Joekels van vissen, dat kán helemaal niet

In het vorig jaar aangelegde Oldambtmeer bij de Groningse Blauwe Stad bevinden zich meer en grotere vissen dan logischerwijs mogelijk is. De Hengelsportfederatie Groningen Drenthe gaat daarom morgen samen met het Waterschap Hunze en Aa’s onderzoeken wat voor soorten vis zich in het meer bevinden. „We staan voor een klein raadsel”, zegt beleidsmedewerker Albert Jan Scheper.

Hoe komt die vis in het meer?

„In een nieuw water kan zomaar vis rondzwemmen, dat is een bekend fenomeen. Via watervogels komt viskuit in het water terecht. Via ingelaten water uit sloten kan ondanks de zuiveringsinstallatie ook vis in het meer zijn gekomen. En sportvissers kunnen illegaal vis hebben uitgezet. Hoe dan ook, de geruchten zijn hardnekkig dat het in het meer wemelt van de vis. En met hulp van sonar-apparatuur zijn schaduwen van vissen waargenomen, die veel groter zijn dan logischerwijs verklaarbaar is.”

Kan dat niet een ontsnapte zeehond uit Pietersburen zijn?

„Haha. Nee, dat lijkt me onmogelijk. De schaduwen zijn zo’n 20 tot 30 centimeter groot.”

Dertig centimeter? Volgens uw persbericht dringt zich een vergelijking op met het monster van Loch Ness. Is dit soms een publiciteitsstunt om het Oldambtmeer op de kaart te zetten?

„Blauwe Stad is een prestigieus project. En als hengelsportfederatie willen we het fenomeen vis graag onder de aandacht brengen. Het uitgangspunt is een helder en plantenrijk watergebied, dat vooral aan snoek en rietvoorn een goede leefomgeving moet bieden. Nu is het zo dat veel sportvissers in het voorjaar naar Denemarken rijden. Zo ver hoeft niet. Bij Winschoten kunnen ze straks de afslag naar Blauwe Stad nemen.”

Arjen Ribbens