FAO: vis bedreigd, politici falen

De politieke wil ontbreekt om het toezicht op de visserij te verbeteren en uitsterven van een aantal vissoorten tegen te gaan. Onder meer kabeljauw, heilbot, heek en tonijn worden bedreigd.

Dat stelt de FAO, de voedsel- en landbouworganisatie van de Verenigde Naties, in een vandaag verschenen rapport. Pogingen om de visstand op levensvatbaar niveau te houden, zijn volgens de FAO „tegengewerkt of zelfs tot stilstand gebracht” doordat landen „halsstarrige posities innemen die ingaan tegen een gezond regionaal visserijmanagement”, aldus het rapport. De FAO pleit voor versterking van de 39 deels onder haar ressorterende regionale organisaties die verantwoordelijk zijn voor visserijbeheer.

Sommige landen werken openlijk een beter visserijbeheer tegen, stelt ook visserijspecialist Carel Drijver van het Wereldnatuurfonds. „Dat hebben we onlangs nog gezien toen Nieuw Zeeland en Australië bij de VN een voorstel deden om sleepnetten in diepzeeën te verbieden. Onder andere IJsland heeft dat van tafel geveegd.”

Als er al regulering is, dan schort er nog veel aan de uitvoering, meent Drijver: „Sommige landen hebben hun eigen vloot niet onder controle.” In onder meer Rusland, China, Japan en Spanje schat hij de illegale vangsten op 40 à 45 procent van het totaal. Twee derde van de vissoorten op volle zee, aldus de FAO, is ofwel overbevist en loopt risico uit te sterven, of is al uitgeput en levert alleen nog historisch lage vangsten op.

Regionaal gezien zijn de grootste probleemgebieden het noord- en zuidoosten van de Atlantische Oceaan en het zuidoosten van de Stille Oceaan. In deze gebieden hoort 46 tot 66 procent van de visstand tot de categorieën overbevist of uitgeput.

De EU draagt bij aan de overbevissing, stelt Drijver. „Ze sluit visserijakkoorden met westelijk Afrika, zodat Europese schepen daar mogen vissen, maar maakt geen afspraken over quota.”