Manipulatie

Denise Rebergen (17) over manipulerende vrouwen

Op mijn vijfde was ik al iemands grote liefde. Zijn naam was Wolfgang, en hij logeerde in het tentje naast ons op een camping bij de Duitse grens. Iedere ochtend werd ik overladen met hartvormige snoepjes en liefdesverklaringen in de vorm van tekeningen op roze papier. Dan pakte hij me bij de hand en wandelden we uren door de speeltuin, genietend van de opkomende zon en verdrinkend in elkaars betoverende kinderoogjes. Wolfgang was de ideale man. Helaas heb ik zijn nummer nooit gevraagd. Daarna was het uit met de pret. Jongens gingen puberen en van ware liefde heb ik nooit meer iets gezien. De wet der natuur gebiedt mannen hun zaad zo gunstig mogelijk te verdelen, over zoveel mogelijk vrouwen. Een vrouw kan immers maar eens per negen maanden een baby produceren. En dan te bedenken dat één man de gehele wereld zou kunnen bevolken. ‘Spreid je winkansen!’ zou Holland Casino zeggen. Toch doen de mannen van tegenwoordig iets verkeerd. Hoeveel mannen ken jij immers, die zich hebben laten verleiden tot een innige liefdesrelatie met één vrouw? Ik bedoel maar.

Kennelijk doen wij vrouwen hierin iets wonderbaarlijk goed. Zo goed zelfs, dat we de natuur van het manwezen zonder meer weten te overstijgen. De simpele reden hiervoor is een eigenschap die wij al eeuwenlang beheersen, maar zij voor altijd zullen missen: De Macht der Manipulatie. Zo creëerden onze voormoeders een begrip dat zo ongrijpbaar was, dat niemand het bestaan ervan kon bewijzen, noch ontkennen. Ze spraken erover, schreven erover, zongen erover en preekten erover, net zolang tot iedere man ter wereld, heilig geloofde in het bestaan. Sterker nog, het begrip groeide uit tot het hoogst haalbare goed binnen iedere mogelijke menselijke cultuur. Dat begrip was liefde. De mannen begonnen ellenlange zoektochten naar hun zogenaamde ‘ware liefde’, waar de vrouwen lachend toekeken, wachtend op de man die haar al kwijlend zou benoemen tot zijn prinses, en naakt met haar naar de horizon zou dansen. Zo af en toe beweerden de vrouwen zelf ook op zoek te zijn naar hun zogenaamde ‘ware liefde’, maar dat was slechts om de geloofwaardigheid van het hele verhaal op peil te houden. Uiteindelijk ging het ons er immers alleen maar om dat er iemand was die de beren zou verslaan, mochten ze onze baby’s op willen vreten.

Onze voormoeders zullen zich een ongeluk lachen, gezien het percentage vrouwen dat de mannen van vandaag de dag nog steeds onder de duim weet te houden. Nog steeds worden er honderden, wat zeg ik, duizenden liedjes, boeken en columns geschreven over liefde. Geen onderwerp is vaker bezongen of besproken. Geen emotie is vaker benoemd. En wij, vrouwen van tegenwoordig, mogen dan wel niet meer vrezen voor opgevreten baby’s, we laten de mannen maar al te graag in de waan van het door ons verzonnen sprookje. Zo zullen we nog generaties lang worden verwend met dromerige serenades, hartvormige snoepjes, bossen rode rozen en croissantjes bij het ontbijt. We zullen verleidelijk lachen en fluisteren „Ik ook van jou”, mocht er enige twijfel bestaan over de beantwoording van de zogenaamde hartstocht die ze voelen voor de vrouw van hun keuze. De vrouw op wie ze een simpele mythe, een verzonnen verhaaltje van honderden jaren geleden, gewillig hebben geprojecteerd. En beste jongen, lief mannelijk wezen, wellicht voel je je gekwetst, verslagen, bedrogen en genaaid. Maar laat me je nog één laatste ding meegeven. Je zou nu vloekend en tierend op je vriendin af kunnen stormen, schreeuwend de al dan niet hartstochtelijke relatie kunnen verbreken, en bovenop het eerstvolgende schepsel met borsten springen dat je pad zal kruisen, maar bedenk je nog één ding. Je vrijheid is nog wel terug te winnen, maar je trots is helaas al genadeloos vermoord.