De regionale tv viert het verkiezingsfeest

Kijkt dezer dagen naar de regionale televisie!

De mensensoort die het heeft geschopt tot provinciaal politicus is wèl televisiegeniek. Leren jekkers staan naast vierkante colbertdragers, vrouwen in keurige mantelpakjes tegenover puistenkoppen in spijkerbroek. Ze vliegen elkaar in de haren en kloppen zichzelf voortdurend op borst.

De D66-lijsttrekker steekt bij Omroep Brabant haar neus in de lucht als ze het gouden apenstaartje voor de beste weblog in ontvangst neemt. De CDA-gedeputeerde zwelt van trots als hij TV Gelderland vertelt over de opgeloste wachtlijsten in ‘zijn’ jeugdzorg. „Dat vind ik een hele mooie prestatie.” Om nog te zwijgen over de politieke terriërs die de Statenzalen willen gaan bevolken.

In Gelderland probeert Constant Kusters van de Nederlandse Volksunie nog één keer gekozen te worden. En Friesland wordt opgeschrikt door een stadse van de Partij voor de Dieren. Over achterstandsleerlingen op de Friese basisscholen weigert ze zich druk te maken: „De echte basis is het milieu”, wauwelde ze in onvervalst ABN bij Omrop Fryslân. „Omdat er binnenkort misschien geen wereld meer over is.”

Televisie over de Provinciale Statenverkiezingen. De landelijke zenders bakken er weinig van. Het NOS Journaal vlucht in wezenloze items, elke dag uit een andere provincie – gisteren over seniorenbouw in Brunssum. Nova gaat canvassen met de Fryske Nasjonale Partij. En Goedemorgen Nederland haalt BN’ers van stal voor een serie ‘In alle Staten’. Leuk dat Vincent Bijloo de kijkers meetroont naar Amelisweerd en vertelt dat de provincie Utrecht „een fijn compact ding” is. Maar wat worden kiezers daar wijzer van?

Zouden de omroepen niet meer weten hoe ze tv moeten maken over politiek die nu eens niet over personen gaat? Of zijn ze aangestoken door landelijke kopstukken die van tevoren al geen zin hadden in de campagne? Het is mijn vak, zei Wouter Bos tegen het Journaal: „Dus ga ik op pad. Maar ik denk dat de mensen een beetje verkiezingsmoe zijn.”

Nee, dan de regionale zenders. Die maken nog debattelevisie. Met politici die er in de provincie echt toe doen. De tv-zenders Noord-Holland, West, Rijnmond, Utrecht, Flevoland en Drenthe zenden vanavond een lijsttrekkersdiscussie uit. Gelderland, Brabant, Fryslân, Zeeland, en L1 gingen hen voor. Het debat ging over asfalt, beton, zorg en gratis openbaar vervoer. En de confrontaties waren vaker onderhoudend dan nietszeggend. Of wist u al dat provincies de ambulancedekking zien stuklopen op onwil van de zorgverzekeraars?

Omroep Zeeland maakte er het meeste werk van. Met een enquête, straatinterviews in Middelburg en daarna een deftig debat in de Statenzaal. Dat werd warrig. Er waren, net als bij TV Gelderland, te veel deelnemers. Dat had L1 opgelost door uit te pakken met twee discussies, waardoor het weer niet spannend werd. Zodat het alleen wilde vlammen in Brabant en Friesland. De Brabanders zetten een goochelaar in die bepaalde wie het tegen wie moest opnemen. En de Friezen kozen voor een sandwichformule met pianomuziek, Friese rap en een quiz in een bruin café, hartje Drachten. Jammer dat het meeste niet te verstaan was.

Vraag blijft: zijn deze verkiezingen een feest voor de democratie? De regionale zenders willen doen geloven van wel. Maar ik ben nog niet overtuigd. De provinciale politici kregen te vaak de gelegenheid te duiken en zich te gedragen als Rupsjes Nooitgenoeg. Terwijl het eerder tandeloze tijgers lijken.

Hoog tijd dat de landelijke omroepen zich serieus gaan verdiepen in provinciepolitiek.

Reageer op deze column via www.nrc.nl/ogen