Islamitisch inburgeren

In de gevangenis en in Amerika dacht de Maleisische oud-vice premier Anwar Ibrahim na over hoe islamitische Maleiërs, boeddhistische Chinezen en hindoestaanse Indiërs moeten samenleven. „Een vriend van me wilde wegens zijn huwelijk van geloof veranderen. Houd het voor je, zei ik, je krijgt gedonder.”

Even was hij wereldberoemd. Dat was bijna tien jaar geleden, toen hij in Kuala Lumpur voor zijn rechters verscheen met een groot blauw oog. Jaren was hij vicepremier en minister van Financiën van Maleisië, gedoodverfd opvolger van de krachtdadige houwdegen premier Mahathir. Maar de twee kregen ruzie, de kroonprins verdween achter de tralies en het blauwe oog maakte duidelijk hoe het er in Maleisië soms aan toegaat.

Anwar Ibrahim werd beschuldigd van corruptie en van sodomie. Naar alle waarschijnlijkheid gefabriceerde beschuldigingen. Daar gaat iedereen van uit, want hij is onverminderd populair. Anders zou sodomie hem als Aziatische moslim ongetwijfeld de das om hebben gedaan.

Desalniettemin verdween hij voor zes jaar in de gevangenis. En hij kreeg nóg een straf: tot april 2008 mag Ibrahim niet meedoen aan verkiezingen. Voor de regerende machthebbers is dit zo’n cruciaal gegeven dat iedereen ervan uitgaat dat ze vóór april 2008 verkiezingen zullen uitschrijven om van hem geen last te hebben. Zelf zou hij zich best willen kandideren, want hij bruist van de ideeën ,,en ik ben pas 59”. Misschien dat hij via gerechtelijke procedures nog een kandidatuur probeert af te dwingen, want 59 is ook weer geen leeftijd om te denken: mijn tijd komt nog wel.

Maleisië oefent al een halve eeuw om een multiculturele samenleving te zijn. Het kan ook moeilijk anders met zestig procent islamitische Maleiers, vijfentwintig procent boeddhistische Chinezen en tien procent Hindoestaanse Indiërs, die samen de Maleisische bevolking uitmaken. Jarenlang is het aardig gelukt, vooral door elkaar niet lastig te vallen, een beetje vriendelijkheid, wat hypocrisie en zo weinig mogelijk expliciete discussies. Leven en laten leven, kortom. Maar ook door een voortdurende bevoordeling van de Maleiers, want de Chinezen hebben het geld, de Maleiers de meerderheid. Maar nu begint deze constructie serieuze scheuren te vertonen.

Anwar Ibrahim heeft zijn tijd in de Sungai Buloh gevangenis en de laatste jaren aan Johns Hopkins University en Georgetown University benut om nieuwe vormen te zoeken voor de multiculturele samenleving. Simpelweg zeggen dat de multiculturele samenleving is mislukt en dat de ene groep zich maar moet aanpassen aan de andere, is voor een land als Maleisië – en voor veel andere Aziatische landen – nu eenmaal geen optie. Demografie en religie staan inburgering in de weg. Maleisië is immers een islamitische staat, maar een kleine veertig procent van de bevolking heeft een ander geloof.

Hoe valt een multiculturele samenleving dan in stand te houden?

„Ik ben inmiddels zover dat ik positieve discriminatie verwerp. Al die extra studieplaatsen voor Maleiers, die extra overheidsbanen, die extra aandelen in beursgenoteerde bedrijven – het leidt er alleen maar toe dat we minder concurrerend worden dan het buitenland. De regerende partij UMNO, de United Malays National Organisation, zegt de positieve discriminatie te gebruiken om de grote groep armere Maleiers te helpen. Maar uiteindelijk wordt positieve discriminatie altijd een voorwendsel voor corruptie, voor toeschuiven van baantjes aan vriendjes. Het ligt enorm gevoelig. Op het laatste congres van de UMNO begon nota bene de minister van onderwijs, die toch een beetje het voorbeeld zou moeten geven, te tieren over de dolken die de Maleiers zouden trekken wanneer aan hun rechten werd geknaagd. Op het podium trok hij er zelf demonstratief eentje. Moet je nagaan: de minister van opvoeding.

