Dutch School

Buitenlandse journalisten reageren altijd wat lacherig als ik begin over de Hollandse School. Ik ben mijn verhaaltje over de culturele erfenissen van Johan Cruijff en aanvallend positiespel nog niet begonnen of de blikken gaan wazig een andere kant op. Ja, zal wel. Zelfs in Noord-Londen hebben ze geen idee wat je bedoelt. Hoezo, Dutch School? Terwijl je de club die daar speelt, Arsenal, met recht een Engelse enclave kunt noemen van onze voetbalcultuur. Onder aanvoering van trainer Arsène Wenger heeft Arsenal zich ontwikkeld van een saaie club tot een instituut waar ze precies doen wat ze bij Ajax pretenderen. Ze leiden er jonge voetbalenten op tot een speels geheel van techniek en frivole combinaties, van positiewisselingen en dominant, verrukkelijk voetbal dat je elders in Engeland niet te zien krijgt.

Zo beschouwd vormden de Champions League-wedstrijden tussen Arsenal en PSV een confrontatie tussen twee ontheemde instituten. Want de speelwijze van PSV kon je bepaald niet Hollands noemen – eerder Duits. Twee keer negentig minuten waren de mannen uit Eindhoven in de eerste plaats bezig de virtuozen uit Londen het flonkeren onmogelijk te maken. Dat dat lukte was niet zozeer een triomf voor de Nederlandse cultuur, als wel voor de Duitse. De zege was te danken aan geconcentreerd verdedigen, aan rekenwerk, aan toeslaan op het juiste moment. Aan de benadering die aanhangers van de Hollandse School verfoeien.

De statistieken van de UEFA liegen niet. Zelfs in Eindhoven ondernam PSV minder doelpogingen dan Arsenal. De 1-0 zege rustte op een afstandsschot. In Londen kanonneerde PSV de bal welgeteld één keer tussen de palen van de tegenstander: een kopbal uit een corner was genoeg voor een 1-1 gelijkspel. De totaalscore van doelpogingen was 12-5 voor Arsenal. Score van schoten naast of over het doel: 13-7 voor Arsenal. Waarmee wel duidelijk werd wie er aanviel, en wie er verdedigde.

Met een verscheurd gevoel bleef ik achter. Eerst Barcelona uitgeschakeld, nu Arsenal. Zonder deze bakens van hartveroverende artisticiteit, de finalisten van vorig jaar met hun ‘Hollandse’ aanpak, zijn de kwartfinales in de Champions League straks overgeleverd aan de gestaalde vechtjassen van Europa.

Waaronder dus ons aller PSV. Iets om trots op te zijn. Die andere trots, die op de Hollandse School met z’n positieve spelopvatting, heeft het nakijken. Wat droef stemt. En nu maar hopen dat PSV het ver schopt. Over PSV zeggen tegenstanders dat je er moeilijk van wint. Fascinerend is dat ze het in Eindhoven net zo zeggen: wij zijn moeilijk te verslaan. In plaats van: wij winnen gemakkelijk. Niet verliezen staat kennelijk voorop.

In de Champions League is ons chauvinistisch gemoed voorlopig afhankelijk van een Duitse enclave in Oost-Brabant.