Een Nederlandse oorlog is ook een oorlog

Redacteur NRC Handelsblad

De uitslag van de Provinciale Statenverkiezingen in Nederland is met opluchting ontvangen in Washington. Weken moest de Amerikaanse regering er rekening mee houden dat een oppositionele meerderheid in de Eerste Kamer een parlementaire enquête zou instellen naar de Nederlandse deelname aan de Irak-oorlog. Dat gevaar lijkt geweken.

CDA, PvdA en ChristenUnie hebben hun meerderheid in de senaat behouden – tenzij leden van de nieuw gekozen Provinciale Staten op 29 mei afgaand op hun moreel kompas stemmen op Eerste Kamerkandidaten die beseffen dat deelname aan een oorlog per definitie geen oude koe is. In dat geval stemmen zij op kandidaten die willen weten hoe het kon gebeuren dat Balkenende cum suis in 2002 en 2003 politieke en militaire steun gaven aan een van de meest gênante westelijke missies sinds tijden. Tienduizenden doden en een ontwrichte regio zijn geen gemengde berichtjes.

Een moment van ethische helderheid is ook altijd mogelijk bij leden van het nieuwe kabinet en de Tweede Kamer: iedereen die beseft dat er grenzen zijn aan politiek gemak en coalitiecompromissen kan besluiten dat het Nederlandse volk in het reine moet komen met zijn recente oorlogsverleden. Daartoe moet het weten wat er werkelijk is gebeurd en op welke gronden. Goede bedoelingen waren er vast, VN-goedkeuring voor toekomstige ‘vredesmissies’ is ook mooi, maar het neemt de noodzaak van waarheidsvinding niet weg.

Na uitvoerig speurwerk toonde Joost Oranje in deze krant in 2004 al aan dat de adviezen van de Nederlandse inlichtingendiensten en de beschikbare juridische opinies geen oorlog rechtvaardigden. Er waren kennelijk andere overwegingen, die wij niet kennen, die de regering motiveerden om volledig op de Amerikaanse koers te varen. Die overwegingen moeten sterk zijn geweest want Den Haag werkte zo (mét Blair) mee aan de Europese buitenlandspolitieke verlamming die voortduurt. Er was dus wel wat aan de hand.

Hoe hartgrondiger en langer premier Balkenende zich verzet tegen openheid van zaken, des te sterker wordt het vermoeden dat hij zaken verbergt waar hij zich voor schaamt. Als daar geen sprake van is, wat let hem dan zelf met een uitvoerig en controleerbaar verslag te komen? Het belang van de Nederlandse veiligheidsdiensten? Die kunnen alleen maar winnen bij verder bewijs van hun prudentie. Bedreigt openheid de betrekkingen met de Verenigde Staten? Niet met het democratische Amerika.

Vindt Balkenende het pijnlijk toe te geven dat hij zich heeft laten inpakken door de destijds in Den Haag opererende Amerikaanse ambassadeur Sobel? Die wond de Nederlandse minister-president naar verluidt om zijn vinger. Kan zijn, iedereen was eens jong en onervaren. Erger, als er ook maar iets waar is van de hardnekkige aantijging dat Jaap de Hoop Scheffer zijn benoeming en herbenoeming als secretaris-generaal van de NAVO te danken heeft aan Nederlands kritiekloze steun aan de Irak-oorlog, denkt Balkenende dan echt zijn reputatie te redden door een doofpot van Capelle tot Delfzijl te bouwen? En waarom zou Wouter Bos na zijn zoveelste dreunende electorale meevaller verdere schade riskeren door het CDA van een probleem af te helpen? Het is politiek voor politici die in het niet valt bij het zuiveren van het nationaal geweten.

Premier Balkenende toonde zich woensdagavond verheugd dat hij nu zonder deze en andere zorgen over de meegaandheid van de Eerste Kamer aan de slag kan. Blij samen voorwaarts zal hem niet blijvend lukken als hij geen open kaart speelt met zijn eigen volk. Wie fouten maakt, uitlegt hoe het is gekomen en zijn excuses aanbiedt bouwt meer gezag op dan wie met één grijsgedraaid formeel smoesje blijft hopen dat het ergste wordt vergeten. Vergeet het maar.

In Groot-Brittannië loopt minister-president Blair op zijn laatste politieke benen omdat hij torenhoog inzette op de speciale band met Amerika, misgokte én jokte. Als er een volwassen oppositie was geweest, dan zat Blair allang in de mantelzorg van Margaret Thatcher. Zelfs in de Verenigde Staten is de ban van verblindend patriottisme gebroken. De kiezer heeft in november zijn afkeuring over het Irakbeleid uitgesproken. De schijnwerpers van de volgende verkiezingen beletten de Democraten hun nieuwe meerderheden om te zetten in daden, maar ook zonder dat zet de regering-Bush haar zelfexecutie voort.

Deze week werd Lewis Libby, de stafchef van de machtige vicepresident Cheney en daarmee ongeveer de nummer vier van het Witte Huis, schuldig bevonden aan meineed en obstructie van de rechtsgang. Veel details van de zaak zijn nog mistig maar de affaire draait om het opkrikken van het bewijs dat Saddam Hussein gereed stond met chemische en kernwapens. Wie dat spel doorprikte kon rekenen op laster uit het Witte Huis.

Alsof dit vonnis niet vernietigend genoeg was hield het Congres in Washington deze week hoorzittingen om inzicht te krijgen in het ongebruikelijke ontslag van acht federale officieren van justitie. Toevallig waren de meesten verwikkeld in strafrechtelijke onderzoeken naar gevallen van politieke corruptie. Een van hen vertelde dat hij thuis was opgebeld door een Republikeinse senator uit New Mexico die vroeg waarom hij niet ophield met zulke ongepaste onderzoeken. Senator Pete Domenici is opeens minder zeker van zijn herverkiezing in 2008.

De twee affaires passen in de schemerfase van een regering die zes jaar lang een verwrongen kijk op de werkelijkheid heeft gecombineerd met minachting voor de grondregels van de democratische rechtsstaat. De feiten in het Midden-Oosten werden door vicepresident Cheney en de vorig najaar eindelijk ontslagen minister van Defensie Rumsfeld zo besteld dat zij een oorlog rechtvaardigden. De aanslagen van 11 september 2001 boden het perfecte alibi maar zelfs toen waren deze meesters van het universum niet in staat een effectieve oorlog te voeren. Opnieuw bleken zij immuun voor deskundig advies.

Dit alles is geen loos rondje Americana. Het is de oorlog van dit regime, want zo kan de Bush-boel langzamerhand wel worden betiteld, waar het kabinet- Balkenende zich schaapachtig aan heeft uitgeleverd. Amerika mag in het algemeen nog steeds de betere veiligheidsgarantie voor Nederland bieden. Niet zonder aanzien des persoons. Leugens blijven leugens. Onze bijdrage was bijna irrelevant, maar dit beetje is wie wij zijn en waar wij verantwoordelijk voor zijn. Een Nederlandse oorlog blijft een oorlog.

opklaringen@nrc.nl