Nog even en de SP laat de PvdA links liggen

De verkiezingen wijzen uit dat de traditionele hegemonie van de PvdA op links zo goed als voorbij is.

Het kan nog erger worden.

De uitslag van de Provinciale Statenverkiezingen toont opnieuw aan dat de structurele dominantie van de PvdA op de linkerzijde van het Nederlandse politieke spectrum, die zo’n halve eeuw heeft geduurd, haar langste tijd heeft gehad. Dat heeft veel te maken met de opkomst van de SP. De sluipende ‘sociaal-democratisering’ van de SP maakte haar aantrekkelijker voor een deel van het kiezerskorps van de PvdA.

Vanaf haar oprichting in 1946 beheerste de PvdA de linkerkant van Nederland. Dit veranderde in 2004, toen SP en GroenLinks voor het eerst gezamenlijk meer leden telden. Ook op electoraal terrein is de PvdA in het defensief geraakt. In de periode 1946-1998 waren de sociaal-democraten bij de Tweede Kamerverkiezingen gemiddeld goed voor bijna 82 procent van de linkse stemmen. In 2006 werden de linkse concurrenten gezamenlijk vrijwel net zo groot als de PvdA. Woensdag wonnen SP en GroenLinks samen zelfs één Statenzetel meer dan de PvdA.

Dat de traditionele sociaal-democratische overmacht beëindigd lijkt, is vrijwel uitsluitend aan de SP toe te schrijven. Ongetwijfeld heeft de PvdA zelf ook een aandeel in de teruggang. De partij is zich sinds de jaren tachtig aanzienlijk gematigder en pragmatischer gaan opstellen, mede doordat ze lange tijd (van 1989 tot 2002) regeringsverantwoordelijkheid droeg. De trek van de PvdA naar het midden bood de SP electorale mogelijkheden, die zij ook greep.

Door zich verregaand aan te passen, wist de van oorsprong dogmatische, maoïstische en sektarische splinterpartij geleidelijk bij meer kiezers in beeld te komen. Op cruciale momenten in haar geschiedenis bleek de SP bereid afstand te doen van opvattingen die een barrière vormden voor het winnen van nieuwe aanhang. Zo werd socialisme aan het eind van de jaren negentig door de SP teruggebracht tot de trits menselijke waardigheid, gelijkwaardigheid en solidariteit – morele waarden waar niemand met goed fatsoen tegen kan zijn. De SP streeft tegenwoordig – evenals de PvdA – niet langer naar socialisatie van de productiemiddelen of planning van de productie, maar naar versterking van de sociale verzorgingsstaat en regulering van de markt.

Deze sociaal-democratisering van de SP zal de overstap van PvdA-kiezers bij de laatste Kamer- en Statenverkiezingen hebben vergemakkelijkt. Andere oorzaken van het succes zijn de activistische inslag van de SP (die blijkt uit vele buitenparlementaire acties) en vooral ook een populaire lijsttrekker. Jan Marijnissen weet telkens weer op een authentieke en consistente wijze de ‘anti-neoliberale’ maatschappijkritiek te vertolken. In een tijd waarin de gevestigde partijen onder vuur liggen, kan het protestimago de SP electoraal ook hebben geholpen. De partij mag dan in 2002 van de ‘stem tegen’-strategie zijn afgestapt, het beeld van een anti-establishmentpartij zal bij velen niet geheel zijn uitgewist – al was het maar omdat de SP in de referendumcampagne tegen de Europese grondwet in 2005 zo’n prominente rol speelde.

Afgaande op de verkiezingsuitslagen van de laatste tijd lijkt de conclusie gerechtvaardigd dat het abonnement van de PvdA op het leeuwendeel van de linkse stem verlopen is.

Wanneer de PvdA zich als regeringspartij opnieuw genoopt ziet impopulaire maatregelen te nemen, zou de SP haar voorbij kunnen streven. Het is zelfs denkbaar dat de PvdA in de komende decennia het treurige lot van de Italiaanse Socialistische Partij zal delen, die in de tweede helft van de twintigste eeuw geleidelijk overschaduwd en uiteindelijk zelfs geheel platgedrukt werd door de zich naar het midden bewegende en ‘sociaal-democratiserende’ communisten.

Het is echter ook mogelijk dat de PvdA bij een volgende verkiezing net als in 2003 haar weggelopen kiezers terughaalt. Als stemmentrekker Marijnissen van het politieke toneel verdwijnt, zal de SP zeker moeite hebben haar electorale aanhang te behouden. In Duitsland en in Scandinavische landen zijn de sociaal-democratische partijen (nog steeds) veel groter dan hun linkse concurrenten – partijen waarmee de SP zich duidelijk verwant voelt. De sociaal-democratische partijen in deze landen lijken overigens (nog steeds) hechter geworteld in de samenleving dan de PvdA.

Welke van de twee scenario’s ook bewaarheid wordt: zeker is dat de PvdA zich erop moet instellen dat zij niet alleen haar structurele hegemonie op links kwijt is, maar hoogstwaarschijnlijk ook haar monopoliepositie in de Nederlandse sociaal-democratie – door toedoen van de SP.

Paul Lucardie en Gerrit Voerman zijn verbonden aan het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen van de Rijksuniversiteit Groningen. Voerman schrijft momenteel aan een geschiedenis van de SP, getiteld ‘22 november 2006’, dat op 30 maart verschijnt.

Bekijk op anderetijden.nl de documentaire ‘Daan en zijn onderdanen’, over Daan Monjé, grondlegger van de SP

Rectificatie / Gerectificeerd

In de noot onder het opiniestuk ‘Nog even en de SP laat de PvdA links liggen’ (nrc.next, 9 maart) staat dat auteur Gerrit Voerman een boek schrijft, getiteld 22 november 2006, „dat op 30 maart verschijnt”. Dat klopt niet. Titel en datum horen bij een publicatie over de PvdA, onder redactie van Frans Becker en René Cuperus. Het boek van Voerman verschijnt begin 2008.