Timor gaat onrustige tijd tegemoet

De ontsnapping van een rebel heeft het conflict in Oost-Timor aangewakkerd.

De aanstaande verkiezingen zorgden al voor spanningen.

Het jongste lid van de Verenigde Naties, Oost-Timor, gaat een onrustige tijd tegemoet. Bijna een jaar nadat buitenlandse troepen te hulp schoten om de orde in het land te herstellen, voert het land het waagstuk op van verkiezingen. Het gezag van de regering staat of valt ondertussen met de Australische troepen in het land en diverse etnische en politieke facties vechten een bittere strijd onder elkaar uit om de macht.

Afgelopen weekeinde nog mislukte de arrestatie van de militaire rebel Alfredo Reinado, die zich met volgelingen en wapens ergens in het onherbergzame binnenland van Oost-Timor ophoudt. Vier van zijn medestanders werden volgens het Australische leger – dat de opdracht tot arrestatie van de Oost-Timorese president had gekregen – gedood.

Dan zijn er in en rond de troosteloze hoofdstad Dili ook altijd nog zo’n 100.000 mensen die al een jaar in tenten bivakkeren omdat ze niet meer naar huis durven na het etnische geweld van mei vorig jaar, waarbij zeker twintig doden vielen. Ook hun veiligheid staat of valt voorlopig met de aanwezigheid van de VN-troepen.

En dan zijn er 9 april presidentsverkiezingen in dit armste land van Azië. Vijf jaar geleden kreeg het ruim een miljoen inwoners tellende Oost-Timor na een bloedige strijd met de Indonesische bezetter uit handen van de Verenigde Naties zijn onafhankelijkheid. President werd de charismatische vrijheidsstrijder Xanana Gusmão. Die is nog altijd populair, maar dat was een jaar geleden te weinig om spanningen tussen diverse groeperingen te kunnen beteugelen. Het hele legertje van Oost-Timor moest na een dreigend gewelddadig conflict met de politie naar huis worden gestuurd en later verliet te midden van ernstige ongeregeldheden ook het grootste deel van de politie in de hoofdstad het toneel.

De ontslagen majoor Alfredo Reinado trok het binnenland in, voerde af en toe overleg met de politici in Dili en verscheen ook herhaaldelijk in de media, maar ontpopte zich geleidelijk aan toch tot een heus gevaar voor de autoriteiten in de hoofdstad. En nadat de rebel onlangs een wapenarsenaal had overvallen gaf de president opdracht tot arrestatie.

De mislukking van afgelopen weekeinde inclusief de doden zet het conflict nu verder op scherp op een moment dat de rust en orde toch al worden bedreigd door de nieuwe presidentsverkiezingen. Belangrijkste kandidaat is de huidige premier en vroegere Nobelprijswinnaar José Ramos-Horta. Hij was vanaf het begin minister van Buitenlandse Zaken geweest, maar zag zich vorig jaar gedwongen om premier te worden, toen de zittende premier te midden van de onlusten en geruchten van medeplichtigheid en corruptie het veld moest ruimen. „Een ondankbare en lastige taak”, zoals Ramos-Horta dit onverwachte premierschap zelf noemde, maar voor zijn land buitengewoon nuttig, omdat hij groot prestige in het buitenland geniet.

De huidige president Gusmão had al eerder aangegeven geen nieuwe termijn meer te ambiëren. Hij wil een nieuwe partij oprichten en later dit jaar meedoen aan de parlementsverkiezingen. Dat zou ook de vroegere verzetsbeweging Fretilin, die nu als grootste partij de touwtjes in handen heeft, een ernstige slag kunnen toebrengen.

Mocht het allemaal lukken, dan blijven de twee mannen met gezag en prestige in de wereld de komende jaren, zij het in andere posities, hoofdrolspelers in de verdere ontwikkeling van het labiele Oost-Timor. Dat wil zeggen: hoofdrolspelers bij de gratie van de Verenigde Naties en – meer nog – bij de gratie van de Australische troepenmacht op het eiland.