Matrone voor ‘il direttore’

De matrone uit zuidelijker streken is een krachtig gebouwde zakenvrouw met het zwarte haar strak naar achter geplakt. In Nederland wordt ze nieuwsgierig bekeken, maar verdere stappen worden niet gezet.

Het vlaggenschip van de Italiaanse autofabrikant Lancia, de Thesis, is als deze matrone. In Rome volgens onze correspondent een populaire auto voor ‘il direttore’, op de Nederlandse wegen een zeldzame verschijning. De Mexicaanse ambassadeur op het Nassauplein heeft er een, in heel Den Haag rijden er misschien vijf rond.

Vooral dankzij de ‘Bentley achterkant’ is de neiging tot kijken en gissen door medeweggebruikers en passerende hondenbezitters groot. Maar in een week tijd is het niemand gelukt om zelfs maar het juiste merk te raden. Ook niet door mannen die het tot de betere wijken van de residentie hebben weten te schoppen.

We stappen in. De portieren zuigen zich dicht. Het ossenbloedrode alcantara van de stoelen ontvangt ons. De stoel stelt zich vanzelf in op de juiste positie, handig. Zeeën van beenruimte. Na het omdraaien van de contactsleutel loopt de diesel met een krachtig, donker geluid. Gedempt licht valt door het ‘privacy-glas’ van de achterramen. Wat er ook op de achterbank gebeurt, slechts de inzittenden kunnen ervan genieten.

Plots onderbreekt een luide piep het motorgebrom. En dan nog een piep, op een net iets andere toonhoogte, en nóg een met een iets kortere frequentie. Juist, we zijn ingeparkeerd. Voor én achter staan auto’s. En het is beneden de drie graden. En ik heb mijn gordel nog niet om. Ik wil best aanwijzingen krijgen, maar dit is te veel. Na aanvankelijke onrust betekent dat: gewoon negeren. De bijrijder ondergaat dezelfde onrust. Even dreigt een gebrek aan vertrouwen in mij als bestuurder te ontstaan. Kunnen al deze signalen wel zo lichtvoetig genegeerd worden? Ja dat kan, we manoeuvreren de Thesis de weg op en duwen het gaspedaal naar beneden.

De dieselmotor gaat liever voor de lange baan dan voor de kortebaanwedstrijd. Het gaat om veel kracht, maar die wordt geleidelijk in beweging omgezet. We zitten in een grote zakenauto, niet in een sportwagen. Het kan allemaal sneller, maar dan staat het brandstofverbruikwijzertje onder de toerenteller helemaal naar rechts gedrukt.

Wat uitstoot betreft is de Thesis te zien als de Italiaanse bijdrage aan een warmer klimaat. De Europese norm gaat naar 120 gram CO2 per kilometer, de uitstoot van de Thesis ligt op het dubbele.

Met een beroep op de kwaliteit van deze testrit, duw ik door tot 150 kilometer per uur. Niets van te merken. De motor bromt nauwelijks hoorbaar. Oneffenheden worden soepel weggemasseerd, de vering geeft het gevoel van een waterbed. Hier is de Thesis voor bedoeld: lekker lang dieselen. ‘Het boekje’ meldt dat de vering zich aanpast aan de rijstijl van de bestuurder. Een verkeersdrempel wat minder rustig nemen lukt mij niet zonder het asfalt te raken. Misschien dat een ander het de auto wél kan aanleren.

Dankzij een gelukkig toeval wordt deze test wel heel compleet: sneeuw! De Thesis ligt altijd als een blok op de weg. Daarom rijd ik vol vertrouwen richting einde van de Utrechtse Baan in Den Haag. Zachtjes druk ik het rempedaal in. Hé, we glijden. De 1.800 kilo blijkt niet te stoppen. De rij auto’s voor het verkeerslicht komst angstig snel dichterbij. Na een ruk aan het stuur verandert de wagen van richting. Gelukkig staat een paar banen naar rechts het licht op groen. Dan daar maar heen, net zo makkelijk. Voor de bocht weet ik de Thesis tot stilstand te brengen. Mocht het ooit nog eens sneeuwen, probeer dan eens het ‘ice programma’ van de automatische versnellingsbak.

Ben Vollaard

Ben Vollaard is redacteur economie bij NRC Handelsblad en rijdt in een Mercedes 230 uit 1979.