Feyenoord?

Bij voetbalclub Feyenoord heerst volgens technisch directeur Peter Bosz geen topsportklimaat. Vreemde en late constatering voor een (gewezen) topclub?

Eric van Dorp, voorzitter supportersvereniging Feyenoord: „Een trieste constatering en misschien wat laat, maar berouw komt altijd na de zonde. Feyenoord moet af van de paniekaankopen en daar een beleid en visie op loslaten. Bij Feyenoord zijn jonge spelers weggegaan, die elders beter spelen. Als we spelers niet kunnen betalen, moeten ze op jongere leeftijd worden gescout. Een beetje amateurclub heeft een technisch beleid en een voetbalvisie op de website staan. Wij moeten ons realiseren dat het om meer gaat dan de wedstrijd van zondagmiddag. Een topsportklimaat moet er het hele jaar zijn. Daarbij hoort het stellen van voorwaarden en eisen, waarop mensen afgerekend worden. En het stellen van doelen, waaraan je je conformeert. Ik had het idee dat men bij Feyenoord gauw tevreden was. Ook de scouting moet je afrekenen op vastgestelde targets. Dat moet beter. Er moet veel gebeuren. De fans wachten op een vooruitzicht. Hopelijk is het beleidsplan van Bosz een eerste aanzet.”

Theo de Jong, oud-speler Feyenoord: „Bij Feyenoord is inderdaad een gebrek aan een topsportklimaat. Een pijnlijke constatering voor een club met zo’n status en uitstraling. Of ze daar laat achter zijn gekomen? Peter Bosz gaat er nu in elk geval mee aan de slag. Jarenlang is er te weinig beleid gevoerd en hebben ze maar wat gedaan. Zoals bij de scouting en het aantrekken van nieuwe spelers. Ze hebben te veel geld uitgegeven aan middelmatige spelers; te veel kwantiteit in plaats van kwaliteit. Er is te weinig geld voor topspelers, was vaak het excuus. Koop dan per jaar één of twee goede spelers en bouw rustig aan een topteam. Ze hadden beter moeten kiezen en beter naar de eigen jeugd moeten kijken. Goede spelers zijn te vroeg weggedaan.”

Paul Foortse, topsportadviseur: „Raar dat ze nu wakker worden bij Feyenoord. De problemen die Bosz signaleert, bestaan veel langer en zijn structureel. Waarom zijn voorgangers niet met dergelijke conclusies zijn gekomen is mij een raadsel. De winst van de UEFA Cup (in 2002, red.) heeft een hoop verbloemd. Om verder te komen, moeten ze ook economisch denken. Het aankoopbeleid is om te huilen. Kijk maar naar hoeveel overbodige spelers ze hadden en hebben. De doorstroming van de eigen jeugd lukt ook niet. De ‘magische rol’ van (oud-speler en adviseur, red.) Wim Jansen is onduidelijk. Met specifieke trainers, betere begeleiding van spelers, videoanalyses, krachttraining, een voedingsdeskundige of een mentale begeleider wordt niks nieuws uitgevonden. Bij andere clubs gebeuren die dingen al. Goed georganiseerde clubs als AZ, PSV of Heerenveen hebben zich al gedifferentieerd. Het neerzetten van een goede organisatie en een goed team gaat zeker een paar jaar duren.”

Ben de Graaf, oud-chef sport de Volkskrant: „Raar en rijkelijk laat dat ze dat nu vaststellen, want het is al jaren een grote chaos en er wordt maar wat aangemodderd bij Feyenoord. Bosz geeft een verstandig signaal. Het wordt tijd dat Feyenoord weer een normale club wordt. Mede door dat gedoe rond (oud-voorzitter, red.) Van den Herik is de club de laatste zes jaar stuurloos geweest. Dat de problemen nu openlijk worden bevestigd, geeft aan dat het water tot aan de lippen staat en ze radeloos zijn. Ze moeten iets doen om de malaise te doorbreken en zich op alle fronten herbezinnen. Het wankele aankoopbeleid – waar ook Ajax problemen mee heeft – moet veel beter. Ze moeten het aantal mislukkingen tot een minimum beperken. Met de jeugdopleiding heeft Feyenoord ook een probleem. Het wordt niet makkelijk het schip te keren. De concurrentie staat niet stil.”

Coen Moulijn, oud-speler Feyenoord: „Als je de financiële positie niet rond krijgt, kan er ook geen topsportklimaat zijn. Je kunt wel aan krachttraining en dergelijke doen, maar de basis wordt gevormd door een groep talentvolle spelers. Ik hoop dat de scouting verbetert, de laatste jaren zijn weinig talentvolle spelers doorgebroken – of aangekocht. Het is logisch dat de organisatie nu wordt doorgelicht, net als bij een bedrijf.”