Jammende vrouwen bij stoere Sheila E.

Concert: Sheila E & C.O.E.D. Gehoord: 11/3, Tivoli, Utrecht. Herh.: 12/3 Paradiso, Amsterdam. 17/3 Oosterpoort, Groningen.

De zanger en multi-instrumentalist Prince heeft altijd een sterke voorkeur gehad voor beeldschone vrouwen in zijn muzikale hofhouding. Maar wie dacht dat de kleine paarse man zijn sexy stoeipoezen alleen verzamelde voor de show, heeft het mis. Als geen ander wist Prince een neus voor schoonheid te koppelen aan een scherp oor voor talent.

Drumster en percussioniste Sheila E, dochter van latindrummer Pete Escovedo, trok in 1983 de aandacht van de superster. Hij produceerde haar debuutalbum The Glamorous Life en met sterk percussiespel in uitdagende outfits werd ze zijn voornaamste protegé en de blikvanger van zijn wereldtournees. Met haar eigen albums was de drumster later minder succesvol. Het groovy Sexy Cymbal bevatte aardige jams, maar haar meer jazzy kant op het fusion- en smoothjazz-album Writes of Passage (2000) beklijfde niet zo.

Tegenwoordig trekt Sheila E (49, inmiddels) met haar vrouwenband C.O.E.D. (Chronicles Of Every Diva) volle zalen. De rode draad in de formatie is makkelijk naspeurbaar: ook bassiste Rhonda Smith en gitariste Kat Dyson zijn muzikantes die Prince in bepaalde muziekperiodes bijstonden. En kwam Sheila E vorig jaar het groepsgeluid van Candy Dulfer (natuurlijk ook Prince-muzikante) een flinke dreun geven, in deze tournee is Dulfer de speciale gast.

De boodschap lag er in het Utrechtse Tivoli dik bovenop: jammen kunnen we, ook al zijn we vrouwen. De instrumentalistes op stiletto’s boden een levendige muziekavond, waarin regelmatig werd teruggeblikt op het verleden. „Ik ben niet zo jong meer”, hijgde Sheila E in haar glitteroutfit, na een dampende cocktail van hits. Ze toonde zich verscheiden: van gespierde jazzrock schakelde ze over naar kleurrijke latin en soulfunk.

Het werd een ontspannen ritmefeestje met een glansrol voor allen. Bassist Rhonda Smith grossierde in ritmische stuwende baspatronen. Gitarist Kat Dyson kreeg de zaal stil met haar zang en met blues geïnfecteerde spel, net als toetsenist Cassandra O’Neal, wier spel is verankerd in de gospel. Dulfer kreeg de ruimte voor up-tempo solo’s, naast de stoere Sheila E. In een toegift kwam zij als vanouds tot een ontlading: wild alles rakend op haar percussieset voorop op het podium.