Halliburton gaat naar Dubai

Het Amerikaanse Halliburton-concern volgt de olie en verlaat de Verenigde Staten. Het nieuwe hoofdkantoor staat niet meer in Houston, maar in de Golfstaat Dubai, een van de zeven staten in de Verenigde Arabische Emiraten.

Halliburton is een van de grootste dienstverleners voor de olie- en gasindustrie ter wereld. Het stond de afgelopen jaren vooral in de belangstelling doordat de Amerikaanse vicepresident Dick Cheney er van 1995 tot 2000 bestuursvoorzitter was.

De regering-Bush zou Halliburton hebben voorgetrokken bij het verstrekken van contracten in Irak. Federale onderzoekers stelden vorige maand dat Halliburton verantwoordelijk is voor 2,7 miljard van de 10 miljard dollar (7,6 milard euro) die bedrijven te veel in rekening hebben gebracht bij de Amerikaanse overheid voor werk dat zij in Irak hebben gedaan.

Het bedrijf zal een kantoor aanhouden in Houston, maar wordt voortaan geleid vanuit Dubai, zei een woordvoerder van het bedrijf tegen persbureau AP. De topbestuurders zullen vanuit Dubai gaan werken. Met de verhuizing hoopt Halliburton de relaties met de oliebedrijven in de Golfregio te versterken. Het hoopt de Perzisch Golf ook als springplank te gebruiken voor de sterk groeiende Aziatische markt.

Dubai is een van de Golfstaten met een gunstig vestigingsklimaat voor bedrijven. Het land is politiek stabiel en maakt veel werk van het opbouwen van een wereldwijde reputatie als plek waar buitenlandse bedrijven zich goed kunnen vestigen. Halliburton staat niet alleen. Veel westerse bedrijven openen kantoren in Dubai om te verdienen aan de hoge olie- en gasopbrengsten.

Vorig jaar boekte Halliburton een winst van 2,3 miljard dollar op een omzet van 22,6 miljard euro.