Natte westenwinden gieren van venijn

‘Wanneer de norse vloed beukt aan het zwart basalt, en over dijk en duin de nevel valt. (..) Dan vecht mijn land, mijn vlakke land.’

Zouden ze in de dealingrooms van banken hun Jacques Brel paraat hebben? Vast niet. Daar hielden ze zich vandaag vooral bezig met de Europese Centrale Bank (ECB). Gezien het feit dat er vrijwel niemand op de financiële markten verwachtte dat de Europese Centrale Bank zijn belangrijkste rente niet zou verhogen vandaag – van 3,5 procent naar 3,75 procent – verlegde de discussie zich op voorhand al naar de volgende stap van Frankfurt. Gaat de rente verder omhoog, en wanneer dan?

Dat discours gaat voorbij aan een belangrijke gebeurtenis die nu al aan het plaatsvinden is: het land wordt vlak. Niet alleen het Vlaanderen waarover Brel zong, maar ook de rest van het eurogebied. Na de stap van vandaag is de rentestructuur in de eurozone vrijwel plat. Ga maar na: 3,75 procent voor de dagelijkse geldmarkt, 3,86 procent voor eenjaars staatsobligaties, 3,87 procent voor vijfjaars en 3,95 procent voor tienjaars.

Er zit nauwelijks verschil meer tussen kortlopend en langlopend lenen. En dat komt niet zo heel vaak voor. Normaal is de kortlopende rente lager dan de langlopende rente. Beleggers die hun geld langer vastleggen, willen beloond worden voor het extra risico.

Macro-economisch wordt van oudsher de conclusie getrokken dat een vervlakkende rentestructuur de voorbode is van slecht nieuws. Als de structuur omkeert, en de korte rente hoger wordt dan de lange, dan kan er zelfs een risico ontstaan voor een economische neergang. In de VS is die omgekeerde rentestructuur al een feit. Daar is de korte rente nu 5,25 procent, terwijl de tienjaarsrente gisteren sloot op 4,52 procent.

Het is de vraag of die macro-economische wetmatigheid nog opgaat. De oude verbanden tussen de monetaire economie en de reële economie zijn door alle innovaties op de financiële markten veel zwakker dan voorheen. Maar banken hebben er wel last van. Kort inlenen en langlopend wegzetten, een traditionele bron van inkomsten, binnen het zelfde muntgebied brengt weinig tot niets meer op. Het rentebedrijf zal vanaf nu vooral nog gaan over de toch al flinterdunne marges tussen het inlenen en uitlenen met een gelijke looptijd.

Dat betekent: meer risico’s nemen, en dat geldt ook voor de handel op de financiële markten die een andere bron van inkomsten is.

Het klimaat verandert voor de financiële wereld en zijn inwoners. Volgens Brel: ‘Wanneer de lage lucht ons nederigheid leert.’

Maarten Schinkel