Commentaar `Onterecht afgehamerd` onnadenkend

Er schuilt wel heel weinig `Lux` en `Libertas` in het hoofdartikel onder de onjuiste kop `Onterecht afgehamerd` (NRC Handelsblad, 16 februari). De motie van mijnheer Fritsma, welke als uitgangspunt heeft enkele Nederlanders als Kamerlid of als beoogd lid van het kabinet verdacht te maken als potentieel onderworpen aan een belangenconflict, is in de eerste plaats zonneklaar in strijd met artikel 1 van de Grondwet, waarvan ik de tekst bij uw redactie bekend mag veronderstellen.

Het is daarom wel wat zwak uitgedrukt dat, ”het zaaien van twijfel” over de loyaliteit van betrokkenen ”kan worden afgekeurd”, zoals u schrijft. U had dienen te bedenken dat u met uw onnadenkende commentaar een absoluut afkeurenswaardige politieke groepering dekt.

De denkbeelden van de zogenoemde PVV, waarvan de voorgedragen motie een bewuste uiting is, staan op zichzelf beschouwd veelal op gespannen voet met waarden die in Nederland algemeen gedeeld worden en in wetten vastliggen en deze denkbeelden zijn in essentie in hun aard diep verwerpelijk. Daarom is deze eerste provocatie van de PVV bij monde van haar vertegenwoordiger Fritsma terecht afgehamerd!

Het is voorts een insinuatie dat de Kamervoorzitter, die door u in uw stukje, met voorbijgaan van de gebruikelijke aanduiding van een volwassen vrouw, uitsluitend met de achternaam (`Verbeet`) wordt aangeduid, werd ingegeven door partijpolitieke reden. U hebt voor die veronderstelling geen enkele grond.