Middagdutje in Singapore

Bouwvakkers in Singapore doen een middagdutje onder een brug. De stadstaat, waar 4,5 miljoen mensen wonen, is economisch succesvol en volop aan het bouwen. Het succes, en de arrogantie van de stad, hebben de afgelopen weken tot spanningen met de buurlanden Indonesië en Maleisië geleid.

Daardoor is de bouwsector in problemen gekomen. Indonesië en Maleisië weigeren nog zand te leveren, een belangrijke grondstof voor de bouwsector. Ook heeft Indonesië de uitvoer van graniet bemoeilijkt door extra controles. Bovendien patrouilleren acht Indonesische oorlogsschepen in de zee-engte om te verhinderen wat normaliter bij zo’n verbod gebeurt: de illegale handel.

Voor Indonesië is Singapore een soort Zwitserland, schreef correspondent Ben Knapen vorige maand. Indonesisch privékapitaal staat er geparkeerd, er is bankgeheim en Singapore levert misdadigers niet aan Jakarta uit. De stadsstaat wil iedereen met geld laten weten dat Singapore een veilige haven is en blijft.

Officieel beweert de Indonesische regering dat ze het zand niet wil leveren omdat ze het zelf nodig heeft en zich bovendien zorgen maakt om het milieu. Maar het is een publiek geheim dat dit een smoes is.