak is gezien.

„Dit geval toont aan hoe belangrijk het is dat kunsthandelaren en verzamelaars hun schilderijen en sculpturen goed documenteren”, zegt woordvoerster Tessy Duncker van Axa Art. De verzekeringsmaatschappij heeft het schilderij bij de entree gezet als onderdeel van een campagne tegen kunstdiefstal. „Eigenaren maken vaak zelf geen goede beschrijving, terwijl dat de kans op terugvinden enorm vergroot.” Volgens Axa wordt gemiddeld 47 procent van de gestolen kunst teruggevonden, terwijl dat bij goed gecatalogiseerde en gefotografeerde kunst 80 procent is.

Kunstroof blijft een omvangrijk probleem. Volgens Interpol worden alleen in Italië elk jaar meer dan 27.000 kunstwerken gestolen, in Frankrijk meer dan 6.000. Belangrijke wapens tegen heling zijn herkomstdocumenten databanken met gestolen voorwerpen.

Art Loss Register (ALR) beheert ’s werelds grootste particuliere databank voor gestolen kunst. Op de Tefaf, die nog tot 18 maart duurt, controleert ALR de kunstvoorwerpen die te koop worden aangebodenen. „Vorig jaar hebben we 4.000 voorwerpen gecontroleerd, nu zitten we halverwege al op 5.400 objecten”, zegt Victorine Stille van ALR Nederland.

Tot op heden is er op instigatie van ALR één schilderij van de beurs gehaald, omdat onduidelijkheid bestaat over het eigendom. „De handelaar had het in consignatie van een klant, die het eerder heeft gekocht van een handelaar die ten onrechte heeft verklaard eigenaar te zijn”, vertelt Stille. Het gaat om een doek van rond 1900 dat enkele jaren geleden al eens is opgedoken op een beurs en ook toen verwijderd is.

Op de Tefaf is een kleine rel ontstaan rond een Babylonische kleitablet van 3.700 tot 4.000 jaar oud. De tablet met inscriptie, die werd aangeboden door de handelaar Mieke Zilverberg, zou volgens sommige media in 2003 zijn gestolen uit Irak. De Tefaf laat weten dat de kleitablet afkomstig is van een Belgische verzamelaar die de hem 35 jaar in bezit zou hebben gehad. „De tablet komt niet voor in onze databank”, zegt Stille: „Voor een definitieve uitspraak wachten we op een verklaring van de oorspronkelijke eigenaar.”

De Tefaf zelf laat in de dagen voor de beurs verschillende commissies het aanbod keuren. Daarbij wordt gekeken naar herkomst, kwaliteit en documentatie. Naar verluidt zijn van de 30.000 voorwerpen er 30 niet door de keuring gekomen, maar dit wil Tefaf niet bevestigen. Met het aanbod van gestolen kunst lijkt het mee te vallen, zegt Stille van ALR: „Alle voorzorgsmaatregelen vormen een dijk op de grote beurzen. De kans is groter dat verdachte dingen opduiken bij de kleinere .”