Biobrandstof bindt Brazilië en Bush

Op tournee in de regio wil Bush vandaag in Brazilië afspraken maken over de productie van biobrandstof. Ethanol wordt het nieuwe smeermiddel voor een nieuwe regionale alliantie.

Toespraken van de conservatieve George W. Bush leiden in het linkse Latijns-Amerika doorgaans niet tot veel enthousiasme. Maar in Brazilië werd menige vreugdedans gemaakt toen de Amerikaanse president begin dit jaar aankondigde een einde te willen maken aan de Amerikaanse benzineverslaving.

Dertig jaar geleden begon het grootste land van Latijns-Amerika met de ontwikkeling van alternatieve brandstoffen zoals ethanol (gemaakt van suikerriet) en later ook biodiesel (van plantaardige olie of dierlijk vet). Acht op de tien nieuwe auto’s rijden er deels op schone brandstof. Maar de vooruitstrevende technologische ontwikkeling wordt economisch een stuk interessanter nu Bush wil dat de VS binnen tien jaar het gebruik van ouderwetse benzine met 20 procent terugdringen.

Vandaag begint Bush aan een tournee door Latijns-Amerika, die begint in de industriële hoofdstad van Brazilië, São Paulo. In de week die volgt bezoekt hij nog Uruguay, Colombia, Guatemala en Mexico. In Brazilië zal hij samenwerkingsovereenkomsten tekenen voor de verdere ontwikkeling van alternatieve brandstoffen. „Voor Brazilië is het heel belangrijk dat er een internationale markt ontstaat voor schone brandstoffen. Als de Amerikanen bereid zijn de importbelasting van 14 dollarcent per liter af te schaffen, kan Brazilië op termijn vele miljarden dollars aan alternatieve brandstoffen exporteren”, voorspelt de Braziliaanse ambassadeur en president-commissaris van de firma Ecodiesel (grootste producent van biodiesel), Jorio Dauster.

„Dankzij de immense omvang van het land, de gunstige klimatologische omstandigheden en de voorsprong in de technologische ontwikkeling lijdt het geen twijfel dat Brazilië de grootste exporteur zal worden van alternatieve brandstoffen in de wereld”, zegt Dauster. Brazilië, dat zich graag afficheert als het land van de toekomst, verwacht het Saoedi-Arabië van de schone olie te worden.

De brandstofalliantie heeft voor beide landen ook politieke voordelen. Bush noemde de samenwerking eerder een goede kans om de na ‘11 september’ verwaarloosde banden met Latijns-Amerika aan te halen. „Energie heeft de macht van landen vergroot die wij negatief beoordelen, zoals Venezuela en Iran. Amerika is beter af met meer diversiteit in energiebronnen en het verminderen van onze afhankelijkheid van olie”, zei de Amerikaanse onderminister van Buitenlandse Zaken Burns vorige maand tijdens een voorbereidend bezoek aan São Paulo.

De Amerikaanse ethanoldiplomatie wordt door het olierijke Venezuela – dat nu 90 procent van zijn olie afzet in de VS – met argusogen bekeken. President Hugo Chávez, die geen dag voorbij laat gaan om Bush uit te schelden voor duivel en moordenaar, sprak vorige week in een live uitgezonden telefoongesprek met kameraad Fidel Castro zijn bezorgdheid uit over de schadelijke milieueffecten van het gebruiken van planten als brandstof. Het leidt volgens hem tot het kappen van bossen en uiteindelijk wordt voedsel duurder, waarschuwde hij. Op uitnodiging van de Argentijnse president Néstor Kirchner, die door Bush niet wordt bezocht, zal Chávez morgen in Buenos Aires een anti-Bush manifestatie aanvoeren.

„De groeiende vraag naar ethanol kan een bedreiging zijn voor het Braziliaanse regenwoud. Het is belangrijk dat het Amazonegebied goed wordt beschermd”, verklaarde ook de milieuchef van de VN, Achim Steiner, deze week tegenover persbureau Reuters. Sojateelt heeft in Latijns-Amerika tot een grote kaalslag geleid. Met de grootschalige verbouw van suikerriet dreigt verdere ontbossing.

Maar volgens Dauster zal het milieu juist vooral profiteren van het gebruik van plantaardige in plaats van fossiele brandstoffen. Het leidt tot minder uitstoot van stoffen die nu het broeikaseffect veroorzaken. En de economische en sociale voordelen zijn enorm. Aan het eind van dit jaar zal zijn bedrijf Ecodiesel contracten hebben afgesloten met honderdduizend boeren – drie keer zoveel als in 2006 – die voor vier fabrieken zaden leveren van de wonderboom en zonnebloempitten.

Eerder deze maand hebben Brazilië, de VS, China, India, Zuid- Afrika en de Europese Unie in VN- verband het International Biofuels Forum opgericht. In overleg hopen de landen een gemeenschappelijke ethanol standaardnorm overeen te komen. Dat maakt het makkelijker om ethanol wereldwijd als grondstof te verhandelen.

De VS (18,3 miljard liter ethanol per jaar) en Brazilië (17,4 miljard liter) produceren samen 72 procent van de totale hoeveelheid ethanol. De nationale consumptie is in de VS 21,1 miljard liter en in Brazilië 15 miljard liter. Brazilië produceert veel efficiënter: 6.000 liter per hectare en in de VS is dat 3.500 liter. En de kosten van de suikerriet ethanol zijn in Brazilië met 22 dollarcent per liter lager dan de Amerikaanse ethanol van maïs, die 30 dollarcent per liter kost. De Braziliaanse concurrentie wordt wel bemoeilijkt doordat de Amerikanen op de Braziliaanse ethanol 14 cent per liter heffen.

Om twintig procent van de brandstofconsumptie te vervangen door ethanol hebben de VS zeven keer zo veel ethanol nodig als ze nu produceren. Er is in Amerika eenvoudigweg niet genoeg landbouwgrond om dit zelf te vervaardigen. De VS hebben daarom Brazilië nodig als partner. En Brazilië hoopt naast brandstof ook techniek en wellicht schone auto’s te kunnen exporteren of vliegtuigjes die ethanol gebruiken.

De VS hopen dat de Braziliaanse president Luiz Inácio Lula da Silva zijn vaderlijk politiek gezag en versterkte regionale leiderschap zal gebruiken om buurman Chávez meer in toom te houden. Lula heeft gezegd zich niet te zullen bemoeien met de koers van de net democratisch herkozen Chávez. De Braziliaanse president heeft deze week ook gezegd van Bush te eisen dat de Amerikaanse importheffingen moeten verdwijnen.

De nieuwe liefde die Bush deze week aan de dag legt voor de regio – een alternatief voor de mislukte pan-Amerikaanse vrijhandelszone – blijft overigens relatief klein. Jaarlijks trekken de VS 1,6 miljard dollar uit voor hulp aan Latijns-Amerika. Dat is ongeveer evenveel als ze in vijf dagen besteden aan de oorlog in Irak. En het is een stuk minder dan het oliegeld dat de regionale aanvoerder van de autoritaire populisten en anti-amerikanisten Chávez er uitdeelt.