Bok de Blerk is een lichtje voor Afrikaners

Verraadt de populariteit van een lied over een blanke generaal uit de Boerenoorlog in Zuid-Afrika een herleving van Afrikaner nationalisme? „We hebben er genoeg van ‘sorry’ te zeggen.”

KRUGERSDORP, 10 MAART. - De geur van gebraden wild en vettige worsten. Campingstoelen op het veld. En boerenmuziek. Dat is alles wat een Afrikaner nodig heeft om zich weer thuis te voelen in zijn geboorteland Zuid-Afrika. „We missen die saamhorigheid”, zegt Koos Pretorius, die de ‘braai’ vanavond verzorgt. Tevreden kijkt hij toe hoe tegen het vallen van de avond het veld voor de lagere school in Krugersdorp langzaam volstroomt met mensen die zich precies zo voelen als hij. „De toekomst is maar donker. Een klein lichtje is alles wat we willen.”

Dat lichtje heet Bok van Blerk. Dat is de artiestennaam van de 28-jarige student uit Pretoria waar Krugersdorp vanavond voor is gekomen en die Zuid-Afrika al weken op zijn kop zet met het De La Rey-lied. Met stip op één in alle hitparades. Meer dan 100.000 exemplaren van verkocht. Hoofdonderwerp van debat op de opiniepagina’s, talkshows en zelfs in het parlement.

De La Rey, De La Rey, sal jy die boere kom lei, begint het refrein dat zelfs de allerjongsten hier uit volle borst kunnen meezingen. Over de Afrikaner generaal die meer dan honderd jaar geleden de Afrikaanssprekende afstammelingen van Hollanders, Duitsers en Fransen leidde in hun strijd tegen de Britten in de Boerenoorlog. Een onschuldig lied over de geschiedenis van de Afrikaners, zal de zanger je uitleggen, „dat ons net zo’n warm gevoel van binnen geeft als de Schotten als ze hun Flower of Scotland zingen. Dat heeft niets met politiek te maken.”

Maar als de eerste noten van het veelbesproken lied over het veld schallen, steken volwassen kerels heel serieus hun borst vooruit. Ze leggen de handen op hun hart. En boven het tweeduizend koppen tellende publiek zwaait dan ook de oranje-blanje-bleuvlag uit de apartheidsjaren.

„Ik zat toen in het leger. Ik heb voor deze vlag gevochten”, zegt Herman Gagiono, die de oude Afrikaner driekleur ook op zijn T-shirt heeft laten drukken. „100 procent boer”, staat er boven. Dat is een subtiele verwijzing naar „100 procent Zulu-boy”, waarmee de aanhangers van de populist Jacob Zuma hun tribale afkomst onderstrepen. „Ik mis de apartheid. Dat is waar. Er was meer discipline. De kinderen konden nog gewoon op straat spelen toen.”

Het is geen toeval dat Bok van Blerk weet te scoren met nostalgie over Generaal Koos de la Rey. De Afrikaners voelden zich nog nooit zo verwilderd in eigen land als nu, zeggen ze hier in Krugersdorp. Door de misdaad, die nu ook de veilige vestingen van de blanken heeft bereikt en waarvoor de regering van president Mbeki net zo hard zijn ogen zou sluiten als voor aids. Toespraken waarin Mbeki beterschap belooft, maken geen verschil. Statistieken die aangeven dat het probleem juist kleiner wordt, ook niet.

Afrikaners voelen het offensief van de regering tegen de plaatsnamen die herinneren aan oude helden uit de tijd van de apartheid. Pietersburg werd Polokwane, Pretoria werd Tshwane en zelfs Naboomspruit, de rivier na de boom, moest veranderen in Moogopong. En terwijl de minister van Cultuur zegt: „legt u zich er bij neer, de meerderheid besluit”, zoeken Afrikaners wanhopig een klankbord.

Een politieke leider hebben ze niet meer, sinds het failliet van de Nieuwe Nationale Partij van Marthinus van Schalkwyk die zich in 2004 liet opslokken door regeringspartij ANC. De Democratische Alliantie van de Engelssprekende Tony Leon spreekt evenmin aan. De La Rey, De La Rey, sal jy die boere kom lei.

„Wij zeggen: de Afrikaner mag weer trots zijn, op de taal en de cultuur, op wie hij is en waar hij vandaan komt”, zegt zanger Louis Pepler, alias Bok van Blerk voor zijn optreden. „Wij zijn groot geworden met een schuldgevoel. Alles wat we doen is verkeerd. Apartheid is onze schuld. Maar we hebben geen zin meer om langer sorry te zeggen.”

„Oei”, zeggen Afrikaner intellectuelen als Max du Preez, voormalig anti-apartheidsactivist. Hij vraagt zich af of de Afrikaners hun handen niet te snel in onschuld willen wassen en of de roep om leiderschap niet erg dubbelzinnig is. „Als ze de generaal vragen om hen te leiden denken ze niet aan de Britten, maar aan de zwarten. De vijand is nu zwart.”

„Tja”, zeggen collega-muzikanten als Koos Kombuis, die destijds stelling nam tegen apartheid. „Het lied is onschuldig, maar de verkeerde mensen kunnen ermee aan de haal gaan.” Bok van Blerk gaf ook een concert in het dorpje Orania in de Noordkaap, waar de bewoners zeggen te dromen van een blanke Volkstaat, en zwarten niet welkom zijn. „Ik heb daar moeite mee”, zegt Kombuis. Blank extremisme sluimert nog altijd in Zuid-Afrika. Begin deze maand stuurde een groepering met de naam Suidlanders valse e-mails en sms’jes rond waarin stond dat Nelson Mandela op sterven lag en zwarte extremisten wraakacties planden op blanken. De La Rey zou dat doemdenken aanwakkeren, vrezen sommigen.

„Ho, niet te snel”, zeggen Afrikaner wetenschappers als Theo Venter van de University of North-West in Potchefstroom. „Dit lied drukt een stemming uit en niet van een politieke beweging. De La Rey is een uitlaatklap. Maar het lied signaleert ook hoe goed het eigenlijk gaat met de Afrikaners. Het einde van de apartheid heeft ook de Afrikaners bevrijd. Nog nooit verschenen er zoveel Afrikaner kranten en boeken, nog nooit werden er zoveel platen verkocht van Afrikaner artiesten. Het succes van de La Rey is het succes van de Afrikaners.”

In Krugersdorp lijkt De La Rey vooral redding te bieden tegen de verveling. Twee fans hebben zich verkleed zoals Britse soldaten er tijdens de Boerenoorlog tegen de Afrikaners uit zagen. Met de Union Jack wapperend achter zich aan, rennen ze door het grinnikende publiek. „Het is één grote grap man”, lacht Rian Steenkamp. „Lachen toch?”

Videoclip van De la Rey op www.youtube.com

Rectificatie / Gerectificeerd

De Zuid-Afrikaanse zanger Bok van Blerk, die furore maakt met een lied over de Afrikaner generaal De La Rey werd in het artikel over hem (10 maart, pagina 4) per abuis ook Bok de Blerk genoemd.