Krokodillenloop

In 2003 had ik in een sporthal in Cardiff een interview met olympisch kampioen Linford Christie. De Engelse sprinter was zelf inmiddels gestopt met sporten. Hij trainde nu jonge sprinters. Een van de beste atleten van zijn generatie gaf tips en kennis door.

Ik moest eraan denken toen ik de Nederlandse hordelopers Gregory Sedoc en Marcel van der Westen goud en zilver zag winnen bij de EK indoor in Birmingham. Ze zagen eruit als twee schoffies die het hordelopen aan elkaar hadden geleerd. Je ziet in Nederland iemand eerder over een tuinhekje springen dan over een horde.

Vorige week wandelde ik over de atletiekbaan in het Olympisch stadion, over dat rare rode spul dat aanvoelt als een uitgedroogde spons. Leuk. Maar ja, links van me lag het voetbalveld. Ik zag mezelf toch liever als voetballer de hele Ajax-defensie passeren dan dat ik in een fladderbroekje en mouwloos hemdje over baan 2 naar de finish snelde.

In mijn jeugd deed atletiek er niet toe en nog steeds is het geen grote volkssport in Nederland.

Het allerergste is dat de Nederlandse kampioenschappen bij gebrek aan goede accommodatie in Gent gehouden moet worden. En toch zijn we in een paar jaar tijd een betere atletieknatie geworden met polsstokhoogspringer Rens Blom, hardloper Bram Som en kogelstoter Rutger Smith.

Sedoc is Europees kampioen indoor. Wat zal hem bij terugkeer in Nederland overkomen? Bij belangrijke winst in voetbal maakt heel Nederland zich op voor een tocht door de grachten. Ik vermoed dat Sedoc bij aankomst op Schiphol een bosje bloemen krijgt en dan in de auto van zijn ouders meerijdt naar zijn woonplaats Almere.

Het zal Sedoc een zorg zijn. Hij wil nog meer prijzen winnen. Hij zal van goeden huize moeten komen om op buitenbanen te winnen van zijn concurrenten. Hij was dit weekend binnen ongekend snel weg maar de anderen hadden hem na 60 meter bijna ingelopen. Op een buitenbaan moet hij nog 50 meter langer doorlopen.

Misschien moet Sedoc een lesje nemen in Groot-Brittannië waar een langere en vooral serieuzere traditie is als het om atletiek gaat. Ik moet denken aan die onverstoorbare blik van Christie toen hij me de concentratie bij de start voordeed in Cardiff. De start is één van de belangrijkste wapens bij sprint- en hordenummers.

Dit zei Christie – drie keer in een olympische 100 meter-finale, dus luisteren is geboden – over de start: ‘Hou je hoofd schuin naar beneden, het kost veel te veel energie om het omhoog te houden. Het is zwaar, er zit veel water in. Ik let op niemand om me heen. Zodra ik de K van de Knal hoor, ben ik weg.’

En verder: ‘Je ligt eerst nog laag, maar je lichaam zal je vanzelf omhoog brengen. Heb je wel eens krokodil zien lopen? Die liggen plat op de grond en komen steeds verder overeind om harder te lopen. Als je omhoog komt, word je lichter. Dat is het hele idee. En verder: relax, relax!

Ik ben benieuwd of Sedoc en Van der Westen het op buitenbanen gaan redden over 110 meter horden.

Over de eerste 60 meter niets dan lof. Nu moeten ze voor verdere perfectie gaan denken aan hun hoofd vol water, de loop van de krokodil, en aan ‘relax relax’. Dan zullen nieuwe medailles vanzelf volgen, voor atletiekland Nederland.