Kabeljauw, heilbot en heek zijn uitgeput en overbevist

Door overbevissing nemen de visstanden wereldwijd af.

Een nieuw rapport legt de schuld daarvoor mede bij de politiek.

„Afgelopen maand was ik in Mauretanië”, vertelt Carel Drijver van het Wereldnatuurfonds. „Van twaalf visfabrieken waren er in dat gebied nog acht over, en zelfs daar stond een deel van leeg. Er is gewoon geen aanvoer van vis meer.”

Door overbevissing nemen visstanden wereldwijd af en politici dragen schuld aan het uitblijven van maatregelen. Deze vaststelling deed de voedsel- en landbouworganisatie FAO van de Verenigde Naties gisteren in een nieuw rapport. Pogingen om visserijbeheer beter aan te pakken zijn „tegengewerkt, of zelfs tot stilstand gebracht”, zo stelt het rapport, doordat sommige landen „halsstarrige posities innemen die ingaan tegen een gezond regionaal visserijmanagement”.

Beheer van visserijgronden wordt geregeld in een ondoorzichtige kluwen van enkele tientallen organisaties. Die zijn soms regionaal georganiseerd en soms naar vissoorten, bijvoorbeeld bij tonijn, die hele oceanen tot hun domein rekenen. Sommige organisaties vallen onder de FAO, anderen niet. De macht om sancties op te leggen hebben de organisaties niet. De FAO stelt dat deze zogeheten Regional Fisheries Management Committees (RFMO) in ieder geval moeten worden versterkt. Het visserijcomité van de organisatie zal deze week hierover spreken.

Landen werken soms expliciet een beter visserijbeheer tegen, zegt Carel Drijver van het Wereldnatuurfonds. „Dat hebben we onlangs nog gezien toen Nieuw Zeeland en Australië in New York bij de VN een voorstel deden om sleepnetten in diepzee te verbieden, maar landen als IJsland hebben dat van tafel geveegd.” Als er al regulering is, dan schort er nog veel aan de uitvoering, meent Drijver: „Sommige landen hebben hun eigen vloot niet onder controle, zoals Rusland, China, Japan of Spanje. Illegale vangsten bedragen waarschijnlijk zo’n 40 à 45 procent van de totale vangsten.”

Tweederde van de vissoorten op volle zee, aldus de FAO, zijn ofwel overbevist en lopen risico uit te sterven, of al uitgeput en leveren alleen nog maar historisch lage vangsten op, hoe hard vissers ook hun best doen. Met name kabeljauw, heilbot, heek en blauwvintonijn vallen in deze categorieën. Voor beheer van tonijn bestaat een wereldomvattende commissie maar „tijdens een recente vergadering in Japan besloten ze alleen om meer gegevens te verzamelen, niet om de visserij te beperken”, zegt Drijver.

Regionaal gezien zijn de grootste probleemgebieden het noordoosten en zuidoosten van de Atlantische Oceaan en het zuidoosten van de Stille Oceaan. In deze gebieden hoort 46 tot 66 procent van de visstanden tot de categorieën overbevist of uitgeput.

De EU draagt bij aan overbevissing in andermans wateren, zegt Drijver. „De Unie sluit visserijakkoorden met westelijk Afrika zodat Europese schepen daar mogen vissen, maar maakt geen afspraken over quota. Europeanen vissen op inktvis voor de kust van Mauretanië, terwijl dat hoofdbestanddeel is van het voedsel daar.”

Kijk voor meer informatie op www.savethehighseas.org