Die kus was een vergissing

In Le amiche (De vriendinnen) van Michelangelo Antonioni leven de meeste vriendinnen in de weelde en de uiterlijke schijn van een haute couture-huis in Turijn. Maar één van hen is anders.

'Meisjes, ik verveel me...' Lijzig ontrolt de hartekreet de mond van een jonge vrouw, en hij is goed voor ons wrange lachje.

Wat een nest. En die vriendinnen van haar zijn geen haar beter. Allemachtig, als er nou één slag mensen niks te klagen heeft dan zij toch wel. Hun verveling is een aanfluiting. Mooi zijn ze, rijk, vrij van daagse zorgen. In staat gesteld (door wat? door toeval!) om te bestaan zonder enig idee van, ik noem maar iets, de doorgezakte rug van een serveerster of de noodzaak van een schooldiploma. Niet geëquipeerd om zich te interesseren voor, een andere dwarsstraat, de toekomst van een prostituee met een zoon die niet wil deugen, of het verleden van de bejaarde man die zijn hond niet mag meenemen in het bejaardenhuis.

Van buiten gesoigneerd, van binnen gestorven - zullen we het zo samenvatten?

Nee. Niet als je meekijkt met Michelangelo Antonioni, in zijn film Le amiche (De vriendinnen, 1955, los gebaseerd op een novelle van Cesare Pavese). Zielsdood zijn deze vrouwen niet, maar als niets wat je doet ertoe doet, sta je onverdraaglijk machteloos. Dan sla je op de vlucht - naar de oppervlakte. Voor de vrouwen betekent dat leven in uiterlijke schijn. Voor de mannen, ondanks hun gewichtige banen, een pose als het eeuwige jongetje. En dus laat de binnenhuisarchitect van een haute couture- modehuis speels een bungelend lampje tegen zijn voorhoofd kaatsen, terwijl hij tegelijk een serieus gesprek voert met zijn ontevreden opdrachtgeefster.

Weergaloos gekleed

Clelia heet ze. Ze komt uit Rome om een dependance van een haute couture-huis in Turijn te leiden en ze gaat net zo weergaloos gekleed als de 'vriendinnen' uit de plaatselijke chic die haar inlijven. Ze past bij hen. En toch wijkt ze af. Zij werkt. Ze heeft verantwoordelijkheden. Ze weet wat compassie is, ze denkt onafhankelijke gedachten. Als ze wordt geconfronteerd met de poging tot zelfmoord van een jonge vrouw uit de haute bourgeoisie, probeert ze haar te sterken door haar te vormen naar haar eigen beeld: Clelia geeft de wankele vrouw een baan in het modehuis (zij laat verstek gaan), ze beschut haar tegen de ongevoeligheid van haar milieu (zij zoekt het weer op), en ze neemt als enige haar neiging tot suïcide serieus (zij... enfin).

Deze Clelia overschrijdt een grens: ze valt voor een man uit een lager milieu. De rechterhand van de architect, maar toch, een werkman. Er vlamt iets, het zou mooi kunnen zijn, een vluchtroute naar een ander leven. Of een doodlopend pad naar de armetierigheid die ze achter zich heeft gelaten? De jeugd van deze geslaagde Romeinse blijkt in een achterbuurt van Turijn te liggen, misschien voelt ze zich niet voor niets aangetrokken tot deze man. Ze passeert nóg een verboden grens: in een kleine scène gaat ze even kijken in haar oude buurt, samen met haar mogelijke geliefde.

Geen goed idee.

Clelia schrikt terug voor haar gevoelens. Bruut zet ze de man op zijn plaats, weg van haar, onder haar. Die kus was een vergissing, dat begreep je toch wel? Hij accepteert haar afwijzing gelaten - hij hoopte iets anders, maar hij had het al gedacht.

Het zware zwart

Clelia stapt op de trein, terug naar Rome. Nerveus tuurt ze de drukke avond van perrons en stationshal af: vol volk, leeg voor haar. Als ze hem zou zien, wie weet wat ze zou doen. Alles is mogelijk, je voelt het aan de beheerste jachtigheid van de camera, aan het zware zwart van de nacht en het verkorrelde witte kunstlicht. Ze ziet hem niet. Hij is er wel. Hij kijkt naar haar, hij ziet haar speuren. Hij komt pas te voorschijn als haar trein vertrokken is. Antonioni fixeert hem als een schim naast de afgrond van het spoor, achter een trein aankijkend die verdwenen is.

