‘Genocide’ wordt misbruikt voor langer verblijf Irak

De voorstanders van een voortgezet verblijf in Irak roepen steeds vaker het spook van de genocide op als reden om te blijven. Zo waarschuwde de Republikeinse senator John McCain dat we bij een vertrek van de Amerikaanse troepen „in Bagdad een bloedbad zullen zien waarbij Srebrenica een schoolreisje zal lijken”. Nadat de oorspronkelijke rechtvaardigingen voor de Amerikaanse aanwezigheid in Irak één voor één zijn ontzenuwd – massavernietigingswapens, voorkoming van terrorisme, energiediversificatie, regionale stabilisatie en bevordering democratie – waarschuwen sommige voorstanders van de aanpak van president Bush die de oorlog in Irak van begin af aan hebben gesteund, nu alleen nog voor volkerenmoord.

Andere aanhangers van een langer verblijf in Irak zijn niet zozeer op zoek naar een rechtvaardiging van hun onjuiste oordeel. Zij zijn oprecht bang gemaakt dat de burgeroorlog in Irak nu zo hevig is dat een Amerikaanse terugtrekking tot een algehele slachtpartij zou kunnen leiden. Met de stijgende aantallen burgerslachtoffers hebben ze ook reden zich ongerust te maken.

Hoewel de tegenstanders van terugtrekking bedreven een somber beeld schilderen van de komende apocalyps, vertellen ze niet hoe de Amerikaanse troepen in Irak meer zouden kunnen doen dan het bewaren van een status-quo die steeds meer ontaardt in grootscheepse etnische zuivering. De afgelopen vier jaar waren er meer dan 115.000 Amerikaanse soldaten in Irak, maar niettemin zijn zo’n 3,8 miljoen Irakezen hun huizen ontvlucht en komen daar maandelijks nog 50.000 bij. Het is een mooie gedachte als de aanvoer van nieuwe troepen naar Bagdad deze stroom zou helpen stuiten. Maar aangezien steeds maar eenderde van alle troepen paraat is in Bagdad, een stad van 6 miljoen mensen, zullen nieuwe troepen er niet beter dan tot nu toe in slagen de milities af te schrikken die per se homogene shi’itische of sunnitische wijken willen vestigen. Circa 74 procent van de shi’ieten en 91 procent van de sunnieten – de mensen die het meest van een volkerenmoord te vrezen hebben – zouden de Amerikaanse troepen voor het eind van het jaar willen zien vertrekken.

Helaas hebben veel voorstanders van een Amerikaans vertrek de waarschuwingen voor gruweldaden roekeloos weggewuifd of de schuld van de benarde toestand op de Irakezen zelf geschoven. Om nog meer bloedvergieten te voorkomen moeten we wel erkennen dat er slachtpartijen plaatsvinden en tevens inzien dat de afgelopen zes maanden meer troepen geen effect hebben gehad – en ook verder geen haalbare kaart meer zijn. De VS moeten hun vertrek aankondigen en de tussenliggende maanden gebruiken om voorrang te geven aan de bescherming van burgers door een gedurfde reeks maatregelen die een mengeling zijn van politieke druk, ‘humanitaire verhuizing’ en gerechtelijke afschrikking.

Ten eerste is de meest haalbare weg om op den duur massawreedheden te voorkomen het gebruik van de resterende Amerikaanse invloed ter verwezenlijking van een politiek compromis waardoor de Iraakse shi’ieten, sunnieten en Koerden zich economisch stabiel, fysiek veilig en voldoende in politieke structuren vertegenwoordigd voelen. Dit strookt met het standpunt van vooraanstaande Amerikaanse generaals en van de leden van de Studiegroep-Irak, die hebben beklemtoond dat er geen militaire oplossing is voor de desintegratie van Irak en die de regering, de Irakezen en de overige landen ter plaatse hebben opgeroepen brede politieke onderhandelingen te beginnen.

