Klimaatbeslissing heeft de trekken van een doorbraak

De EU-lidstaten spraken gisteren af dat zij in 2020 de CO2-uitstoot met zeker 20 procent verlaagd zullen hebben. De doorbraak zit in de afdwingbaarheid van die afspraak.

De Europese Unie kent intenties en afspraken. Intenties kenmerken zich door vrijblijvendheid. Afspraken daarentegen kunnen verstrekkende gevolgen hebben. Veelal niet direct, maar wel jaren later.

Het akkoord over aanpak van de klimaatverandering dat de regeringsleiders van de 27 EU-lidstaten gisteren met elkaar in Brussel bereikten, past in de laatste categorie. Ogenschijnlijk gaat het om abstracte ‘ver-wegdoelstellingen’ voor vermindering van broeikasgassen en het gebruik van milieuvriendelijke energiebronnen als zon, wind en water. Maar zoals wel vaker: opeens, als de verantwoordelijke besluitvormers reeds lang van het politieke toneel verdwenen zijn, blijken maatregelen uit Brussel heel concreet en, belangrijker nog, onomkeerbaar. Dan is er de euro, of het Turkse kandidaat-lidmaatschap van de EU.

Tegen de achtergrond van deze voor de EU zo kenmerkende ‘telescoopbesluitvorming’, waarbij het ene besluit voortvloeit uit het andere, heeft de top van de afgelopen twee dagen alles in zich om pas later het predicaat baanbrekend te krijgen. Voor de aanwezigen van gisteren en eergisteren is dat eigenlijk al geen vraag meer. „De belangrijkste bijeenkomst in jaren”, zo hadden volgens voorzitter Barroso van de Europese Commissie enkele regeringsleiders tegen hem gezegd. Zelf had de Portugees het over een „revolutionair” besluit. De Duitse bondskanselier Angela Merkel, fungerend voorzitter van de Unie, sprak van een „doorbraak” en de Franse president Chirac, hoogstwaarschijnlijk bezig aan zijn één na laatste Europese top, schuwde zoals gebruikelijk het grote woord niet en verklaarde dat dit besluit behoorde „tot de grote momenten uit de Europese geschiedenis”. Dat er wat wezenlijks is besloten, blijkt ook uit de reacties van de milieubeweging.

[Vervolg KLIMAAT: pagina 5]

Kernenergie wordt heikel punt bij lastenverdeling

Die is doorgaans zeer kritisch over wat er uit Brussel komt. Dit keer niet. „Europese leiders verdienen goede cijfers omdat ze het klimaat boven aan de agenda hebben gezet”, aldus Greenpeace. Het Wereldnatuurfonds „feliciteert” de EU met het stellen van duidelijke doelen. Om er aan toe te voegen dat het nu aankomt op goed concreet beleid om er voor te zorgen dat die doelen worden gehaald.

Voor dat concrete beleid mag de Europese Commissie, het dagelijkse bestuur van de Unie, nu voorstellen gaan doen. Wetgeving zelfs, want de regeringsleiders gingen akkoord met bindende doelstellingen. En die zijn, zo liet Commissievoorzitter Barroso gisteren niet na om te benadrukken, afdwingbaar. Zoals Brussel nu door middel van het zwaar bevochten Stabiliteits- en Groeipact afzonderlijke lidstaten kan opdragen hun overheidstekort terug te dringen, zou als gevolg van de afspraken van gisteren over enkele jaren hetzelfde kunnen gebeuren op het gebied van energiepolitiek.

Binnen de contouren van het klimaatakkoord zal hierover nog heel wat moeten worden vergaderd door diplomaten, ministers en regeringsleiders. Bij elk voorstel zal worden geprobeerd de pijn anders te verdelen. Anders tussen lidstaten, en anders tussen sectoren van het bedrijfsleven.

De afgelopen dagen liepen Europese leiders al vooruit op die discussie. Natuurlijk, ze zijn het eens over doelstellingen voor de gehele EU. Maar iedereen kon redenen bedenken waarom juist het eigen land wat minder hoefde te doen dan de rest. „En zo is iedereen toch weer gelijk”, aldus bondskanselier Merkel. De een heeft al veel gedaan aan energiebesparing. De ander heeft minder geld. Zelfs Luxemburg, misschien wel de meest Europese lidstaat met de meest Europese regeringsleider, droeg al verzachtende omstandigheden aan.

Andere landen – Frankrijk en enkele Midden- en Oost-Europese – wilden het graag over kernenergie hebben. Bij de productie daarvan komt nauwelijks C02 vrij. Dat is dus eigenlijk óók groene energie, zei Chirac. Maar andere landen zijn fel tegen kernenergie. Merkel liet er gisteren geen twijfel over bestaan: kernenergie is géén groene energie.

De regeringsleiders erkennen dat kernenergie een bijdrage kan leveren aan de energie- en klimaatproblemen, maar hebben dit politiek gevoelige thema tevens tot een aangelegenheid van de afzonderlijke lidstaten bestempeld. Het kostte premier Balkenende enige moeite om uit te leggen wat er precies over kernenergie is afgesproken. Kernenergie telt niet mee als duurzame energiebron zoals zon, wind en water. Maar bij het verdelen van de lasten per land zal straks worden gekeken naar de nationale ‘energiemix’. „En dan speelt kernenergie wel een rol”, zei Balkenende. Tijdens de volgende ronde kan Frankrijk dus betogen dat het minder hoeft te doen dan de rest, omdat het land zo veel kernenergie gebruikt.

Regeringen zullen onder druk worden gezet door het bedrijfsleven om straks stevig te onderhandelen in Brussel. Dat was laatst al te merken toen Europees Commissaris Dimas (Milieu) liet weten aan voorstellen te werken om de C02-uitstoot van auto’s te beperken. De Duitse auto-industrie waarschuwde voor banenverlies en vond Merkel aan haar zijde. De normen werden iets versoepeld.

Minder en schonere energie in het jaar 2020. De Europese Unie heeft weer een doel en weer een datum. In het verleden, zoals bij de vorming van de interne markt, bleken dit dé ingrediënten om de EU als geheel te verenigen en een impuls te geven. Als gevolg van de grondwetperikelen zat de Unie om een dergelijk signaal te springen. Het is nog altijd wachten op een nieuw Europees grondwettelijk verdrag. Maar het daarvoor noodzakelijke Europese politieke klimaat is sinds gisteren ontegenzeggelijk verbeterd.