Ruzie privatisering Schiphol gesust

Het ministerie van Financiën en de gemeente Amsterdam hebben hun conflict over de gedeeltelijke privatisering van Schiphol bijgelegd. Minister van Financiën Bos (PvdA) heeft de juridische procedure tegen Amsterdam ingetrokken, waardoor de gemeente weer beschikt over het vetorecht dat Financiën eerder had aangevochten.

Bos heeft contact gehad met de Amsterdamse wethouder Asscher (PvdA) over Schiphol.

Het conflict ontstond vorig jaar omdat toenmalig minister Zalm (VVD) doorzette een minderheid van het overheidsbelang in Schiphol naar de beurs te brengen. De Amsterdamse gemeenteraad sprak hierover een veto uit. Zalm vernietigde dit veto, verwijzend naar toestemming van het parlement voor de deelprivatisering. Amsterdam ging tegen dit veto in beroep.

Het conflict spitste zich toe op een krachtmeting tussen Zalm en Asscher. Toen vorig jaar zomer het kabinet viel en er vervroegde verkiezingen in zicht kwamen, begon Amsterdam een vertragingstactiek om de privatisering uit te stellen. De Kamerverkiezingen van 22 november brachten de politieke verschuiving waarop Amsterdam gehoopt had. Bovendien heeft Zalm als minister van Financiën inmiddels plaatsgemaakt voor een partijgenoot van Asscher.

In het regeerakkoord van het kabinet Balkenende-IV is afgesproken dat de privatisering van Schiphol niet doorgaat.

Zalm had vorig jaar onder druk van het CDA in de Kamer toegezegd een deel van de aandelen via onderhandse plaatsing bij institutionele beleggers onder te brengen. Dat was toen voor Amsterdam onbespreekbaar.

Bos zei eergisteren voor Radio 1 dat onderhandse plaatsing een „variant” is die aan de orde zal komen. Hij sprak ook over „andere varianten” zonder deze nader toe te lichten. Volgens de minister willen Amsterdam en Financiën voor het eind van het jaar een besluit hebben genomen over de wijze waarop het Rijk en de gemeente met het aandelenbelang zullen omgaan en waarmee ook de slagkracht van Schiphol gebaat is.