Kleinschalig

Het Regeerakkoord is voor een deel een opsomming van brave voornemens die elk verstandig mens zal onderschrijven: minder schooluitval, minder segregatie, en de erkenning dat er grenzen zijn aan het vermogen van scholen om leerlingen met problemen op te vangen. Daarnaast blijven enkele bestaande goede voornemens, zoals het gratis maken van schoolboeken voor het voortgezet onderwijs, gehandhaafd. Verder heet het dat het wetsvoorstel leerrechten ‘zal worden aangehouden’, waarmee zoals viel te verwachten het magnum opus van voormalig staatssecretaris Rutte, nog voor de invoering ervan, naar de prullenmand wordt verwezen. Verder zal het niemand verbazen dat de onderwijsparagraaf hier en daar is opgesierd met het Christelijke sausje van Baas in eigen Onderwijsbuik met zinsneden als: scholen hebben recht op naleving en bescherming van hun grondslag en traditie, en: segregatie in het onderwijs moet worden bestreden zonder dat er sprake is van een acceptatieplicht.

Naast al deze open deuren vind ik één voornemen hoopgevend. Dit wordt als volgt verwoord: “Het kleinschalig organiseren van scholen, eventueel binnen bestaande grootschalige verbanden, zal worden bevorderd. Tegen die achtergrond zal de fusieprikkel voor het voortgezet onderwijs worden afgeschaft.” Ik wist niet dat het voortgezet onderwijs nog een fusieprikkel kende. Als dat zo is, vind ik het onbegrijpelijk dat die al niet veel eerder werd afgeschaft. Overigens neem ik aan dat de opstellers van deze tekst niet de bedoeling hebben om zich tot het afschaffen van die prikkel te beperken. Ze zullen meer willen doen om te bevorderen dat scholen, eventueel binnen bestaande grootschalige verbanden, zich kleinschalig gaan organiseren. Want als ik goed lees, staat er: grote besturen kunnen blijven, mits ze de onder hun bestuur vallende scholen de ruimte geven.

U bent wellicht van mening dat ik me te veel opstel als schriftgeleerde door die tekst zo nauwgezet te lezen, maar die tekst is wel het resultaat van zeker zo nauwgezet wikken en wegen door de opstellers ervan. En dat ze lang wikten en wogen valt ook wel te begrijpen: het gaat hierbij immers om een voornemen dat haaks staat op het beleid van de vorige minister die nooit iets heeft ondernomen tegen besturen, ook niet wanneer die alle zeggenschap over de inrichting van het onderwijs naar zichzelf toetrokken. Daardoor is de autonomie voor veel scholen een farce geworden. Sommige besturen gaan zover ouders te verplichten hun kinderen centraal aan te melden. Vervolgens beslissen zij op welke school uw kind het meest op zijn plaats is. Uit dit regeerakkoord lees ik het voornemen de autonomie alsnog toe te kennen aan diegenen waar die oorspronkelijk ook voor bedoeld was, namelijk de scholen, om daarmee meer variatie te brengen in het onderwijslandschap.

Alle andere vraagstukken waar het voortgezet onderwijs mee te kampen heeft, zijn door de opstellers van het akkoord bijeen geveegd in de volgende passage: “Het streven is te komen tot vermindering van de werkdruk en verhoging van de kwaliteit in het onderwijs. Hiervoor zal een actieplan mede gericht op de lange termijn worden geformuleerd. Een breed samengestelde commissie zal gevraagd worden daarvoor bouwstenen aan te leveren. Onderwerpen die daarbij in samenhang aandacht verdienen zijn: het lerarentekort, kwaliteit lerarenopleidingen, belonings- en functiedifferentiatie, loopbaanperspectief, omvang lestaak, hoeveelheid contacturen, ruimte voor individuele leerlingbegeleiding, onderwijsontwikkeling en professionaliteit docent, en ruimte voor maatwerk.” Daarover volgende week.

lgm.prick@worldonline.nl