Spassov laat kaval en stem wenen

Concert: Theodosii Spassov + Paradox Trio. Gehoord: 1/3 BIMhuis, Amsterdam. Herh. 3/3 RASA, Utrecht.

De Bulgaren toeren door Nederland. Bulgarije’s exportproduct en klarinettist Ivo Papasov en zijn band treden momenteel hier op, het nog bekendere vrouwenkoor Les Mystères des Voix Bulgares was hier vorige maand. Een derde Bulgaar, Theodosii Spassov trad eergisteren op in het Amsterdamse Bimhuis.

Spassov is een gestudeerde specialist op de kaval, een stokoude houten herdersfluit met een zacht en wenend geluid. Hij werd halverwege de jaren negentig wereldwijd bekend – de Italiaanse Ennio Morricone vroeg hem zelfs filmmuziek te maken.

Spassov (1961) geeft nu enkele concerten in Nederland met het Paradox Trio van Matt Darriau. En dat is een logische zaak. Immers, Darriau’s uit vier leden bestaande trio experimenteert al jaren met een brede vorm van Balkan-jazz. In die jazz is bovendien ook ruimte voor raga’s uit India en andere, moeilijker te traceren oosterse zaken.

Luid werd er in het Bimhuis eergisteren zeker niet gespeeld, en toch kostte het Spassov moeite zich hoorbaar te maken naast de beats van de darboeka, een vaastrommel met een pregnant geluid.

Pas nadat hij zijn fluit op een synthesizer had aangesloten, hoorde het publiek zelfs zijn intiemste snik. Die bleek onder meer voor zijn overleden oma bedoeld, in een stuk waarin hij behalve zijn kaval ook zijn eigen stem liet wenen. De rest van de band paste zich zedig aan; Darriau door een tijdje te zwijgen, gitarist Brad Shepik door bijna akoestisch te spelen en cellist Rufus Cappadocia door een fraai gestreken minisolo.

Dat het daarna weer van ‘hurry-up’ ging, in een rare oneven maatsoort, was niet erg. Op de Balkan sterft men intens, en dus wordt er ter compensatie uitzinnig gedanst.