Verbonden met de geschiedenis van Clelia, en ook er dwars doorheen, lopen de verhalen van de vier vriendinnen uit de titel van de film, elk op haar eigen manier gevangen in poelen van goud: ze glanzen, ja, ze zijn beeldig. Maar hun geest voeden met dat goud lukt ze niet. Dus intrigeren ze, somberen ze, kopen ze nog een bontjas, of verloven ze zich maar eens.

Antonioni verbaast zich over hen op het moralistische af, maar ook vergaapt hij zich aan hun modewereld. Gretig volgt hij de lange armen van vrouwen die altijd hun gekouste voeten strekken, ook als ze rusten op hun vier sterren-hotelbed.

Spannend is hoe hij deze van luxe zinderende film aanhaakt aan het neorealisme. Le amiche is quasi-documentair maar leidt in feite alle toeval in banen. De film levert beeldend sociaal commentaar, is dol op de glamour van het dagelijks leven en schrikt niet terug voor wat melodrama op zijn tijd. Wat is dit anders dan de neorealistische stijl?

Het neorealisme becommentarieerde het lot van kansarme mensen. Le amiche doet dat niet, maar de film lijkt eens zo triest juist omdat de personages geen sloebers zijn maar rijkelui. Het neorealisme vergunde het de lagere klasse om te dromen van een beter leven. Voor de rijken van Antonioni zit zelfs dat er niet in.

Maar Le amiche gaat verder in zijn vorm. Straten zijn veelal nat en weerkaatsen de hemel - hoog! Kijk omhoog! Daar is ruimte om te ademen! Op een terras aan zee kijkt de camera neer en ziet hoe de vrouwen zich tot elkaar verhouden als schaakstukken, hoekig en zonder zachte kantjes. En meermaals zinkt Antonioni een gezicht af in een golf kunstlicht - zo maakt hij het isolement compleet.

'Men doet alsof. Men doet altijd alsof.'

Ook een hartekreet uit Le amiche, maar deze klinkt als een zucht. Doen alsof, de schijn ophouden, dat is het maximale rendement dat het leven de personages te bieden heeft.

Als iedereen doet alsof, krijgt niemand de kans om een ander nabij te komen of te begrijpen. Immers, wie de schijn ophoudt, draagt een masker om niet herkend te worden en een harnas om niet gewond te raken. En heeft degene die zich inspant om altijd alsof te doen nog wel weet van haar echte zelf?

Via anderen

De vrouwen uit Le amiche bestaan via anderen. Kijk naar mij, denk iets van me, praat over me, geef me gestalte, maak me. Zo kaleidoscopisch werkt het ongeveer. Niet voor niets toont Antonioni hen meermalen via een spiegel waar we samen met hen in kijken. Niet om henzelf te zien, maar om te weten hoe een ander hen zojuist heeft bekeken en heeft neergezet. Regelmatig vervangt hij hen en hun spiegelbeelden door hun schaduwen: al die zelven die de anderen je opleggen, versmelten allicht tot een schim.

In zo'n exclusieve constellatie is liefde iets om de verveling te verdrijven en vriendschap een gezelschapsspel met venijnige regels. Immers, een wereld waarin men zich laat bepalen door anderen, is een vacuüm, een ontsmette leegte alleen toegankelijk voor soortgenoten. De buitenwereld wordt belachelijk gemaakt, ontkracht, ontmand. Werklui worden genegeerd, mannequins zoetjes geschoffeerd, de vriend van Clelia over het hoofd gezien, behalve als onderwerp voor roddel. Wie niet van ons is, is niks.

Een gril brengt deze mensen naar een buurtrestaurant, waar ze leuk gek doen met gewone mensen. Maar buiten de bunker van hun eigen omgeving blijkt hun vernis dun. Er breekt een fatale ruzie uit. Er wordt gevochten en gegild en weggelopen. Het leven van elk van hen wordt grauw nu, luxe helpt niet meer. Want ze weten het nu, van dat vacuüm, en ook dat ze nooit lucht zullen krijgen.

Volgende maand:

Profumo di donna, Dino Risi, 1974.

De dvd is verkrijgbaar voor € 17,95. Wanneer u zich abonneert op de gehele serie, dan koopt u deze dvd voor € 12,95. Voor meer informatie zie de advertentie op pagina 66 of bestel via de webwinkel: www.nrc.nl/extra.