,,Vergeet het voortrekken van één bevolkingsgroep. Je moet iedere keer opnieuw weer proberen om armoede te bestrijden op basis van sociaal-economische criteria, niet op basis van etniciteit, dat loopt altijd vast, het wordt onzuiver.”

Op Ibrahims kantoor hangt een geschilderd portret van hem en zijn vrouw, Wan Azizah. Ze staan erop in Malei-islamitische kledij. Het zijn allebei devote moslims. Maleisië is een curieuze constructie – een islamitische staat waarin andere etnische groepen ook burgerrechten hebben. Omdat de koran een moslim verbiedt zijn geloof af te vallen, verbiedt de Maleisische wet dat ook. Het leidt tot bizarre situaties. Een tijdje geleden wilde een vrouw haar man – een befaamde bergbeklimmer – volgens boeddhistische rite begraven, de staat dwong met geweld een islamitische begrafenis af, want de man was als moslim geboren. En eens moslim, altijd moslim.

Moet een regering zich daarmee bemoeien?

„Ik ben tegen de regeringspositie inzake geloofsafvalligheid. De regering verbiedt het, omdat het in de koran staat. Inderdaad, de koran verbiedt het, maar sancties worden niet vermeld en er zijn verschillende interpretaties over de gevolgen: één tekst heeft het over doodstraf en onteigening van bezit, maar de vroegere sjeik van Al-Azhar, wijlen Mahmud Shaltut, bestrijdt die eenzijdige benadering met uitvoerige tekstverwijzingen. ,,Het is hypocriet als een staat zich daarmee gaat bemoeien en zich aanmatigt te weten wat voor religieus leven mensen moeten leiden. Ik had laatst een vriend op bezoek die van geloof wilde veranderen wegens zijn huwelijk. Ik heb hem geadviseerd zijn mond te houden. Houd het voor je, zei ik, want je krijgt alleen maar gedonder, gewoon niet over praten. Dat doen trouwens de meeste mensen.

,,Maar deze regering denkt met die islamitische flinkheid zichzelf te blijven profileren als de zaakwaarnemer van de islam. Hun gedrag vindt geen rechtvaardiging in de koran of in de grote tekstinterpretaties ervan.”

Dat valt me iedere keer weer op: hoe dit soort maatschappelijke debatten ontaardt in tekstexegese over en weer. Diverse provincies maken polygamie gemakkelijker, vervolgens staan er moderne vrouwen op die weer met tekstinterpretaties van de koran het tegendeel proberen te bewerkstelligen.

„Ja, hoor eens, je kunt in zo’n debat niet zomaar een beetje je eigen gevoel volgen. Wat ik beweer moet wél een contekstuele basis in de koran hebben. Zonder klassieke teksten heb je geen been om op te staan.”

Maar je kunt toch ook zeggen dat de koran 1.400 jaar oud is en geschreven in een andere tijd. Zo zijn Europese denkers in de Verlichting ook gaan kijken naar de bijbel.

„Nee, nee, zo zit de islam niet in elkaar. De klassieke teksten zijn de kracht van de islam.”

En dus ook de zwakte?

„Ja, ook de zwakte.”

In Saoedi-Arabië redeneren ze op basis van de koran dat een vrouw zelf geen auto mag rijden.

„Ja, hoor eens. Veel politieke leiders beschermen hun belang, hun clientèle, door slechts een bepaald soort interpretatie van de koran toe te laten. Veel imams uit het Midden-Oosten met hun dichtgetimmerde Koranuitleg zijn hun daarbij behulpzaam.

