Het is mijn kont

Een jonge, geadopteerde vrouw schrijft over haar ervaringen met Nederlandse mannen.

Papa en mama hadden allerlei idealen en een van hun idealen was de naaktheid. Zelfs als de werkster bij ons was, liep papa halfnaakt door het huis. Wie verlangde naar een mooiere wereld moest ophouden zich te schamen voor het eigen lichaam. Daarom ben ik nooit overdreven preuts geweest. Preutsheid was volgens papa en mama reactionair, en hoewel ik me regelmatig tegen hen heb afgezet vond ik het te ver gaan om reactionair te worden.

Een van de shockerende ontdekkingen die ik deed toen ik me met mannen begon bezig te houden, was hun preutsheid.

Laat ik een voorbeeld geven: Mijn tweede vriendje, Fred, stond op uit bed en liep achteruit naar de badkamer.

Eerst dacht ik dat hij dat deed om me aan het lachen te maken.

Maar de derde keer dat ik bij hem bleef slapen, deed hij het nog steeds.

„Wat is er?” vroeg ik, „Waarom loop je zo raar?”

Waarop hij zei, terwijl hij zijn billen vasthield: „Het is mijn kont.” En dat met een heel zielig stemmetje.

Even dacht ik aan aambeien.

„Wat is er dan met je kont?” vroeg ik.

Dat wilde hij niet zeggen, maar na een tijdje doorvragen kwam het eruit. „Hij is niet gespierd en te vet”, zei hij. „Hij blubbert.”

En dat op zo’n manier dat het duidelijk was dat hij hoopte dat ik zou zeggen, „Oh nee, je kont is prachtig, helemaal niet vet en juist lekker gespierd. Precies waar ik van houd.”

Dat vond ik zo’n afknapper. Niet dat ik zelf een perfect en afgetraind lichaam heb, maar om nou achteruit te gaan lopen. Dat zet gewoon geen zoden aan de dijk.

Hoewel ik niet hoef te weten wat mijn vriendinnen in bed uitspoken – liever niet zelfs – informeerde ik eens of zij soortgelijke ervaringen hadden.

Nou, het komt behoorlijk vaak voor. Mannen die zich achteruitlopend naar de badkamer begeven, of met een handdoek om uit de badkamer komen of eerst de boel volledig verduisteren en dan opeens onder de dekens blijken te liggen.

Fred en ik hebben nog een week of acht doorgemodderd en toen heb ik het uitgemaakt.

Een man moet stevig in zijn schoenen staan en een man die van zijn vriendinnetje wil horen dat zijn kont er best mee door kan, staat niet stevig in zijn schoenen.

Maar dat heb ik natuurlijk niet tegen Fred gezegd. Ik zei dat het komt doordat ik de eerste vijf maanden van mijn leven in een kindertehuis heb gezeten, dat ik daarom niet zo makkelijk van iemand kan houden en dat het dus niet persoonlijk was.

Het gekke is dat ik zelfs nadat ik het heb uitgemaakt geadoreerd wil worden.

Ik heb ook geen geduld met mensen die vragen: „Ben je niet dankbaar dat je ouders je gered hebben uit de Koreaanse goot?”

Het klinkt misschien heel egoïstisch, maar ik vind dat ze mij dankbaar moeten zijn dat ik me heb laten redden.

Tijdens het laatste gesprek zei Fred: „Ik kan niet tot je doordringen, ik heb alles geprobeerd... Ik ken je zwakke punten

niet...” Bla bla bla.

Ik zou het liefst willen dat de hele wereld verliefd op me is.

Dat is een zwak punt van me.