Zweden verwelkomt Iraakse vluchtelingen

Geen land buiten het Midden-Oosten neemt zoveel Iraakse vluchtelingen op als Zweden. De bevolking staat welwillend tegenover alle nieuwkomers. „Dankzij Zweden kan ik weer mens zijn”, zegt een asielzoeker.

Rahim verontschuldigt zich, hij is te laat. De 52-jarige oud-docent van de universiteit van Bagdad had vanochtend eigenlijk Zweedse les, maar de zware sneeuwval speelde hem parten. „Dit ben ik niet gewend”, zegt Rahim, terwijl hij in het leslokaal even buiten het centrum van Malmö de sneeuw uit zijn bergschoenen stampt.

Rahim arriveerde vorig jaar in Zweden. De sunnitische moslim vluchtte voor shi’itische militanten die hem tot twee keer toe gevangen hadden genomen en mishandeld, en voor de aanhoudende slachtpartijen in de straten van Bagdad. Zijn achternaam wil hij niet noemen. „Ik sta op dodenlijsten, ze zullen me hier vinden.” Mensensmokkelaars loodsten hem via Turkije naar Zweden; in het hoge noorden wacht hij nu op zijn gezin dat in Damascus zit, hopend op een Zweeds visum.

Geen enkel ander land buiten het Midden-Oosten neemt zo veel Irakezen op als Zweden. Bijna elfduizend vluchtelingen vonden vorig jaar hun toevlucht in dit land van ruim negen miljoen inwoners, een voorlopig hoogtepunt sinds de invasie in Irak. Ter vergelijking: de Verenigde Staten – initiator van de oorlog en een land van ruim 300 miljoen inwoners – lieten 202 Irakezen toe. De Zweedse autoriteiten rekenen dit jaar zelfs op twintigduizend Irakezen.

„Zweden is zeer genereus”, zegt Oskar Ekblad (33), hoofd van de afdeling Asielzaken in Malmö van de Zweedse immigratie- en naturalisatiedienst Migrationsverket. De grote hoeveelheid personeelsadvertenties op het prikbord in de hal van het gebouw, waar tweehonderd mensen werken, spreekt boekdelen. „We hebben een ruimer budget gekregen”, zegt Ekblad, „we breiden uit”.

De milde Zweedse immigratiewetgeving betreft niet alleen ontheemden uit Irak, maar alle soorten nieuwkomers. Zweden vormt al jaren een buitenbeentje in Europa, waar aanscherping van toelatingseisen de laatste jaren tot norm is verheven. Geheel tegen de trend in boekte het land vorig jaar zelfs een immigratierecord (zie inzet).

De Zweedse bevolking staat betrekkelijk welwillend tegenover nieuwkomers, zo blijkt uit onderzoek. De massale instroom leidde ook niet tot noemenswaardige discussie tijdens de verkiezingen, vorig najaar.

Eenmaal in Zweden verkiezen veel Irakezen als nieuwe woonplaats Malmö, een opgeruimde havenstad aan de Zweedse zuidkust. Omdat asielzoekers in Zweden zelf hun woonplaats mogen kiezen en velen al familie of kennissen in Malmö hebben, trekken zij zelf ook hierheen – een bekend migratieverschijnsel. Inmiddels wonen bijna tienduizend Irakezen in Malmö, met 270.000 inwoners de derde stad van Zweden, na Stockholm en Gotenburg.

Om hun integratie te bevorderen krijgen de Irakezen Zweedse les. Rahim en zijn negentig medeleerlingen krijgen bovendien psychiatrische hulp – zij hebben allemaal een trauma meegebracht uit Irak. „Ik heb concentratieproblemen, ik kan niet normaal denken”, zegt Rahim. „Ik heb nachtmerries, ik ben bang dat ik mijn familie kwijtraak.”

Nagwan Albader (23) en haar moeder Hanaa Almansouri (53) hoorden vorig jaar, na drie jaar wachten, dat zij definitief in Zweden mogen blijven. De shi’itische vrouwen vluchtten in 2003 uit Basra naar Zweden maar werden tot tweemaal toe geweigerd, waarna zij hun geluk beproefden in Groot-Brittannië. Omdat Europese regels echter voorschrijven dat een vluchteling maar in één land asiel mag aanvragen, vertrokken moeder en dochter weer naar Zweden – nu met succes.

„Mijn vader werkte voor de Ba’ath-partij”, zegt Nagwan om hun vertrek direct na de val van Saddam te verklaren. In Malmö bezoeken zij nu dezelfde school als Rahim.

Ook de vrouwen waren voor hun vlucht aangewezen op smokkelbendes. De kosten, ruim 10.000 dollar per persoon, vormden niet het probleem. „Je moet niet alle tv-beelden geloven, wij woonden in Irak in een villa”, zegt de stevig opgemaakte, westers geklede Nagwan. „Ik had een Mercedes en een Toyota four-wheel-drive”, vult Rahim aan. Het echte probleem, aldus Nagwan, was „je lot moeten toevertrouwen aan smokkelaars”.

De illegale instroom van Irakezen is de afgelopen maanden fors toegenomen, aldus de Zweedse politie, die ook steeds meer mensensmokkelaars oppakt. Het grote illegale circuit hangt volgens Oskar Ekblad „absoluut” samen met de soepele Zweedse immigratiewetgeving. „Die trekt mensen aan.” Hij ziet een bewijs hiervoor in de omvangrijke paspoortfraude waar zijn dienst eind januari op stuitte.

Migrationsverket, de immigratie- en naturalisatiedienst, ontdekte een paar weken geleden 26.000 valse passen, door de Iraakse ambassade verstrekt aan vluchtelingen. Zweden verklaarde het serienummer van de passen ongeldig – iets wat de meeste andere Europese landen al veel eerder deden. „Misschien is Zweden op dit punt inderdaad laat wakker geworden” aldus Ekblad, die verder niets wil weten van Zweedse naïviteit. „We hebben gewoon erg veel aan ons hoofd met al die aanvragen.”

Vooralsnog wijst niets op een aanscherping van de Zweedse immigratieregels. Wel heeft Migratie-minister Tobias Billström onlangs alle EU-landen opgeroepen meer Irakezen op te nemen, in de hoop de druk op Zweden te verlichten. VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR deed een vergelijkbare oproep. De VS kondigden eerder al de opname van zevenduizend Irakezen aan.

Hanaa hoopt ooit terug te keren naar Irak, maar erg overtuigd klinkt ze niet, zoals ze zelf toegeeft. „Wat kan ik anders doen?” Werk heeft zij niet. Haar dochter voert namens haar het woord, zelf plukt ze vooral nerveus aan haar handtas. Nagwan stelt zich wel in op een toekomst in Zweden. Zij hoopt haar studie informatietechnologie af te maken en dan een baan te vinden. Rahim zegt stellig ooit terug te keren naar Irak. In Zweden gaat hij gebukt onder het gebrek aan familie en vrienden, en werk. „Ik heb aan de universiteit gedoceerd, ik ben ex-diplomaat. Ik kan nuttig zijn.”

De vluchtelingen willen over één ding geen misverstand laten bestaan: hun dankbaarheid jegens Zweden. Rahim: „Geloof maakt niet uit, mensen hier behandelen iedereen gelijk.” Nagwan, die in Zweden is getrouwd met een Irakees: „Hier kun je lachen, hier kun je gewoon zijn. Dankzij Zweden kan ik weer mens zijn.”