In plaats van zich achter de Iraakse regering van premier Nouri al-Maliki te scharen, in de hoop dat deze op een dag zal besluiten een eind aan de etnische zuivering te maken, gebruikt het Congres in recente voorstellen tot terugtrekking de invloed van de beoogde aftocht om de Irakezen tot een politieke oplossing aan te zetten. Een plan van de Democratische senator Obama is onder neoconservatief vuur komen te liggen omdat het een datum van vertrek voorstelt. Maar het voorziet wel in een flexibele opschorting van de Amerikaanse terugtrekking als de Irakezen voldoen aan de belangrijkste vereisten op het terrein van economie, politiek en veiligheid waarop ze zich voor dit jaar hadden vastgelegd. Volgens dit plan zou bovendien een deel van de Amerikaanse strijdkrachten in Irak blijven en helpen de gruweldaden van sektarische milities en de agressie van Iraks buurlanden tegen te gaan.

Maar als deze politieke druk mislukt en de Amerikaanse troepen niet in staat zijn een steeds verder om zich heen grijpende burgeroorlog te verhinderen, dan moeten de VS verder gaan en hun bereidheid aankondigen te helpen bij het vrijwillige transport en de verhuizing van Iraakse burgers die gevaar lopen. Als Irakezen ons zeggen dat ze zich veiliger zouden voelen in godsdienstig homogene wijken en wij hebben niet de middelen hen te beschermen waar ze nu zijn, dan moeten we hen steunen en beschermen bij hun vrijwillige, vreedzame evacuatie – een middel om vooruitlopend op ons vertrek volkerenmoord te voorkomen.

De Amerikaanse regering moet een veilig toevlucht helpen zoeken voor die Irakezen – en dit geldt voor miljoenen – die een gegronde angst voor vervolging hebben. Op de voor april geplande VN-conferentie van de hoge Commissaris voor de Vluchtelingen, die zal worden bijgewoond door Jordanië, Iran, Irak, Syrië en de VS, zullen de overbelaste landen van eerste asiel (Syrië biedt een toevlucht aan 1 miljoen Irakezen; Jordanië heeft er 700.000 opgenomen) moeten worden overgehaald om hun poorten voor vluchtende Irakezen weer te openen. En ook de westerse landen moeten de toelating van Irakezen drastisch uitbreiden. Verbazend genoeg hebben de VS vorig jaar maar 202 Irakezen opgenomen en ook al is het maximum voor dit jaar onlangs verhoogd tot 7.000, dit is nog niet voldoende.

Tot slot: als het ons ernst is dat we verdere sektarische verschrikkingen willen voorkomen, dan moeten de VS het duidelijke signaal geven aan de milities en de politieke leiders die wreedheden uitvoeren of laten uitvoeren, dat ze voor hun misdaden terecht zullen moeten staan. Dat betekent dat de VS alsnog steun moeten verlenen aan het Internationale Strafhof, het enige geloofwaardige, onafhankelijk orgaan met de bevoegdheid om misdaden tegen de menselijkheid en volkerenmoord te vervolgen.

Veel voorstanders van een langer verblijf van de Amerikaanse troepen in Irak ter voorkoming van volkerenmoord weigeren tegelijkertijd om politieke redenen de ernst van de ramp te erkennen die zich onder onze ogen voltrekt. Dezelfde mensen die een oorlog baseerden op het gunstigste scenario, verzetten zich nu tegen het einde door zich te beroepen op het ongunstigste scenario. Maar na de jarenlange rechtvaardiging van Amerikaanse politieke belangen met een beroep op de zogenaamde behoeften van de Irakezen, is het hoog tijd om de invloed die we nog hebben aan te wenden om daadwerkelijk iets voor het Iraakse welzijn te doen.

Samantha Power is verbonden aan de Harvard-universiteit. Ze schreef ‘A Problem from Hell": America and the Age of Genocide’. © LAT-Washington Post