‘Dit brengt iedereen in verlegenheid’ (Gerectificeerd)

Een Turkse politietolk heeft volgens de AIVD informatie over Turkse criminaliteit ‘gelekt’ naar Turkije. De directeur-generaal van de Turkse nationale politie is zeer verbaasd.

Ankara, 5 maart. - Wie Emin Arslan voor het eerst een hand geeft, heeft niet het idee dat deze bescheiden man een van de hoogste bazen van de Turkse politie is. De kleine grijzende Arslan is directeur-generaal van de Turkse nationale politie. Hij kiest zijn woorden zorgvuldig, als een diplomaat. Als veteraan in het politievak weet Arslan hoe gevoelig de samenwerking is tussen de Turkse en Nederlandse autoriteiten bij de vervolging van verdachte drugscriminelen. Hij staat aan het hoofd van een dienst waar zestigduizend mensen werken.

De Turkse rechtstaat is de Nederlandse niet. Verhalen over intimidatie, mishandeling en zelfs marteling van verdachten doen nog altijd de ronde. De mensenrechten in Turkije zijn niet voor niets een belangrijk thema in de gesprekken tussen Turkije en de landen van de Europese Unie.

Ondanks de kritiek op Turkije is het volgens Arslan toch goed gelukt om een manier te vinden om samen te werken. „In het midden van de jaren negentig is dat voor het eerst goed gelukt bij een aantal grote, internationale onderzoeken waarbij meerdere landen betrokken waren”, zo stelt Arslan.

De politiebaas doelt dan op de vervolging van de Koerdische Turk Hüseyin Baybasin en de in Arnhem actieve 4M-bende, genoemd naar de gebroeders M.

Achteraf zijn deze onderzoeken, zo vertelt Emin Arslan in zijn kantoor in een buitenwijk van Ankara, voor Turkije een doorbraak geweest in de internationale samenwerking. „We doen nu strafrechtelijke onderzoeken samen met Nederland maar ook met Duitsland, Engeland, Griekenland, Spanje en Portugal. Volgens Arslan is tijdens deze onderzoeken duidelijk geworden dat er zonder problemen informatie kan worden gedeeld met de Turkse autoriteiten.

Een van de constante factoren in succesvolle samenwerking tussen Nederland en Turkije is volgens Arslan de Turkse tolk Ahmet Celik. „In de onderzoeken naar Baybasin en de 4M-bende is hij van onschatbare waarde geweest”, stelt Arslan. „Celik is een soort wandelend archief. Hij is al twintig jaar actief in dit vak en beschikt over veel informatie. Bovendien spreekt hij ruim tien Koerdische dialecten en herkent hij stemmen van verdachten die hij in een zaak kan plaatsen.”

Arslan is verbaasd dat Celik beschuldigd wordt van het lekken van informatie aan de Turkse autoriteiten. „Wij hebben gehoord dat een instantie in Nederland zo’n beschuldiging heeft geuit. Maar het verbaast mij persoonlijk wel dat Celik die informatie aan de Turkse politie zou hebben gegeven. Ik vraag me af waar deze beschuldigingen vandaan komen.”

Dat Celik hierdoor niet meer mag tolken voor politie en justitie vindt hij droevig. „Er is geen sprake van dat Ahmet Celik informatie zou geven buiten de onderzoeken die gezamenlijk zijn gedaan. Dit onderwerp brengt iedereen hier in verlegenheid. Het kan niet zo zijn dat de Turkse politie informatie van Celik krijgt buiten de onderzoeken waar we samenwerken.”

Het vertrek van Celik als tolk is volgens Arslan een tegenvaller. „Daar zullen we veel hinder van ondervinden maar ik ga ervan uit dat iedereen professioneel zijn werk blijft doen. Al zal iedereen worden herinnerd aan het feit dat Celik niet meer voor ons werkt.”

Rectificatie / Gerectificeerd

Gefingeerde naam tolk onjuist

In het artikel Wat rechercheurs niet lukte, kreeg tolk voor elkaar (3 maart, pagina 3) en het vervolgartikel ‘Dit brengt iedereen in verlegenheid’ (5 maart, pagina 3) is sprake van een politietolk Turks, die wordt aangeduid met een gefingeerde naam. In het eerste artikel werd vermeld dat het gaat om een gefingeerde naam, in het tweede artikel ontbreekt deze vermelding. Hierdoor kan verwarring ontstaan over personen die daadwerkelijk deze of een vergelijkbare naam dragen. Dat is niet de intentie geweest.