De hedendaagse mens heeft vele gezichten

Tentoonstelling: Leve de Schilderkunst! Terug naar de figuur. T/m 6 mei in de Kunsthal, Museumpark, Rotterdam. Di t/m za 10-17, zo 11-17u. Inl.: 010 4400301, www.kunsthal.nl

Is dat niet heel twintigste-eeuws? Dat denk je als je de aankondiging ziet van de Kunsthal. Onder de titel Leve de Schilderkunst! brengt de Rotterdamse expositieruimte tweehonderd werken van tachtig hedendaagse figuurschilders. Ooit was hun genre – het verbeelden van de mens – onbetwist zinvol. Rijkelui stonden op altaarstukken naast heiligen, wat zou helpen bij het Laatste Oordeel, en prinsessen werden op basis van portretten uitgehuwelijkt. Kunstenaars vereeuwigden dierbaren, een monopolie dat ze verloren toen de fotografie kwam. Maar de figuurschilderkunst leefde onverminderd voort als inspiratie voor artistieke kwesties rond kleur en vorm. En nu? Deze internationale tentoonstelling belooft de huidige stand van zaken uiteen te zetten.

Die blijkt vooral divers. De tweehonderd koppen in de grote zaal tonen op tientallen manieren dat ze iets willen zeggen over de hedendaagse mens. Daarmee is meteen de angst weggenomen dat de tentoonstelling gedateerd zou zijn. De koppen vertellen over voyeurisme, hedonisme, eenzaamheid, schoonheid, kwetsbaarheid, noem maar op. Sommigen zijn mooi, zoals de gladde schoonheden van Alex Katz. Sommige zijn dat niet, zoals de oude man die op een doek van Barend Blankert zo voorzichtig in bad stapt. Het zijn vooral gewone mensen – helden of idolen ontbreken in de Kunsthal. Frank Schäpel haalde Christus van zijn voetstuk door hem te portretteren als een jonge vrouw, met striae in plaats van stigmata.

Toen de wereld nog grote ideologieën kende en grote kunststromingen die reflecteerden, bood de kunst een eenduidiger mensbeeld dan in deze versnipperde tijd. Kunstenaars kunnen nieuwsbeelden naar eigen smaak inzetten, als politiek engagement of als stijlmiddel. Maurice Thomassen schilderde een Abu Ghraib-foto na in verleidelijke was- en verflagen, waarbij de esthetische benadering de inhoud domineert. Zijn werk hangt in de Kunsthal naast een schedel van Ronald Ophuis, die gruwelen zegt te schilderen „omdat je toch iets moet verbeelden”.

Het failliet van de grote stromingen wordt door Axel Krause uit Leipzig met enige ironie verbeeld. Hij schilderde een fabriekshal met arbeiders die opvallend recht en fier staan: ze hebben nog niet door dat in deze postsocialistische tijden hun propagandataak erop zit.

In een wereld zonder ideologieën blijft de dagelijkse loop der dingen over. Eberhard Havekost uit Dresden beeldde een vrouw met sigaret af, landgenoot Tom Fabritius een afwassende vrouw, de Amerikaan Eric Fischl een echtpaar in de badkamer. Wolfgang Ellenrieder uit München schildert wazige vakantiekiekjes na: een lachend meisje dat vergeefs een afwerend gebaar richting camera maakt. Een eeuw geleden bleek de invloed van fotografie in de schilderkunst door revolutionaire compositorische afsnijdingen, nu biedt het medium leuke snapshots ter inspiratie.

Het vertier betekent niet dat de expositie vrolijk is. Het verstillen van een lachsalvo is eerder treurig: de vakantie is voorbij en meer biedt het leven niet. Dat memento-mori-gevoel spreekt ook uit de glad geschilderde R&B-orgies van Terry Rodgers. De bezoekers wandelen er rustig langs. Ooit veroorzaakte figuurschilderkunst geregeld relletjes: geklede dames keken te sensueel of naakten waren te ordinair. Die tijden zijn voorbij. Het grootste doek in de Kunsthal toont een zelfbewuste hermafrodiet, door Jenny Saville op ruim vier bij drie meter geportretteerd als een berg bloot vlees. Niemand lijkt er aanstoot aan te nemen.

De curatoren hebben spanningsvolle, eigentijdse doeken van bekende namen samen weten te brengen. Dat vooral de diversiteit erin opvalt, was niet hun plan – integendeel, lijkt wel. Als curator presenteer je graag een samenhangend geheel en de zaalbrieven benadrukken dan ook thematische overeenkomsten. Daarvoor slaan ze ietwat gezochte bruggetjes. De expositie is nu eenmaal net zo gefragmenteerd als onze geïndividualiseerde wereld, en juist daarin schuilt zijn kracht en actualiteit.