Golden Palace lacht om de mens

Toneel: Varkensvrouw, door Golden Palace. Tournee t/m 26/5. Info: www.goldenpalace.nl en 020-4123978.

Ze gromt, ze snuift en ze knort. Het mooie meisje met haar lange krullen drukt zich dierlijk uit: ze is een varkensvrouw. Zo heet de voorstelling die Golden Palace – aangevuld met het cabaretduo De Bloeiende Maagden – over haar maakte. Het decor bestaat uit wanden waarachter we beesten vermoeden, kippen en biggen op stal.

Varkensvrouw komt traag op gang. De hoofdpersoon, die kennelijk een boerin is, scharrelt wat op haar erfje rond en beweegt zich sloom. Als in trance verricht ze haar handelingen, haar ogen achter haar haren verborgen. Naar het publiek kijkt ze nooit. Deze zonderlinge heeft zich van de mensen afgekeerd. Ze gaat helemaal in haar dieren op.

Regisseur Ingrid Kuijpers houdt zich in. Complete imitaties van het varkensgedrag blijven achterwege. De varkensvrouw loopt niet op handen en voeten, wentelt zich niet door de modder en wroet niet in de grond. Daardoor mijdt Kuijpers de valkuil van de platte lol. Varkens belachelijk maken is niet haar bedoeling. Wel mogen we lachen om de species mens, en dan vooral om de totaal aan het grotemensenbestaan aangepaste soort, zoals vertegenwoordigd door de dame van de Rijksdienst voor de Keuring van Vee en Vlees.

In een vleesbedekkende witte overall betreedt zij de boerderij om daar enge opdrachten uit te voeren. De varkens krijsen en op een staldeur komt een plakkaat te hangen. Intussen praat de dame aan één stuk door, mechanisch en steriel. Woorden als ‘isolatie’ en ‘pestgebied’ vallen. De menselijke soort, concludeer je uit haar optreden, heeft de natuur verkracht en wil daar niets van weten. Dat deze cultuurdraagster zich bekeert tot natuurvriendelijkheid en quasidierlijkheid is een mooie vondst.

Maar met het loskomen van de stijve juffer ontspoort de regie. Er komen figuranten bij, dorpsjongens zogenaamd, die de boel bederven. Omdat Kuijpers dit keer wél aan het imiteren slaat: ze aapt een collega na. De ideeën van de Zwitserse theatermaker Christoph Marthaler heeft ze aan de vier jongens opgedrongen. Dat betekent: zwakzinnige monologen, debiele slapstick en Duitse samenzang.

Schumanns Dichterliebe zingt dat jongenskoor, op precies dezelfde lijzige wijze als bij Marthaler. Kuijpers, die naam heeft gemaakt met origineel en ontroerend muziektheater, vertrouwt in Varkensvrouw niet genoeg op zichzelf. Ze is niet bij haar eigen natuur gebleven – en heeft zo haar zinnige thema, het menselijke geweld tegen de natuur, geweld aangedaan.