Speculeren voor vrede

Een aandelenspel geeft leerlingen niet alleen inzicht in de beurs, maar ook in de maatschappij. Jacqueline Kuijpers

Elke maandagmiddag om half vijf zaten ze achter hun computer geplakt: de jongens en meiden die meededen aan het online aandelenspel Markt voor Vrede. Op dat moment namelijk werd de wekelijkse peiling bekend over het vertrouwen van de Nederlandse bevolking in de wederopbouw in de Afghaanse provincie Uruzgan. En in dat vertrouwen moest gehandeld worden op de beurs. Handel in speculatie dus. Net als in het echte leven.

En net als in het echte leven moet je er bovenop zitten, wil het wat worden. Dat deed Herman van Heden (16) dan ook. Hij is de winnaar van het beursspel dat afliep op 16 februari, de dag dat de Nederlandse militairen 200 dagen in Uruzgan waren. Hij heeft daarmee een spaarrekening van ASN Bank met 500 euro verdiend.

Herman was elke dag wel twee tot drie uur bezig met het spel, vertelt hij in een lokaal op zijn school, het Stedelijk Gymnasium in Leiden, waar een groepje beurshandelaren zich verzameld heeft om over hun ervaringen te vertellen. “Je moest het nieuws in de gaten houden. In de krant en op de site. Want als er iets gebeurde, een beschieting bijvoorbeeld, daalde het vertrouwen en dat zag je meteen terug in de peilingen.”

Markt voor Vrede is een initiatief van de stichting Euro’s voor Vrede. Deze onafhankelijke vredesorganisatie, financieel gesteund door particulieren, zet zich onder meer via educatie in voor vrede. Het beursspel is ontwikkeld met steun van Oxfam Novib, NCDO en Kerk en Wereld. De bedenkers zijn Christian Laheij, beleidsmedewerker bij de stichting en ontwikkelingseconoom Dorieke Looije. Zij werden op hun beurt geïnspireerd door een controversieel beursspel dat het Pentagon in 2003 ontwikkelde, waarin gehandeld kon worden in de kans dat het koningshuis van Jordanië omvergeworpen zou worden. Dat spel is vanwege de kritiek nooit live gegaan. Maar voor Euro’s voor Vrede bleef het idee van het koppelen van maatschappelijke onderwerpen aan een beursspel overeind. “Het is een uitstekende methode om mensen inzicht te geven in complexe maatschappelijke processen, bijvoorbeeld op het gebied van vrede”, aldus Christian Laheij.

In totaal hebben ruim 750 leerlingen van 18 middelbare scholen meegedaan aan Markt voor Vrede. Zij kregen bij de start een aantal credits waarmee ze naar eigen inzicht een aandelenportefeuille konden samenstellen, met opties als ‘23 tot 26 procent van de Nederlanders denkt dat de wederopbouw van Uruzgan de komende anderhalf jaar op gang komt’ en opties met hogere en lagere percentages. Met die opties gingen ze zes weken handelen. Ze konden extra credits verdienen als ze de dagelijkse quizvraag goed beantwoordden. Marieke Keyzer (17) stond geregeld in de top vijf van beste handelaars. “Mijn strategie? Op zeker spelen. Ik ben geen daghandelaar.” Herman: “Net vóór de peiling op maandag bekend werd, zakte alles altijd keihard, omdat iedereen verkocht. Dat moet je dus vóór zijn. Je moet proberen op de hoogste stand te verkopen en goedkoop terug te kopen.”

Op het Stedelijk Gymnasium Leiden – dat de ‘Markt voor Vrede Scholenprijs’ heeft gewonnen – deden alle 120 vijfdeklassers met economie in hun pakket verplicht mee aan het spel, als onderdeel van hun Praktische Opdracht, die voor 15 procent meetelt in het schoolexamen. Na afloop van het beursspel moeten de leerlingen een verslag schrijven over hun ervaringen en het resultaat dat ze hebben geboekt. De docenten zijn erover te spreken. Joep Jacobs, leraar economie: “Het bijzondere van het spel is dat het zo leeft in de klas. Er wordt ontzettend veel over gepraat.” Hij vindt het dan ook, dankzij het competitieve karakter van het spel, een goede kennismaking met het beurswezen. Dat is inclusief frauduleuze praktijken, want er is op een andere school een groep leerlingen geweest die met de docentencode meerdere accounts aanmaakte. De leerlingen logden naast elkaar in: als de een verkocht, kocht de ander. In een markt met weinig spelers heeft dat meteen effect. Maar ze zijn gesnapt en hebben strafpunten gekregen.

Ginette Brenkman (16) en Dénie Wolf (16) wisten voordat ze gingen spelen weinig van de missie naar Uruzgan. “Ik had er zeg maar geen mening over”, zegt Ginette, die inmiddels wel vertrouwen heeft in de wederopbouw. Net als haar klasgenoten overigens. En dat terwijl ze over de berichtgeving over de missie zo hun twijfels hebben. Marieke Keyzer: “Eerst was er heel veel ellende, nu hoor je vooral positief nieuws. Dat vind ik wel raar.” De jongeren hebben geleerd kritisch tegenover de media te staan, niet in het minst doordat oud-correspondent voor NRC Handelsblad Joris Luyendijk op school een lezing kwam geven over zijn ervaringen in het Midden Oosten. Ze zijn zich bewust van de vreemde spagaat die hun handelen op deze beurs kenmerkt: ze wantrouwen de media, maar tegelijkertijd is de berichtgeving het enige waarop zij zich kunnen verlaten.

Volgend schooljaar brengt Euro’s voor Vrede een nieuw online beursspel uit.

www.eurosvoorvrede.nl