Wachten tot de wolkenkrabbers op Wall Street leeg staan

Dat de dag des oordeels aanstaande is, is te veel gezegd. Maar als we langer wachten is het crisis, zeggen ze in Amerika over Wall Street. Waarom verliest New York van Londen? Wat gaat er in de Verenigde Staten mis?

Op de dag af een maand geleden vloog Michael Bloomberg, burgemeester van New York en zelf financieel ex-ondernemer, naar het hol van de leeuw. Niet om dat andere financiële wereldcentrum streng toe te spreken, maar om zelf iets te léren. Bloomberg bezocht in Londen de Britse beurstoezichthouder Financial Services Authority. „Een gestroomlijnde organisatie”, oordeelt hij achteraf in een persverklaring. Zoiets zou New York ook moeten hebben, „om de financiële hoofdstad van de wereld te blijven”.

De burgemeester gebruikt de woorden „nieuw leven inblazen” en wijst op het in hoge snelheid afnemende concurrentievermogen van Wall Street. Het doemscenario? De stad New York kan volgens de consultants van McKinsey 30.000 tot 60.000 banen verliezen, de staat New York dreigt op jaarbasis 15 tot 30 miljard dollar aan belastingafdrachten te missen.

De kapitaalvlucht is reëel. Van de 25 grootste beursgangen ter wereld vond er vorig jaar één in New York plaats. Voor het eerst haalden vorig jaar ondernemingen meer geld in de Londense City op dan op Wall Street: 55 miljard tegen 47 miljard dollar.

Hoe erg dit is? Volgens Hal Scott wordt „de kanarie in de kolenmijn al duizelig”. Scott is naast hoogleraar internationale financiële markten aan Harvard ook director van het Committee on Capital Markets Regulation. Dit vorig jaar opgerichte comité is er een van zwaargewichten. Het heeft de steun van minister van Financiën Hank Paulson, zelf ex-topman van Wall Streets grootste bank Goldman Sachs, en bestaat uit vooraanstaande wetenschappers en machtige bestuursvoorzitters uit de financiële sector. „Er staat nogal wat op het spel”, zegt Scott aan de telefoon. Het functioneren van een kapitaalmarkt dringt diep door in de samenleving. De economische groei hangt er vanaf, het aantal banen, de kosten van kapitaal, de belastinginkomsten, het ondernemersklimaat.

Over dat klimaat maakt ook David Chavern zich zorgen, kapitaalmarktexpert op het hoofdkantoor van de Amerikaanse Kamer van Koophandel in Washington. Chavern heeft een afbeelding van internet uitgeprint en ingelijst, vertelt hij aan de telefoon. De foto is van 1978. Erop niet Chaverns vrouw of kinderen, wel de toen nog langharige oprichters van Microsoft. Het softwarebedrijf kon achtereenvolgens bij banken aankloppen, een beursnotering aanvragen, investeerders vanuit de hele wereld aantrekken. „Amerika is flink op weg deze truc te verleren”, zegt Chavern.

Om die ontwikkeling voor te zijn trok Chaverns Kamer de afgelopen maanden het land in voor het zo Amerikaanse principe van town hall meetings. In heel de VS werden economen en ondernemers uitgenodigd hun grieven te uiten. De rode draad? „Dat de dag des oordeels aanstaande is, is te veel gezegd. Maar als we langer wachten is het crisis.”

Waar gaat het mis?

Bij de toezichthouders. De Securities and Exchange Commission (SEC) in New York wordt gedomineerd door juristen: 1.300 tegen 30 economen. Evenknie Financial Services Authority (FSA) in Londen bestaat voornamelijk uit economen en ondernemers. De SEC staat als star en aanklagend bekend, terwijl de FSA een licht vermanende toon aanslaat. De SEC deelde vorig jaar 1,9 miljard dollar (1,4 miljard euro) aan boetes uit, de FSA kwam volgens de meest recente cijfers uit 2005 op 33 miljoen uit.

Bij de juridisering van de zakenwereld. Amerikaanse claimadvocaten hebben aan terrein gewonnen. Tien jaar geleden werd jaarlijks nog voor 150 miljoen dollar geschikt, vorig jaar was dat 3,5 miljard dollar.

Bij de aangescherpte immigratiewetgeving. De quota van uit te reiken visa zijn nog steeds lager dan voor de aanslagen van 2001. Het doel was bepaalde personen buiten het land te houden. Dat is gelukt. Als gevolg hiervan spreken Russen, Arabieren of Aziaten liever af in Londen.

Bij de Sarbanes-Oxley-wetgeving. In reactie op boekhoudschandalen van Enron en Worldcom werden strengere boekhoudregels van kracht. Met als gevolg minder schandalen, zeggen voorstanders. En minder ondernemingen die zich in de VS willen vestigen, riposteren tegenstanders. Boekhoudkosten zijn gestegen, bestuurders huiverig geworden. Met name section 404 van ‘Sarbanes-Oxley’ is daaraan debet. Dit omstreden onderdeel schrijft voor dat twee bestuurders op persoonlijke titel de jaarrekening moeten ondertekenen. In plaats van ondernemingen is het daarmee eenvoudiger geworden individuen te vervolgen – dat schrikt af.

Al haperde het dan misschien deze week, critici zeggen dat het juist goed gaat. Stapelt Wall Street geen record op record? Is de New York Stock Exchange er niet in geslaagd internationaal uit te breiden door Euronext te kopen? Maken Amerikaanse zakenbanken geen recordwinsten? Dat is nou net de ironie, zegt Scott. Die financiële instellingen zelf „maken zich nauwelijks druk over het wel en wee van Wall Street”. Zij verplaatsen zich simpelweg naar de plek waar het meeste kapitaal het goedkoopst voorhanden is. Er is maar één – „banale, misschien” – rem op hun eventuele vertrekt, zegt Scott. „Dat is het patriottisme van deze bedrijven. Amerikanen moeten toch twee keer slikken voordat ze Wall Street in de steek laten.”

Een van Goldman Sachs’ hoogste bestuurders, Edward Forst, zou dit kunnen bevestigen. Ware het niet dat hij de telefoon niet meer opneemt in New York en zijn woordvoerders niet verder willen helpen. Vorige maand is zijn bureau verplaatst naar de City. „Londen is een wereldwijd georiënteerd financieel centrum”, is het enige dat Goldman Sachs over de symbolische verhuizing zeggen wil. Die stad „heeft een sleutelpositie voor veel van onze klanten”.

Scott kon zelf geen betere illustratie verzinnen. „Als je wacht met ingrijpen totdat de wolkenkrabbers in New York leeg komen te staan, dan ben je te laat. Het is een kwestie van jaren.”