Regisseur van hysterische vrouwen

In Volver van regisseur Pedro Almodóvar is alles net iets te groot, schrijft Dana Linssen. Ook de borsten en billen van Penelope Cruz

Volver(A-Film)Film: Extra’s:

Pedro Almodóvar is een regisseur van extremen. Van extreme emoties in zijn films, die daardoor soms zo over the top zijn dat het opera wordt. En daarom ook van extreme voor- en tegenstanders. De waardering van drie ballen die zijn laatste film Volver in deze rubriek heeft gekregen, is dan ook een lafhartige poging tot compromis, want er zijn evenveel mensen te vinden die hem er vijf waard vinden als twee. Oké. Er gaan misschien iets meer mensen voor de topscore, want Almodóvar is mateloos populair. Hij is zo’n beetje in zijn eentje dé verbeelding van dé Europese film. En bij die symboolfunctie hoort dat het ook allemaal een beetje té is. Neem Penelope Cruz in Volver: de eyelinerlijntjes zijn net een millimeter te dik, de gestifte lippen net iets te pruilend, de gouden oorringen net iets te groot, en om haar andere vrouwelijke aspecten nog eens extra te beklemtonen, mat regisseur Almodóvar haar nepborsten en nepbillen aan als een Sophia Loren-plus.

Onder al dat té kan dan best een heel ingetogen verhaal schuilgaan, vertelt hij op de dvd van de film die precies past in het lege doosje dat er een half jaar geleden al met vooruitziende blik in de Pedro Almodóvar Box was opgenomen. Volver gaat over de dood. Over de dood van zijn moeder om precies te zijn. En hoe in de Spaanse streek La Mancha, waar hij opgroeide, over de doden wordt gesproken alsof ze nog levenden zijn. In zijn film neemt hij dat uitgangspunt heel letterlijk. Almodóvar: „Zelf geloof ik niet in geesten, dus ik wilde geen film maken die strijdig is met mijn opvattingen, maar ik wilde ook laten zien wat voor rol de doden nog steeds in het leven van de mensen uit die streek spelen.” Het leidde tot een leuke scenariovondst die Cruz’ karakter op een wel heel originele manier confronteert met de issues die zij nog steeds met haar moeder uit te vechten heeft.

In de rol van die moeder castte Almodóvar zijn oude muze Carmen Maura, met wie hij in het begin van zijn carrière stelselmatig samenwerkte. De twee gingen na ‘onenigheid’ (aldus Almodóvar) of een ‘misverstand’ (aldus Maura) uiteen. Het was een van die artistieke echtbreuken waar een heel land collectief niet overheen lijkt te kunnen komen. Toen de twee vorig jaar ter gelegenheid van de première van de film in Cannes weer samen over de rode loper gingen, leek het alsof het thema van de film ‘volver’ (terugkeren) zich tot in de casting van de actrice had uitgestrekt. Samen met haar collega’s kreeg Maura de Gouden Palm voor de ‘beste actrice’.

Dat was ook een eerbetoon aan de regisseur die in al zijn films eigengereide, soms licht hysterische, maar ook altijd herkenbare vrouwen in alle hoeken en gaten van het kader heeft opgevoerd. Net als Bergman en Woody Allen vertelt hij op de dvd. Met natuurlijk dat ene verschil: beide regisseurs brachten vaak hun eigen huwelijksperikelen op het doek. De muzen van Almodóvar waren nooit zijn levenspartners. Misschien zijn zusters, tantes, nichtjes, buurmeisjes. En vooral natuurlijk: moeders. Vandaar die borsten en die billen. Gewoon, om je in te verstoppen, verder niks.