Stormen getrotseerd, zeilen aan flarden gevaren

De burgemeester ontbreekt op de Goede Doelenavond in Terneuzen. Maar kapitein Van der Decken is er wel. „Die komt niet zomaar overal opdagen, hoor!”

‘Bent u nog veel files tegengekomen onderweg? De opkomst valt een beetje tegen namelijk, dus ik dacht misschien staat iedereen wel vast.” Pierre Eijsackers is behoorlijk opgewonden. Vanavond organiseert zijn herenclub de Kiwani’s, afdeling Axel-Zeeuwsch Vlaanderen, een Goede Doelenavond. Een speciale vertoning van Pretpark Nederland, een film die ik vorig jaar gemaakt heb, en waarin enkele minuten Terneuzen verwerkt zijn, moet geld opbrengen voor een stichting die zich bekommert om zieke kinderen.

„Heeft u er bezwaar tegen om na afloop van de vertoning, gewoon in het wild, nog even door het gezelschap heen te lopen om vragen te beantwoorden?” Natuurlijk niet, zeg ik, het is tenslotte de Zeeuwse première.

In de foyer van de bioscoop staan de plaatselijke notabelen te netwerken en de Kiwani-mannen – vrouwen zijn niet welkom in de club – checken zorgvuldig de gastenlijst. Kiwani’s zijn ondernemende mensen die in hun vrije tijd werken aan een betere wereld. „Grote domper is het feit dat de burgemeester plotseling naar een begrafenis in het westen moest” mompelt een Kiwani. „Maar gelukkig is kapitein Van derDecken er, en die komt ook niet zomaar overal opdagen, hoor!” In de zaal staat Willy de Meijer, gekleed in historische klederdracht met als opvallendste onderdeel een grote hoed met witte veer. Sinds een paar jaar speelt Willy de rol van kapitein Van der Decken, bekend van het spookschip De Vliegende Hollander dat als thuishaven Terneuzen had. Hij is door de gemeente gevraagd om op bijzondere gelegenheden als mascotte op te treden. Als ‘Vliegende Hollander Stad’ wil Terneuzen meer landelijke bekendheid krijgen. „Zoals Flipje bij Tiel hoort en de Kaasmarkt bij Alkmaar.” Terneuzen had nog niets. „Ach, ik improviseer maar wat en de mensen zien me graag!” Zijn echtgenote knikt enthousiast. Ze mag meestal wel mee naar Willy’s optredens. Ook is ze verantwoordelijk voor zijn kostuum. Dat valt niet mee, want ten gevolge van een fitnessdieet is Willy in een half jaar tijds veel afgevallen, en moest het kostuum al een paar keer ingenomen worden.

In de zaal dirigeert de trotse bioscoopeigenaar me naar voren. Of ik wil voelen hoe groot de beenruimte hier in Terneuzen wel niet is. „Kom daar maar eens om in de Randstad!” Ik ga zitten en beaam het onmiddellijk. Hij tuurt naar de lege plekken. „ ’t Is gelukkig niet mijn verantwoordelijkheid”, zegt hij. „De vorige keer hadden we met de Kiwani’s de première van James Bond, en toen zat het wel vol!” De kartonnen cheque met daarop de opbrengst van de kaartverkoop staat alvast klaar in een hoek van de zaal, verpakt in twee aan elkaar geplakte vuilniszakken. „Ik hoop dat de burgemeester nog wel op de nazit zal verschijnen. Altijd goed om met een glas bier in de hand nog eens bij te babbelen.” De eigenaar is geen Kiwani en heeft ook niet zo’n behoefte het te worden. „Leven en laten leven zeg ik altijd maar”, en hij geeft een knipoog.

„Beste bezoekers van deze speciale avond. Ik wilde heel graag op deze plaats onze burgemeester bedanken voor zijn komst maar hij is wegens droevige persoonlijke omstandigheden vanavond niet aanwezig.” Kiwani Pierre vraagt dan maar een applaus voor de vrouw van de burgemeester die samen met een vriendin haar man is komen vervangen. „Gelukkig hebben we De Vliegende Hollander-kapitein wél in ons midden en dat is niet niks dames en heren.” Willy glimlacht en trekt zijn hoed recht. „Ik heb stormen getrotseerd en mijn zeilen aan flarden gevaren om hier op tijd te kunnen zijn”, roept hij met gevoel voor dramatiek de zaal in. De film kan beginnen.

„U heeft ons er mooi opgezet. Helemaal zoals we zijn.” Na afloop is de burgemeestersvrouw gelukkig enthousiast. „Wel erg kort over onze stad maar ach, altijd beter dan helemaal niks.” Achter haar knikt de Kiwani-voorzitter. „Ik zag tevreden gezichten en Terneuzen mag trots zijn op haar aanwezigheid in uw film!” Ik loop – in het wild – door de foyer en beantwoord vragen. Eigenlijk wil ik naar huis, ik moet nog 2,5 uur rijden. „De burgemeester kan elk moment arriveren”, komt een Kiwani enthousiast melden en hij dringt erop aan dat ik nog even blijf. „De burgemeester wil u heel graag de hand schudden. Zo vaak is Terneuzen niet in het nieuws.”

Ik neem afscheid van Willy en zijn vrouw. Hij vraagt of ik nog eens terug wil komen om in Terneuzen te filmen, bijvoorbeeld bij de Wielerronde van de zomer. Daar is voor de Vliegende Hollander-kapitein ook weer een grote rol weggelegd. Ik beloof erover te denken.

„Een veilige terugreis dan maar. Toch jammer van de opkomst.” Kiwani Pierre zwaait. Buiten bots ik op tegen de burgemeester. „Welkom in de stad van de Vliegende Hollander! Zo, eerst maar eens een grote pot bier”, zegt-ie en snelt naar binnen. Ik zie het Kiwanigezelschap opgelucht ademhalen.