Ik was gisteren even in Atjeh, waar het islamitisch fundamentalisme de vleugels heeft uitgeslagen: je hebt er inmiddels een godsdienstpolitie en stokslagen voor zondaars op vrijdag voor de moskee. Saoedi-Arabië heeft er met zijn geld en met al die fanatieke schriftgeleerden weinig goeds verricht, dat heb ik mijn Saoedische vrienden vaak genoeg gezegd. Het is er alleen maar ingewikkelder op geworden.

,,Maar er is wel degelijk een islam die openstaat voor andersdenkenden. Lees er de geschriften van uw eigen islamoloog Snouck Hurgronje (1857-1936) maar op na – natuurlijk was zijn motief imperialistisch en wilde hij de Hollanders helpen de baas te blijven in Atjeh en in Nederlands-Indië. Maar zijn analyses van de islam zijn buitengewoon inzichtelijk en laten zien hoeveel ruimte er binnen de islam is.”

In Nederland hoort Christiaan Snouck Hurgronje, meen ik, niet meer tot de verplichte kost voor deelnemers aan de interreligieuze dialoog.

„Oh, dat is jammer, want die beschouwingen over Atjeh en Mekka kan ik iedereen aanraden.”

Maar is een multiculturele samenleving niet gewoon ingewikkelder geworden omdat godsdienst een reveil beleeft? Als verschillende etnische groeperingen ook nog een verschillend geloof hebben dan maakt een reveil de verschillen alleen maar groter?

„Dat is tot op zekere hoogte waar. Daarom dwingt zo’n reveil in een moderne samenleving juist tot veel meer contact, niet om je aan elkaar aan te passen maar om voortdurend de codes te toetsen waarmee je met elkaar verkeert. Dat kan niet anders. Leven en laten leven en je verder niet met elkaar bemoeien, kan in deze tijd niet meer. Al ga je naar aparte scholen, wat hier ook gebeurt, dan nog kom je elkaar tegen, op straat, op het werk, in het bestuur. Grote bedrijven werken met mensen uit allerlei plekken van de wereld en van allerlei etnische achtergrond en dan zou je in een multiculturele samenleving helemaal langs elkaar heen kunnen leven? Dat is uitgesloten. Wij zijn hier gewend om de etnisch-raciale onderwerpen zoveel mogelijk onder tafel te houden en gevoeligheden te vermijden. Zo hield je de boel bij elkaar. Vandaar dat we in dit land nog altijd een brave, onderdanige pers hebben, met censuur en zelfcensuur. Maar in een moderne multiculturele samenleving kan dat niet meer. Je moet elkaar niet gaan beledigen, maar openheid op basis van wederzijds respect is een vereiste.

,, Maar gemakkelijk is het niet. Veel mensen in de islamitische wereld zijn woedend, woedend op het Westen, woedend op Bush. En die doet er ook alles aan om dat zo te houden. En waar woede is, is exploitatie van woede en slaan mensen door. Populisten staan op en profiteren van dat sentiment. Kijk maar naar de Iraanse president Amedinejad. Het is trouwens niet typisch voor de islam, kijk naar de Venezolaanse president Chavez.”

Is inspelen op die woede verleidelijk voor een kandidaat in verkiezingstijd, misschien ook voor u?

„Ik ben ervan overtuigd dat we hier andere zorgen hebben. Ik spreek veel Chinezen die bezorgd zijn over de etnische spanningen. Met exploitatie van woede los je dat niet op. En als je er al verkiezingen mee zou winnen dan heb je de dag daarna verder niets meer te bieden aan het land.”

Nog even terugkomend op uw veroordeling destijds: het Maleisisch hooggerechtshof heeft de veroordeling wegens sodomie herroepen. Hoe problematisch is homoseksualiteit hier eigenlijk?

„Als moslim sta ik op het standpunt dat het verkeerd is. In het algemeen kan ik zeggen dat de bevolking in Maleisië homoseksualiteit niet wil legaliseren. Alleen vind ik wel dat je de wet moet toepassen met zoveel mogelijk respect voor de privacy van mensen en met een zorgvuldige procesgang.”