Een goed vaccin is niet meer goed genoeg

Nieuwe vaccins verdringen elkaar voor een plek in de injectiespuit, maar steeds meer mensen betwijfelen het nut. De overheid moet dat sentiment meetellen, vindt de Gezondheidsraad.

Het Rijksvaccinatieprogramma, in de vijftig jaar van zijn bestaan gericht op ouders en hun jonge kinderen, gaat uitbreiden naar pubers en volwassenen. De reden is dat er vaccins aankomen tegen seksueel overdraagbare ziekten, en tegen aandoeningen als gordelroos die meestal bij senioren toeslaan.

In een gisteren verschenen advies van de Gezondheidsraad aan minister Klink (volksgezondheid) zijn zeven criteria beschreven waar zulke nieuwe vaccins aan moeten voldoen om een plaatsje in het programma te krijgen. En in de formulering van de criteria is er niet alleen aandacht voor werkzaamheid, prijs en kwaliteit van de vaccins, maar ook voluit voor het – tanende – vertrouwen dat het grote publiek heeft in de van rijkswege verstrekte vaccins.

„Een goed vaccin is niet genoeg”, zei dr. Theo Paulussen, deskundige op het gebied van gezondheidscommunicatie en lid van de commissie die het advies over het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) schreef, gisteren op een symposium in het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) in Bilthoven.

Het vrijwel blinde vertrouwen in de tien of elf vaccins die kinderen krijgen, vertoonde het afgelopen decennium barsten, al ligt de vaccinatiegraad nog altijd boven de kritische grens van 95 procent.

Tot de traditionele tegenstanders van vaccinatie behoren groepen streng gereformeerden in de bible belt, en antroposofen die vinden dat kinderen natuurlijke afweer moeten opbouwen. Maar het afgelopen decennium zijn er nieuwe groepen critici opgekomen die bijvoorbeeld beweren dat ziekten als astma en autisme door vaccinaties kunnen ontstaan.

Tamelijk plotseling moesten de mensen die vaccineren, op de Consultatiebureaus, vragen beantwoorden over de zin en veiligheid van vaccinaties, waar ze geen antwoord op hadden.

In de voorlichtingscampagne die in reactie daarop sinds 2003 is ontwikkeld worden mensen benaderd als rationele wezens die uit zijn op het maximaliseren van nut. Maar mensen beslissen niet op rationele gronden, betoogde Paulussen.

Uit schaars onderzoek blijkt dat mensen die hun kinderen massaal laten vaccineren relatief laag opgeleid zijn en het idee hebben dat je vrij snel ernstige ziekten kunt oplopen. Ze handelen uit gewoonte en onder sociale druk van de omgeving. En ze hebben weinig behoefte aan informatie.

Probleem is, aldus Paulussen, dat die mensen geen weerwoord hebben op kritiek. Het betekent dat ze snel kunnen veranderen in niet-vaccineerders. Mensen die twijfelen over vaccinatie, zegt Paulussen, zijn hoog opgeleid, verzamelen actief informatie, vinden de risico’s van de vaccins hoog, twijfelen aan de bron van de informatie en zijn autonome beslissers – ze staan nauwelijks onder sociale controle.

In het advies zegt de Gezondheidsraad dat in de toekomst verifieerbare, tweezijdige informatie moet worden gegeven, zodat mensen de informatie zelf verwerken, en dat er ook ingespeeld kan worden op emoties. Zoals ‘geanticipeerde spijt’ die kan ontstaan als je overdenkt dat je je kind niet laat vaccineren en de ziekte daarna toch toeslaat. Hoe voel je je dan als ouder?

De nieuwe set criteria waar nieuwe vaccins aan moeten voldoen is opgesteld met dat kritische publiek in het achterhoofd. “Het ziet er naar uit dat we nieuwe vaccins niet allemaal kunnen toelaten”, zei dr. Marcel Verweij, ethicus in de vaccincommissie van de Gezondheidsraad. Voorlopig vergt dat gewoonweg te veel prikken.

Zes van de criteria gaan over meetbare zaken als ernst van de ziekte waartegen het vaccin zich richt, bijwerkingen en last die vaccinaties veroorzaken. Maar: daarbij is rekening gehouden met het vertrouwen dat behouden moet blijven. Een vaccin dat heel goed een ziekte uitroeit, maar jaarlijks een paar doden door een bijwerking vergt, zal het niet halen. In het zevende criterium wegen deskundigen alle beschikbare vaccins tegen elkaar af en stellen een prioriteit. Dat criterium zal de komende jaren wel het struikelblok voor veel vaccins zijn. De komende jaren komen er beslissingen over vaccins tegen het diarree veroorzakende rotavirus, tegen het humaan papillomavirus (HPV) dat baarmoederhalskanker kan veroorzaken en tegen waterpokken of gordelroos. Het laat zien dat het RVP niet meer alleen voor kleine kinderen is. HPV is een virus dat bij seks overspringt en beginnende pubers zouden ertegen moeten worden ingeënt voordat ze hun eerste sekscontact hebben. Een vaccin tegen gordelroos zou aan 50-jarigen kunnen worden aangeboden.